Liefdesbrieven Yasunari Kawabata teruggevonden

Kawabata in 1938 (Foto Wikipedia)

De elf brieven van en aan Yasunari Kawabata die deze week werden teruggevonden blijken passages te bevatten die de Japanse schrijver integraal in zijn boeken verwerkte.

Dat schrijft de Japan Times.

De brieven werden aangetroffen in Kawabata’s oude huis in Kamakura, in de Japanse regio Kanagawa.

Het betreffen brieven van Kawabata (1899-1972) en Hatsuyo Ito (1906-1951), de vrouw die gezien wordt als zijn eerste grote liefde. Eén brief is geschreven door Kawabata, de overige tien door Ito. De twee hadden trouwplannen, maar Ito blies die om onduidelijke redenen af. Kawabata vraagt in zijn brief om opheldering en deelt zijn gevoelens over de situatie. “Omdat je niet terugschrijft, maak ik me iedere dag zorgen en kan ik me niet ontspannen.” En: “Ik kan ‘s nachts niet slapen, omdat ik bang ben dat je ziek bent. Ik mis je heel erg, en ik kan niets meer doen totdat ik je zie.” Kawabata verzoekt Ito om naar hem toe te komen in Tokio en “haar oprechte gevoelens” met hem te delen.

Kawabata gebruikte de affaire met Ito in zijn werk. Het korte verhaal Hijo is gemodelleerd naar de verhouding, en in zijn werk zijn zinnen te vinden die in letterlijke vorm in de brieven van Ito zijn terug te vinden. De brieven worden in Japan beschouwd als een belangrijke vondst, die meer inzicht kan bieden in de werkwijze van Kawabata.

Yasunari Kawabata was in 1968 de eerste Japanse schrijver die de Nobelprijs voor Literatuur won. Hij vestigde zijn naam als een ‘neosensualist’, die zich verzette tegen het realisme van de jaren 20. In zijn romans en ‘handpalmverhalen’ getuigde hij van een melancholieke kijk op het Japanse landschap en de oude tradities, bijvoorbeeld in Het geluid van de berg (1949-1954), over een traditionele man die de crises in zijn familie probeert te bezweren. Liefde, of liever seks, speelt een belangrijke rol in Kawabata’s beste roman Sneeuwland (1939-1948, over de liefde tussen een dromerige estheet en een oudere geisha) en in Duizend kraanvogels (1961), dat de theeceremonie als achtergrond gebruikt voor een variatie op een van de liefdesverhalen uit het Verhaal van Genji van de 10de-eeuwse hofdame Murasaki.