10 groene wandelsteden

John Jansen van Galen wandelt vanuit de stad het groen in. Hij beveelt 10 steden aan waar je zo buiten bent.

Foto Flip Franssen

Dat de stadsmens eerst een eind moet rijden of reizen om in Nederland een mooie wandeling door een groen landschap te kunnen maken, is een misverstand. Het aardige van ons land is juist dat ondanks voortgaande verstedelijking ‘groene scheggen’ doordringen tot in het hart van menige stad.

Neem Arnhem. Vanaf het centraal station loop je door de statige ‘burgemeesterswijk’ meteen park Sonsbeek in en dan kun je noordwaarts verder een hele dag – zonder woonwijken of bedrijventerreinen te doorkruisen – door een snoer van landgoederen wandelen. Die rijgen zich aaneen via Zijpendaal met zijn voorname kasteel, over de golvende akkers van de Gulden Bodem, door de statige bomenlanen van Warnsborn, langs waterpartijen en sprengen op Diependaal. Romantisch is de Groene Bedstee van Mariëndaal, waar de wandelaar ruim een halve kilometer door het koele duister van een beukenloofgang gaat, op weg naar het volgende landgoed.

Wat rond Arnhem kan, kan in zoveel Nederlandse steden. Je weet steeds de stad dichtbij, maar wandelt voortdurend door groen. Soms schemert het silhouet van een flatgebouw of het logo van een fastfoodketen door het lommer, maar dan keert het pad zich alweer het bos in. Steek in Arnhem het stationsplein en de Nelson Mandelabrug over, ga in de uiterwaarden van de Rijn het gebied Meinerswijk in en het is of je de Eusebiustoren in het centrum van de stad kunt aanraken, maar je voelt je toch ver weg: de rivier kabbelt aan je voeten, een haas schicht door het grasland.