Hof: Taal mag geen barrière zijn voor gezinshereniging

Duitsland mag geen taaleisen stellen aan Turkse migranten. Wat betekent dit voor de regels van Nederland en andere EU-landen?

Het Europese Hof van Justitie in Luxemburg bepaalde gisteren dat Duitsland van een Turkse vrouw die zich bij haar man wilde voegen, niet mag eisen dat zij een basiskennis van het Duits heeft. Vier vragen over dit arrest.

1 Waar ging de uitspraak van het Hof over?

De Turkse vrouw bestreed de weigering van de Duitse regering om haar toe te laten. Ze wilde zich herenigen met haar man. De regering stelde dat zij het Duits onvoldoende machtig was, en dat basiskennis van het Duits mag worden gevraagd om de integratie te bevorderen en gedwongen huwelijken af te remmen. Duitse rechters vroegen het Hof vorig jaar om een principebesluit over dit conflict. Het Hof bepaalde gisteren dat een dergelijke taaleis in strijd is met een aanvullend Protocol op het Associatieverdrag tussen Turkije en de Europese Unie uit 1970. Daarin is een ‘standstill-clausule’ opgenomen voor de vrijheid van vestiging. Dat betekent dat na het ingaan van het protocol geen strengere voorwaarden voor vestiging mogen worden ingevoerd. Duitsland heeft de verplichte taaltest pas in 2007 ingevoerd. Het Hof oordeelde dat een taaltest vooraf verder gaat dan noodzakelijk is om het doel (betere integratie) te bereiken. Het wees ook op eerdere arresten waarin staat dat „gezinshereniging de integratie bevordert.”

2 In hoeverre raakt deze zaak Nederland?

De discussie over taaleisen wordt in veel landen gevoerd. Daarom waren behalve de Duitse regering ook Nederland, Denemarken en Oostenrijk in deze zaak vertegenwoordigd (overigens kennen ook de Fransen en de Britten een taaltoets). Een advocaat-generaal van het Hof, een juridisch adviseur, haalde eind april de kranten met zijn stelling dat EU-lidstaten bij gezinshereniging van buitenlanders geen taaleisen mogen stellen aan de partner. De PVV stelde hierover Kamervragen.

3 Heeft deze uitspraak ook hier gevolgen?

Voor gezinshereniging van Turken geldt geen taaltest. Nederland heeft niet, zoals Duitsland, een aanvullende wet voor Turken ingevoerd. Zij hoeven dus geen inburgeringsexamen af te leggen op een ambassade of consulaat. Wel zijn er eisen voor leeftijd en inkomen. Datzelfde geldt bijvoorbeeld ook voor Surinamers met Nederlandstalig basisonderwijs. De Turkse vrouw zou dus in Nederland zonder taaltoets zijn toegelaten, maar wel hebben moeten voldoen aan de andere voorwaarden voor een zogeheten Machtiging tot Voorlopig Verblijf (MVV). Andere EU-landen die na het van kracht worden van het protocol een taaltest hebben ingesteld voor Turken, moeten deze voorwaarde op basis van dit arrest laten vallen.

4 Is het arrest een precedent voor hereniging uit andere landen?

Niet meteen. De rechters in Luxemburg vermeden in hun arrest algemene uitspraken en beperkten zich tot taaleisen voor Turken die naar Duitsland willen. Volgens het ministerie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid zijn met andere landen geen associatieverdragen gesloten met een ‘stand still’ clausule, zoals met Turkije. Daarom kan volgens een woordvoerder van het ministerie geen sprake zijn van een precedentwerking. Maar de discussie is hiermee niet gesloten. In antwoord op de PVV-Kamervragen wees staatssecretaris Teeven (Veiligheid en Justitie, VVD) erop dat de Raad van State het Hof van Justitie in april om een principe-uitspraak heeft gevraagd over eisen voor gezinshereniging. De Raad van State wil onder andere weten of mag worden verlangd dat vreemdelingen over een bepaald kennisniveau beschikken van de Nederlandse taal en van de samenleving, voordat zij in Nederland worden toegelaten.