Omroepen halen hun spaarpotten leeg

Vijf van de negen omroepverenigingen gaven vorig jaar meer geld uit dan ze ontvingen. Ze teren in op hun nog altijd hoge reserves. De kijker moet dat een keer gaan merken. De politiek wil meer inzicht in de boekhouding van Hilversum.

Ze zongen, ze dansten, ze aten, ze dronken, ze baden. En ze gaven geld uit. Ruim 27.000 jonge christenen kwamen in juni naar het Gelredome in Arnhem voor de jaarlijkse EO-Jongerendag. Het was de veertigste editie van wat de Evangelische Omroep noemt „het grootste christelijke feest voor jongeren in Nederland”. Het is het populairste publieksevenement van de EO. En het lucratiefste.

In 2013 jaar haalde de EO met de kaartverkoop, collecten en een informatiemarkt bij de Jongerendag en de Nederland Zingt-dag in april samen 349.000 euro binnen. Aldus het jaarverslag. Het is de grootste post onder ‘programmagebonden eigen bijdragen’ van de EO. Maar de inkomsten uit beide evenementen dalen wel: in 2012 was de opbrengst nog 360.000 euro.

Het is niet de enige begrotingspost in Hilversum die is gedaald. 2013 was een zwaar financieel jaar voor de publieke omroep. Dat blijkt uit een inventarisatie van de jaarverslagen van de negen ledenomroepen, de taakomroepen NTR en NOS en koepelorganisatie NPO.

Vijf van de negen ledenomroepen gaven in 2013 meer geld uit dan ze ontvingen. Bijna alle omroepen teren in op hun eigen vermogen, in totaal 6 procent. Ze bezitten nog steeds pakweg 100 miljoen euro aan beleggingen en spaargeld, maar de daling is al enkele jaren aan de gang.

En dat gaan de tv-kijker en de radioluisteraar op den duur merken. Minder spaargeld betekent bijvoorbeeld dat de verenigingen minder eigen geld kunnen steken in dure dramaseries of andere programma’s die zij zo belangrijk vinden voor hun identiteit dat zij er meer geld in willen steken dan ze krijgen van de netmanager.

Strengere controle

Is hier nu sprake van slecht financieel beleid? Besteden de omroepen publiek geld wel efficiënt? Staatssecretaris Dekker (Media, VVD) weet het eigenlijk niet zo goed, schreef hij vorige week aan de Tweede Kamer. En vorige week uitten ook het Commissariaat voor de Media en de Raad voor Cultuur kritiek op het toezicht op inkomsten en uitgaven van de publieke omroep.

In de Kamerbrief vorige week, over de uitzendrechten van de Eredivisie, had Dekker het ook over „de doelmatigheid van de besteding van publieke middelen door de omroepen”. Hij vindt dat beter moet worden gecontroleerd of belastinggeld goed wordt gebruikt.

Het Commissariaat stelde dat zij strenger gaat controleren op „de rechtmatige besteding van publiek geld”. En de Raad voor Cultuur schreef dat er weliswaar veel controle is in Hilversum, maar dat die weinig effect lijkt te hebben op „de inhoudelijkheid en kwaliteit van de beleidsplannen”. Dekker wil snel de Mediawet aanscherpen. Na de zomer komt hij met nieuwe plannen.

Negatief resultaat

Hoe deden de omroepen het precies in 2013? De vijf met een negatief resultaat zijn: EO, AVRO, VARA, KRO en NCRV. Alle negen ledenomroepen plus NOS en NTR gaven vorig jaar samen 9,9 miljoen euro meer uit dan ze ontvingen. In 2012 was het resultaat nog 1,6 miljoen euro positief. Geld krijgen omroepen vooral van het Rijk (via de NPO). De NOS ontvangt daarvan 25 procent, de NTR 12 procent, de ledenomroepen elk circa 8 procent. Daarnaast komt subsidie van het Mediafonds en andere organisaties. En ze verdienen aan tv-gidsen, de verkoop van programmarechten en dvd’s en andere verenigingsactiviteiten.

De EO bijvoorbeeld sloot vorig jaar af met een negatief bedrijfsresultaat van 1,2 miljoen euro. In het jaarverslag schrijft de omroep dat onder meer toe aan duur drama als Van Gogh: een huis voor Vincent en De val van Aantjes en meer afleveringen dan verwacht van Knevel & Van den Brink. De VARA zag zijn directe productiekosten stijgen door onder meer de serie Overspel.

Maar het negatieve resultaat komt niet alleen door hogere kosten die direct te maken hebben met tv-programma’s, radio-uitzendingen en websites. In 2013 kondigden zich drie ontwikkelingen aan: de stijgende bezuinigingen, de naderende fusies en de komende ledentelling.

De publieke omroep had vorig jaar voor het eerst te maken met de bezuinigingen van het vorige kabinet (de bezuinigingen van Rutte-II gaan pas in vanaf 2017). Die lopen op tot 127 miljoen euro in 2015. Twee jaar later verlaagt het kabinet de mediabegroting met nog eens 50 miljoen euro. Dat is 30 procent van het totale rijksbudget.

De omroepfusies moet die bezuinigingen grotendeels opvangen, maar die kosten voorlopig meer dan ze opleveren, met name door reorganisatiekosten (zie de kaders). KRO en NCRV hebben een deel van hun beleggingen verkocht bij de start van hun gezamenlijke omroep. De TROS heeft spaargeld gestoken in het nieuwe AVROTROS-kantoor, voorheen van de Wereldomroep.

De AVRO leed een verlies van 4,1 miljoen euro. Daarover meldt het jaarverslag: „Het jaar 2013 is met een fors negatief resultaat afgesloten. Dit is het gevolg van incidentele lasten in verband met de fusie, het 90-jarig jubileum en de ingezette ledenwerving.” Werving en jubileum kostten de AVRO samen 2,3 miljoen euro.

KRO en NCRV schreven fors af op hun gezamenlijke kantoor. „De KRO heeft geconstateerd dat de waarde van het bedrijfspand sterk gedaald is”, stelt de omroep. Het kantoor staat nu voor 5,3 miljoen euro minder in de boeken; de NCRV boekte 4,6 miljoen euro af. Zij zoeken nog een derde huurder, nu voormalig kantoorgenoot AVRO samenwoont met de TROS.

Omroepbladen

Vorig jaar daalden ook weer de inkomsten uit de programmabladen. In 2012 kregen de omroepverenigingen aan abonnementen, losse verkoop en advertenties nog gezamenlijk 97 miljoen euro binnen. In 2013 daalde dat ruim 8 procent naar 89 miljoen. De AVRO bijvoorbeeld had een „fors lager resultaat” dan vorig jaar van AVRObode, TeleVizier en TVFilm. De omroep verdiende met zijn bladen 2,6 miljoen euro.

Het nieuwe Max Magazine is volgens oplage-instituut HOI de enige gids waarvan de oplage stijgt. In het jaarverslag van MAX stelt de raad van toezicht van de seniorenomroep voorzichtig dat „de resultaten van het blad niet substantieel achterblijven bij het businessplan”. Max Magazine moet binnen drie jaar na de start van het blad winstgevend zijn om door te mogen gaan.

Al deze ontwikkelingen hebben de omroepen nog niet arm gemaakt. Wel zijn er grote verschillen tussen oude en jonge omroepen. BNN heeft bijvoorbeeld nog weinig reserves kunnen opbouwen. En dat geldt helemaal voor aspirant-omroepen WNL, PowNed en op termijn HUMAN. Het zet ze op achterstand bij onderhandelingen over een nieuw programmaschema.

Onhelder financieel beleid verzwakt de publieke omroep. In zijn aanbod op radio, tv en online. En in zijn positie ten opzichte van sommige partijen in Den Haag die de naderende bezuinigingen nog lang niet genoeg vinden.