Column

Een potente vrucht

Appels zijn goed voor het libido van vrouwen. Dit blijkt uit „een nieuw Italiaans onderzoek”, lees ik op Nu.nl. Zelf houd ik niet erg van appels, ik vind ze nogal zurig, maar voor het mannelijk libido zijn ze kennelijk ook helemaal niet nodig, daar zijn misschien andere vruchten voor.

Hoe ging dat „Italiaanse onderzoek” precies? Ze vroegen 731 Italiaanse vrouwen tussen de 18 en 43 hoeveel appels ze gemiddeld aten. Daarna werden ze in twee groepen verdeeld, de ene groep kreeg per dag veel appels, de andere weinig. Wat bleek? Jazeker, de gulzige appeleters bleken desgevraagd geiler. Dit zou volgens de onderzoekers komen doordat appels veel florizine bevatten, „een stof die zou lijken op oestradiol, een vrouwelijk geslachtshormoon dat een rol speelt bij het ontstaan van seksuele opwinding.”

Zou lijken. Dat valt me vaak tegen in dergelijke berichten: net als je hoopt dat iets waar is, volgt er een slagje om de arm. Maar niet getreurd, voorlopig kunnen we (zouden we kunnen) uitgaan van een belangrijk nieuw onderzoeksresultaat. Misschien moeten we wel een oud Engels gezegde opfrissen: an apple a day and the sex is okay.

Of loop ik nu te hard van stapel omdat de wens de vader is van de lust? Opgepast dus. Want nu schiet me te binnen dat je de laatste tijd ook zoveel gunstigs hoort over de kiwi. Mijn handicap is dat de kiwi me nog onverschilliger laat dan de appel: ik vind het een naar niets smakende vrucht.

Maar wat lees ik op gezondheidswebsites als Mens en Gezondheid en 50 Plusplein? Dat die kiwi’s een waanzinnige geneeskracht hebben. Ditmaal zijn het onderzoekers aan de universiteit van Oslo die hebben ontdekt dat twee of drie kiwi’s per dag hetzelfde effect hebben als het dagelijks slikken van aspirine, wat wel wordt voorgeschreven aan hartpatiënten. De boodschap: omdat aspirine ook nadelen heeft, kun je beter zo’n vieze kiwi wegslikken.

Zou het? Als ik Mens en Gezondheid moet geloven, zijn die kiwi’s werkelijk overal goed voor. „Wanneer de kiwi regelmatig wordt gegeten, biedt het bescherming tegen artrose, reuma, astma, oorontsteking, aderverkalking en darmkanker. De ziektevoorkomende werking werkt vooral tegen hartziekten van diabetespatienten.”

Toemaar! Als dit waar is kun je als huisarts beter een kiwiplantage in je achtertuin beginnen. Iedereen die komt klagen, of het nou over zijn likdoorn, zijn hart of zijn darmen is, stop je een zakje met kiwi’s toe. Het zou een gigantische besparing op de gezondheidszorg betekenen, want het maakt de halve artsenij en farmacie overbodig.

Maar er moet dan eerst een vals addertje onder het gras worden opgeruimd. Want bij Mens en Gezondheid wijzen ze er al zelf op, zonder er overigens strenge conclusies aan te verbinden: het meeste wetenschappelijk onderzoek naar de kiwi komt uit Italië vandaan, en laat dat toevallig nu net de grootste producent van kiwi’s ter wereld zijn, nog voor Nieuw-Zeeland.

Dit leidt mij naar twee vragen. Zouden ze in Noorwegen, net als in Italië, ook steeds meer aan kiwi’s willen verdienen? (Ze hebben in Noorwegen al supermarkten, serieus, die Kiwi heten!) En: zou dat „Italiaanse onderzoek” naar de kiwi even betrouwbaar zijn als dat naar de libidineuze appel?

Mochten alle medische claims juist zijn, dan rest er maar één conclusie: wie elke dag een kiwi plus een appel eet, gaat nooit dood en blijft eeuwig potent.