Jonge Afghaanse democratie wankelt

Abdullah betwist zege Ghani

Aanhangers van Ashraf Ghani vieren in Kabul dat hun favoriet op koers ligt om president van Afghanistan te worden. Foto Reuters

De aanhangers van Ashraf Ghani vierden gisteren feest, alsof al vaststaat dat hun kandidaat de nieuwe president van Afghanistan wordt. Uit de voorlopige uitslag van de tweede ronde van de verkiezingen van 14 juni, die de kiescommissie gisteren met forse vertraging heeft gepubliceerd, blijkt dat de vroegere minister van Financiën 56,44 procent van de stemmen heeft gekregen. Zijn overgebleven tegenstander Abdullah Abdullah kreeg 43,56 procent.

Maar Ghani, die hoort tot de grootste etnische groep, de Pashtun, is nog lang geen president. Abdullah, vooral gezien als vertegenwoordiger van de Tadzjiekse minderheid, liet meteen weten dat hij de resultaten verwerpt. Hij riep zich vanmorgen uit tot winnaar omdat er volgens hem „op industriële schaal” is gefraudeerd.

Veel waarnemers vrezen dat Afghanistan door ruzie over de uitslag afglijdt naar een nieuwe uitzichtloze burgeroorlog. Dat zou nieuwe perspectieven openen voor de Talibaan. Het zou ook de omvangrijke westerse hulp sinds 2001 teniet kunnen doen.

De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry probeerde de gedachte hieraan dan ook direct uit te bannen. „Elke poging om de macht met onwettige middelen te grijpen zal Afghanistan zijn financiële hulp en veiligheidssteun van de Verenigde Staten en de internationale gemeenschap kosten”, sprak hij vanmorgen dreigend.

Verkiezingen in Afghanistan vormen een moeizame exercitie, mede doordat grote delen van het land nog altijd zeer onveilig zijn. „De verkiezingen in die gebieden zijn niet goed te controleren”, zegt Martine van Bijlert, co-directeur van het gerespecteerde Afghanistan Analysts Network. Daardoor is het, net als in 2009, ook nu weer nodig de stembusuitslagen grondig te controleren op fraude.

Gisteren voerden de kampen van beide presidentskandidaten nog verhitte onderhandelingen over de aantallen stembureaus waar nog eens grondig naar moet worden gekeken. Zo zouden er in de oostelijke provincie Khost, een bolwerk van Ghani, in de tweede ronde merkwaardigerwijs drie keer zoveel stemmen zijn uitgebracht als in de eerste ronde in april.

Ze werden het ten slotte eens de stemmen uit 7.000 stembureaus opnieuw onder de loep te nemen. Daarmee zijn honderdduizenden stemmen gemoeid, volgens het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken zelfs drie miljoen. Dit kan de uitslag drastisch veranderen. „Het kan nog alle kanten uit”, zegt ook Van Bijlert.

Het kan met die fraude ook meevallen. De Free and Fair Election Forum of Afghan (FEFA), een onafhankelijke organisatie die met 9.000 waarnemers 70 procent van de stembureaus bekeek, stuitte op slechts 118 fraudegevallen. Maar de FEFA was vooral actief in de veilige gebieden. Haar waarnemers constateerden verder dat er veelal via etnische lijnen is gestemd.

De geloofwaardigheid van de Afghaanse democratie staat bij deze verkiezingen op het spel, nadat de verkiezingen in 2009 al werden ontsierd door grootschalige fraude ten gunste van de huidige president Hamid Karzai. De Afghaanse kiezers leverden dit jaar hun eigen bijdrage. Miljoenen trotseerden bedreigingen van de Talibaan om hun stem uit te brengen.

Volgens Van Bijlert staat nog allerminst vast dat al die inspanningen door de afwijzing van Abdullah voor niets zijn geweest en dat het land weer in een spiraal van geweld belandt. „Het is ook deel van de politieke cultuur", zegt ze. „Je dreigt in de hoop dat ze je er toch weer bij halen om mee te praten. Het onderhandelen gaat nog wel even door. Met hun massale opkomst bij de stembus hebben de Afghanen bovendien laten zien dat ze juist willen dat het beter gaat n hun land.” Daaraan kunnen de politici niet zomaar voorbij gaan. Als alles goed gaat, treedt de nieuwe president op 2 augustus aan.

Met medewerking van Joeri Boom