In Holland was Messi voor het laatst kind

In 2005 speelde Lionel Messi het jeugd-WK in Nederland. Achteraf gezien markeert dat toernooi het begin van één van de meest besproken spelers aller tijden.

Het waren simpeler tijden toen, tijdens het WK onder 20 in Nederland in de zomer van 2005. Stiekem met Kun Agüero snoep halen uit de automaat in het Enschedese Dish Hotel. Verliefd worden op een hotelmedewerkster. ’s Avonds kletsen met doelman Oscar Ustari tot zo laat dat Lionel Messi niet meer naar zijn eigen kamer wilde. „We zetten vaak de bedden bij elkaar in mijn kamer zodat Messi in het midden kon slapen”, liet Ustari optekenen in de recent verschenen Messi-biografie van de Spaanse journalist Guillem Balague. „Zo was hij.”

Een jongen nog, die tijdens het toernooi in Nederland achttien werd. De monumentale taak om Diego Maradona op te volgen als Argentijnse aanvoerder die eigenhandig in 1986 de wereldtitel won, daarover sprak nog niemand. Toen hij voor de finale van het jeugd-WK telefoon kreeg van de allergrootste voetballer van Argentinië was hij perplex. „Dat de beste speler van de wereld de moeite nam om met me te praten. Het was te veel”, zou Messi later zeggen.

De Lionel Messi (27) die Nederland morgen treft in de halve finale heeft een voetballeven achter de rug, vier Gouden Ballen, twee Champions Leagues, zes Spaanse titels en olympisch voetbalgoud. Het WK in Nederland markeert het begin van zijn succes. „Het is een droom voor me geweest, ik ben nog steeds niet terug op aarde. Het is iets unieks, iets wat ik nooit zal vergeten”, zei hij na de finale in Utrecht tegen het blad Gente.

Keeper Ustari zag de transformatie van het zoete kind naar het roofdier, zodra het binnen de lijnen stapte. Zoals Messi eens van anderhalf meter de bal op training bijna door hem heen schoot „alsof hij mijn hoofd eraf wilde schieten!” Het zou het belangrijkste kenmerk worden van Messi, de veelvraat. Teamgenoten, coaches, allen zouden buigen naar zijn wil. Al tijdens het toernooi in Nederland speelden op de achtergrond de grote krachten. Zijn club FC Barcelona kwam in Nederland met Messi’s delegatie overeen het contract met het supertalent open te breken tot de zomer van 2014 – nu dus – en een afkoopsom van 150 miljoen moest potentiële kapers afschrikken. Als beste speler van het jeugd-WK, met zo’n prijskaartje om de nek, was het leven zonder druk en heisa ineens voorbij.

Hij had al gedebuteerd bij Barcelona op 16 november 2003, onder de Nederlander Frank Rijkaard. Het kleine jongetje dribbelde in de jeugd van Barcelona op geheel eigen wijze spelers voorbij alsof ze er niet stonden. In het eerste elftal was dat verbazingwekkend genoeg niet anders en de fans van Barça sloten el piojo (de vlo) snel in de armen. Rijkaard probeerde Messi zoveel mogelijk te beschermen, maar de voetballer wilde het liefst overal en altijd spelen. „Hij is gezegend met een groot talent, maar als hij daarnaast niet de bijna gestoorde wilskracht had gehad om alles te geven en progressie te boeken zou het bij hem tot niets hebben geleid”, stelde zijn broer Rodrigo ooit in France Football.

Het ‘grote’ WK van 2006 in Duitsland kwam nog te vroeg voor Messi. Hij speelde nauwelijks een rol van betekenis op het toernooi waarop Juan Roman Riquelme nog de Argentijnse spelmaker was. Messi scoorde tegen Servië, speelde zeventig minuten tegen Nederland in een groepsduel dat in 0-0 eindigde. Maar in de verloren kwartfinale tegen Duitsland maakte de toenmalige bondscoach José Pékerman geen gebruik van het wonderkind. Messi zat met een koptelefoon op de bank en trok zijn voetbalschoenen uit toen hij wist dat hij niet het veld in zou komen. Dat viel niet goed in Argentinië. „Ik doe domme dingen, maar ik laat mijn pijn niet bepalen door of ik speel of niet. Soms zit ik er doorheen”, zei hij daar later over. „Ik lijd als voetballer. Ik weet dat ze zeggen dat ik niet leed toen we werden uitgeschakeld. Het lijkt alsof ik niets voel en van steen ben. Heb ik niet het recht op mijn eigen manier te lijden?”

Een paar maanden later speelde hij zich definitief in de basis van Barcelona. Messi deed in het veld gewoon wat er in hem op kwam. Dat had hij zijn leven lang nooit anders gedaan. Op de stoffige zandveldjes in Rosario en het gras van Camp Nou; hij zag er geen verschil in. Maar de buitenwacht wel. Die zag de opkomst van een nieuwe wereldster en al snel volgden de onvermijdelijke vergelijkingen met Diego Maradona. Dat werd nog eens versterkt toen Messi in 2007 kort na elkaar twee doelpunten maakte die wel kopieën leken van de beroemde treffers van Pluisje op het WK in Mexico: ‘De slalom’ en ‘De hand van God’.

De Copa América in 2007 werd het eerste landentoernooi waarop Messi voor de Argentijnen de belofte moest waarmaken. De Albiceleste waren voor het eerst rondom de nieuwe nummer tien gebouwd. Messi veroverde de harten van de fans in het gastland Venezuela, die massaal shirtjes met de naam van de Argentijn op hun rug liepen. Na een wedstrijd in Barquisimeto springt een meisje van een meters hoge tribune naar beneden om maar even bij haar held te zijn. Messi geeft het huilende kind een kus. Een week later is Messi in tranen als de finale van het toernooi tegen Brazilië verloren gaat met 3-0. „Messi is nog geen Maradonita”, concludeerde de Argentijnse krant Olé.

Intussen harkte Messi prijzen en records binnen voor zijn club, maar in het blauwwit van Argentinië schittert hij nooit zoals in het blaugrana. „Het verschil tussen Barcelona en Argentinië is dat Barcelona niet alleen Frank Sinatra heeft, maar ook goede bandleden. Argentinië had geen goede bandleden”, zegt Gerardo Salorio, fitnesscoach en vertrouwenspersoon van Messi op het jeugd-WK van 2005, in het boek ‘Messi’.

Op het WK van 2010 komt alles samen. Maradona als bondscoach, Messi als nummer tien – maar een gouden combinatie wordt het niet. De neurotische Maradona slaagt er nooit in een elftal te bouwen. Opnieuw is Duitsland in de kwartfinales de beul van Argentinië: 4-0. Messi verlaat het WK zonder zelfs een doelpunt te maken. Maradona is er ironisch genoeg mede verantwoordelijk voor dat hij voor velen de allergrootste blijft. Messi? Fantastisch. Maar geen wereldtitel. In het restaurant Familia Argentina in de wijk Tatuapé van São Paulo hangen posters van Maradona en Messi. ‘Gracias Diego’, staat er bij een beeltenis van Maradona in het trapgat. Messi hangt groot in een zaal waar morgen Argentijnse fans de wedstrijd tegen Oranje bekijken. ‘Vier gouden ballen’ staat op de poster van Messi, maar een ‘gracias’ ontbreekt.

Messi op het WK in Brazilië is in weinig meer het kind in het Dish Hotel in Enschede. Hij is vader van een zoon, hij heeft de druk van een voetbalgekke natie op zijn schouders en tienduizenden meegereisde Argentijnen in São Paulo verwachten niets minder dan de wereldtitel. Messi is in het team van bondscoach Alejandro Sabella herenigd met Gago en Aguëro, met wie hij in 2005 het jeugd-WK won. Maar stiekem snoep uit de automaat halen, die dagen liggen ver achter hem. In Nederland mocht hij voor het laatst kind zijn.