Friet, cola en luchtalarm

De raketten van Hamas hebben tot vrijdagavond geen Israëlische levens geëist en alleen wat koeien gedood. In Gaza zijn door Israëlische luchtaanvallen ruim honderd doden gevallen. „Ik geef niet om de burgers in Gaza, want ze geven ook niet om ons.”

FOTO AFP

De dode koeien zijn al geruimd, het gat is gedicht. Alleen het golfplaten dak hangt nog aan flarden. Hier, in een koeienstal in Beer Tuvia, een dorpje in het zuiden van Israël, landde in de nacht een raket uit Gaza. De dieren die het overleefden geven vandaag geen melk. Er staat angst in hun ogen.

Boerin Eti Zuler (68) zit op het terras achter een tafel vol lege koffiekopjes. Ze sliep niet en staat nog stijf van de schrik. Ze is niet bang voor meer raketten. Ook niet boos op de Palestijnen. Maar wel heel verdrietig over haar boerenbedrijf. „Ik had het nieuwe dak, met zonnepanelen, net afbetaald.” De schade is verzekerd, maar toch. „Elf koeien dood. Twintig koeien gewond.” Het doet pijn.

Sinds Israël dinsdag een militair offensief tegen Hamas in de Gazastrook begon, klinkt in Beer Tuvia elke dag een keer of vijf het luchtalarm. Het boerendorp ligt zo’n 30 kilometer van Gaza. Dat betekent dat inwoners ongeveer 45 seconden hebben om een schuilplaats te vinden. Beer Tuvia werd deze week één keer geraakt, in de koeienstal, en de meeste inwoners blijven rustig. Israël heeft een geavanceerd afweersysteem, dat de gevaarlijkste raketten onderschept. Maar sommige dorpelingen zijn uit logeren gegaan in het noorden van het land. En in het zwembad, ’s zomers meestal vol, zwemt er maar één.

Bunkertje

Boerin Zuler piekert niet over uitwijken. Ze woont al 43 jaar in Beer Tuvia, en er komen al dertien jaar raketten uit Gaza. Ze vertrekt geen spier bij het horen van negen ontploffingen achter elkaar. Het is net zo ver weg dat het niet te onderscheiden is of het lanceringen, inslagen of onderscheppingen zijn. Als het luchtalarm in Beer Tuvia klinkt, gaat Zuler ook niet schuilen. Alleen haar schoondochter en kleinkinderen rennen naar een bunkertje, dat ze vorig jaar voor bijna tienduizend euro lieten bouwen. Zuler en haar zoon werken door.

De boerin vindt het geweld dom, van beide partijen. Ze neemt het haar eigen regering kwalijk dat ze niet praat met Hamas om een akkoord te bereiken. „Ik vind dat we de bezetting van de Palestijnse gebieden moeten beëindigen in ruil voor vrede. De status quo is onhoudbaar. Elke paar jaar een ronde van geweld en dan een staakt-het-vuren. En dan weer geweld.” Ze noemt haar premier, Benjamin Netanyahu, laf „omdat hij geen dappere besluiten durft te nemen”. En ze heeft het erg met de bevolking in Gaza te doen. „Maar ik ben met mijn mening in de minderheid in Israël, vrees ik.”

Wel als het gaat om haar empathie met Palestijnen en haar voorstel om te praten met Hamas. Maar dat Netanyahu laf zou zijn, beweren meer Israëliërs. Niet in de laatste plaats zijn voormalige politieke bondgenoot Avigdor Lieberman, die maandag zijn lijstverbinding met Netanyahu’s Likud-partij verbrak, naar eigen zeggen omdat hij vond dat Netanyahu Hamas niet hard genoeg aan zou pakken. Ook onder de Israëlische bevolking zijn er veel die vinden dat Israël te mild is met zijn luchtaanvallen, waarbij deze week meer dan honderd Gazanen om het leven kwamen. Overwegend burgers.

Hamas verpletteren

„Ik geef niet om de burgers in Gaza”, zegt David Haroush (18), die net eindexamen heeft gedaan en tussen de luchtalarmen door probeert van zijn zomervakantie te genieten. „Want ze geven ook niet om ons.” In de kuststad Ashdod, waar Haroush woont, werden donderdag en vrijdag een huis en een auto en een tankstation geraakt.

„Ik ben de sirenes inmiddels wel gewend”, zegt Haroush, „maar ik vind dat we er voor eens en voor altijd een einde aan moeten maken. We moeten Gaza binnenvallen en Hamas verpletteren”. Volgens Haroush is Netanyahu daar te bang voor. „We hebben een sterke premier als Poetin nodig.”

Maar het verpletteren van Hamas is makkelijker gezegd dan gedaan. De beweging beschikt volgens Israël over zo’n tienduizend raketten en bestuurt de Gazastrook al zeven jaar: Hamas is overal. Het uitschakelen van Hamas zal, als het al lukt, heel veel burgerslachtoffers vergen. De internationale gemeenschap zal Israël veroordelen. En een grondinvasie zal ook Israëlische levens eisen.

En als Hamas verpletterd is, wat dan? De Gazastrook opnieuw koloniseren wil alleen uiterst rechts. Weer wegtrekken is ook risicovol. Er zijn in Gaza veel radicalere krachten dan Hamas. Hamas hield die aardig onder de duim, waardoor Israël sinds de wapenstilstand na de laatste confrontatie met Hamas, twintig maanden geleden, relatieve rust genoot.

Tieners vermoord

De spanningen namen toe sinds op 12 juni drie Israëlische tieners op de bezette Westelijke Jordaanoever werden ontvoerd en gedood. Israël hield onmiddellijk Hamas verantwoordelijk en het greep de zoektocht naar de tieners en de ontvoerders aan om Hamas op de Westelijke Jordaanoever een flinke klap toe te brengen. Het verrichtte meer dan zeshonderd arrestaties, meest Hamasleden.

Uit protest tegen deze actie (Hamas ontkent betrokkenheid bij de ontvoering) en tegen de moord op een Palestijnse tiener in Jeruzalem, kwamen er de laatste weken steeds meer raketten uit Gaza. Nadat Hamas maandag een raketsalvo had opgeëist – de eerste keer sinds de wapenstilstand van 2012 – besloot Israël tot een nieuw luchtoffensief en is het weer oorlog.

Het lijkt erop alsof Netanyahu vooralsnog, en net als in 2012, kiest voor de middenweg: een korte en beperkte escalatie die eindigt in een staakt-het-vuren. Het politieke midden van Israël zal hem daar vermoedelijk in steunen, want dat vindt dat Israël de raketaanvallen van de afgelopen weken niet over zijn kant mag laten gaan, maar wil ook niet in de schuilkelders kamperen.

Lior Amar (43), die een keppel en een glimmende zonnebril op het hoofd en twee kleine meisjes op de arm draagt, heeft van nature veel vertrouwen in de Israëlische regering en het leger. „Ze proberen ons te beschermen en het geweld uit Gaza te stoppen.” Hoe ze dat doen, laat hij aan de hoge heren in Jeruzalem over. Hij heeft zijn handen vol aan zijn kleintjes.

Vandaag heeft hij zijn dochters meegenomen naar een winkelcentrum in Ashdod, voor vertier. Hun crèches en zomerkampen zijn op last van het ministerie van Defensie gesloten. Te gevaarlijk. Gisteren zaten ze de hele dag thuis, bij de televisie, en dat leverde de kinderen stress op, aldus Amar. Dus krijgen ze nu friet en cola en ijs en crêpes en mogen ze rennen en gillen en zeuren wat ze willen.

Schuilen in de kleuterhoek

Maar ook in dit winkelcentrum klinkt de sirene. Ouders graaien in paniek hun kinderen bijeen en sleuren ze naar de schuilkamer in de kleuterhoek. Na de aankondiging dat het gevaar is geweken, wordt het spelen, jengelen en snoepen hervat. „Maar echt ontspannen is het hier niet meer”, zegt Amar. „Ik moet altijd heel goed opletten dat mijn kinderen geen trauma oplopen.” Hij heeft ze de routine van de luchtalarmen uitgelegd en verteld dat ze veilig zijn als ze zich daaraan houden.

Tijdens de vorige oorlog, ruim anderhalf jaar geleden, is Amar met zijn gezin naar het noorden vertrokken. Deze keer leek hem dat loze moeite. De raketten reiken ditmaal wel meer dan 120 kilometer ver.

Bang is Amar alleen in de auto, als de sirene klinkt. Hij is taxichauffeur en maakte het deze week al vele malen mee. Auto aan de kant, en rennen. Maar waarheen? Zijn weinige klanten – volgens Amar zijn er deze week veel minder mensen op straat – vragen hem vaak of hij routes wil kiezen door de bebouwde kom, langs gebouwen waarin ze kunnen schuilen. Al rijden ze dan om en betalen ze meer. Dat is dan wel weer mooi meegenomen, grinnikt Amar.

In Israël zijn tot vrijdagavond, op wat boerderijdieren na, geen doden gerapporteerd.