In het Waldorf Astoria kraken de vloeren expres

Bo&Caro gaan elke dag naar een bedrijf. Ze zijn bij aandeelhoudersvergaderingen, productpresentaties of vrijdagmiddagborrels en willen graag weten: wie is hier belangrijk?

Wat: Een rondleiding door het pas geopende Waldorf Astoria Hotel in Amsterdam.
Wie: General manager Roberto Payer en Marieke Klosters van MKpr Projecten

Voor de entree van het Waldorf Astoria Hotel, aan de Herengracht in Amsterdam, staat een jongen met een zwierige, zandkleurige mantel over zijn schouders. Vanaf vandaag zijn portiers-outfit. “Ik voel me een beetje graaf Dracula met dit ding maar misschien moet ik gewoon nog even wennen.”

De mantel werd speciaal voor het Waldorf ontworpen door Jan Taminiau. Prijskaartje: 3.000 euro. “Ah! Die mantel, mama mia.” General manager Roberto Payer grijpt naar zijn hart. “Ik was in shock toen ik de prijs hoorde. Maar hij is van echt kasjmier, daar ben ik gewoon dol op.” Hij steekt zijn arm uit. “Voel maar aan mijn eigen jasje, ik draag niets anders!”

De vloer kraakt expres

Marieke Klosters van de PR, met wie Payer al twintig jaar samenwerkt, kucht. ”Roberto. Door met de rondleiding.” Payer kijkt haar getergd aan. “Sì, sì, ik wist niet dat jíj hier de baas was…” Hij trekt een deur open. ”Ah! De vergaderruimte. Helemaal in de zeventiende-eeuwse stijl gerenoveerd.”
De oude houten vloer kraakt behoorlijk. “Dat hebben we expres zo gelaten”, verklaart Payer. “Authenticiteit gaat boven onze moderne wensen.” Hij wijst naar het plafond. “Zie je die ornamenten? In die tijd wisten de mensen waar ze mee bezig waren. Dát noem ik beschaving.”

De van oorsprong Italiaanse Roberto Payer is de baas van het vijfentwintigste Waldorf Astoria hotel ter wereld. Daarnaast bestiert hij het Hilton Hotel in Amsterdam-Zuid. En o ja, hij is ook nog penningmeester van het Nederlands Film Festival, voorzitter van de Italiaanse Kamer van Koophandel, hij bemoeit zich met het Grachtenfestival en is – “Marieke! Hoe heet dat ene ook alweer, wat ik nog meer doe?” - Ambassadeur van het Gastvrijheidsgilde.

Geen dag vrij

Veel tijd heeft Payer dus niet. Hij werkt veertien uur per dag. Ook in de weekenden. “De afgelopen vier maanden heb ik geen dag vrij gehad.” Payer, die de hele renovatie van de zes grachtenpanden die tezamen het hotel vormen, onder zijn hoede had, hing vooral met de hoge heren uit Amerika aan de telefoon. “Als je ook maar íéts wil afwijken van het protocol moet je daar een waiver voor aanvragen.”

Klosters onderbreekt: “Moet je dus wél even uitleggen wat een waiver is, hè.” Payer rolt met zijn ogen. “Het komt er op neer dat een commissie van dertig man gaat beslissen of je gordijnen drie centimeter langer mogen zijn dan is voorgeschreven.”

Als Payer dan toch een keer vrij heeft gaat hij het liefst naar de opera. Italiaanse natuurlijk. “Marieke? Hoe heette die opera waar ik laatst was ook al weer?”
“Don Carlos.”
“Si… Schitterend!” Payer sluit gelukzalig zijn ogen. “Die tweede akte!”

“Als we op dezelfde rij zitten loopt hij altijd zo dat ik moet opstaan om hem bij zijn stoel te laten,” vertelt Klosters. Ze glimlacht. “Maar ik ben dol op hem.”