Zo’n dramatisch doemscenario van een groep PvdA’ers

Je kunt de wereld niet in één keer hervormen, vinden Friso de Zeeuw en Jos Feijtel

Volgens Sander Terphuis (NRC, 2 juli) heerst er bij de PvdA een „fundamentele vertrouwenscrisis”. Senator Ruud Koole heeft het over een „electorale put”. En directeur Monika Sie Dhian Ho van het wetenschappelijk bureau van de PvdA, de Wiardi Beckman Stichting, verwijt fractievoorzitter Diederik Samsom dat hij te weinig tegengas geeft aan de „gouvernementele sfeer”.

Hang naar dramatiek en de onweerstaanbare neiging bij sommige PvdA’ers om, juist bij regeringsdeelname, de hele wereld in één keer te willen hervormen, vormen een gevaarlijk explosief mengsel.

Deelname van de PvdA aan een kabinet betekent nooit dat het het verkiezingsprogramma van de partij kan worden uitgevoerd. Met een vanzelfsprekendheid alsof dat wel zou kunnen, noemt Terphuis een reeks van zaken die „aan de VVD zijn weggegeven”. In de opsomming van zaken die in de ogen van Terphuis niet deugen, vormt de kwalificatie van de - op zichzelf ongelukkige - ‘mantelzorgboete’ het absolute dieptepunt: „De bijl wordt aan de wortels van de AOW gezet, de verworvenheid van vadertje Drees”.

Fundamenteel gaat Terphuis in de fout als hij stelt dat nivellering de belangrijkste missie van de PvdA in dit kabinet is. Nee, de taak van de sociaal-democratie is nu primair het bevorderen van economische groei: de koek moet groter want er moeten meer banen komen. Pas dan heeft de discussie over de verdeling van de koek zin.

De hele actie lijkt iets te veel op de ‘schone handen-aanpak’ van Piet Reckman in 1977. Zijn motie zorgde ervoor dat de PvdA zich jarenlang van regeringsdeelname uitsloot.

Terpstra, Koole en Sie Dhian Ho moeten weten dat er ook een PvdA-achterban is die wél beseft dat de PvdA nu eenmaal - en misschien ook wel gelukkig - een minderheid van de kiezers vertegenwoordigt. En die wél beseft dat dit land slechts in kleine stappen verandert. Wij rekenen ons tot dat deel van de achterban.

Natuurlijk valt over de maatregelen van het kabinet te discussiëren. Maar wie in deze tijd de PvdA verwijt dat de rijen bij voedselbanken langer worden en meer mensen in de schuldsanering komen, verliest alle realiteit en redelijkheid uit het oog.

Dit kabinet, inclusief het PvdA-smaldeel, verdient waardering voor zijn hervormingsagenda. Wie had twee jaar geleden durven denken dat de woningmarkt zou worden aangepakt, inclusief een geleidelijke reductie van de hypotheekrenteaftrek? Kijk naar de doortastende aanpak van de zorg door staatssecretaris Martin van Rijn. Het Sociaal Akkoord dat dit kabinet met werkgevers en werknemers sloot, draagt een onmiskenbare PvdA-signatuur.

Terphuis c.s. roepen op om te luisteren naar de mensen op straat. De politiek als doorgeefluik?

Doe het juist andersom: Terphuis moet de straat op om uit te leggen dat er economische tegenwind is, dat we onze bestuurders moeten steunen om scherp aan de wind te varen. Maar aan Terphuis is dat waarschijnlijk niet besteed: hij zwelgt in de dramatiek. „Desnoods moeten er koppen rollen”, zegt hij. Liever niet, maar als het moet, dan, figuurlijk natuurlijk, die van hem.