Vlaar

Het verdedigen is wonderschoon. Zolang de Argentijnse aanvallers op veilige afstand lopen, kan het Nederlands elftal met een paar man in het centrum rustig de bal naar elkaar spelen.

Een korte samenvatting van het voetbal in de eerste helft: Vlaar naar De Vrij, De Vrij naar Vlaar. Vlaar, De Vrij, Vlaar, De Vrij.

De achterhoedespelers zitten in een perpetuum mobile van foutloze passes. Miljoenen landgenoten prevelen de twee namen als een mantra mee. Er gebeurt niet veel. Messi valt niet op. Hij loopt maar wat rond en weet niet goed wat te doen.

Daar gaan we weer: De Vrij, Vlaar, De Vrij, Vlaar.

Messi wil zich laten zien. Hij weet dat Vlaar in de buurt is. Het is 1 meter 69 versus 1 meter 90. Messi versnelt met de bal aan de voet. Vlaar volgt. Messi neemt een metertje voorsprong. Op naar het doel. Vlaar maakt zich op voor een sliding.

Het been van Vlaar schuift langzaam uit. Ik zie zijn dijbeen trillen. Het is een enorme ham die in een slagerij aan de vleeshaak met bewondering bekeken zou worden voordat het mes erin gaat. 4 euro per honderd gram, minstens.

Het immense lichaamsdeel begint te glijden over het natte gras. De voet van Vlaar blijft laag. Messi mag niet vallen. Op naar de bal. Een tik. Messi is de bal kwijt.

De verdediger krijgt applaus. Op het toernooi waar de aanval zo vaak gekozen is. Vlaar staat op. Broek goed. Veeg over het hoofd waar een litteken zichtbaar is door het marinierskapsel.

„Ron Vlaar, de man van de wedstrijd”, zegt de tv-commentator na 89 minuten.

Eindelijk is Robben erdoor. Een aanval. Alleen voor de keeper. Maar ook dan een verdedigend been, van Mascherano dit keer. De bal rolt naast.

Verlengen. Afgelopen. Penalty’s.

Vlaar was kwaliteitsvlees dat perfect heeft verdedigd.

Vlaar neemt de eerste strafschop. De keeper pakt de bal. Opeens voelen zijn machtige bovenbenen leeg en zwaar.

Verloren.