Het kan er ook één van de CIA zijn

Overal vliegen drones rond en ze filmen van alles. De particulier heeft een nieuw speeltje ontdekt.

Benno Roozen met zijn drone: „De buren vinden het juist leuk.” Foto Andreas Terlaak

Een zomeravond in de Groningse Zeeheldenbuurt. Er klinkt gezoem. Een apparaat ter grootte van een stoeptegel zweeft de tuin van Ineke van Buren binnen. Er zitten vier propellers op, eronder hangt een camera. Die zwenkt van links naar rechts en filmt alles wat voorbij komt: de buren, kinderen die buiten spelen, haarzelf. En als de blikvanger landt, knipperen er zwaailichten.

Het was vrij bizar, vertelt Ineke van Buren (47). „Mijn zoon dacht dat de CIA geland was in de tuin.”

Ze plaatst een foto op Twitter en krijgt reacties dat het om een drone gaat: een Phantom 2 Vision +. Via een geheugenkaart in de boordcamera ontdekt ze dat het apparaat een fotovlucht door de buurt heeft gemaakt. De beelden zijn „loepzuiver”. Als ze de politie belt, verwijst de agent haar naar de gemeente. Aangifte doen kan niet.

Ineke van Buren: „De politie zei: hier is geen sprake van een strafbaar feit. Maar is dit dan geen inbreuk op mijn privacy?”

Op de laatste zaterdag van juni kwam er weer een drone naar beneden, deze keer in Haarlem. Daar ondernam de politie wel actie. „Van wie is deze drone?”, vroeg de politie op Twitter. „Letterlijk uit de lucht gevallen in Haarlem Noord.”

Toen de eigenaar zich meldde, kreeg hij een bekeuring. Want vliegen met een onbemand vliegtuigje boven de bebouwde kom is verboden.

In Haarlem wel, in Groningen niet?

„Kennelijk zijn de regels nog niet bij alle agenten doorgedrongen”, reageert een woordvoerder van de nationale politie. Alleen al in het afgelopen jaar zijn er „tientallen bekeuringen” uitgedeeld aan bezitters van drones voor recreatief gebruik. Hun ‘onbemande luchtvliegtuigen’ mogen niet vliegen boven mensenmassa’s, niet boven havens, spoorlijnen en verharde wegen, niet bij vliegvelden en niet in het donker.

De nationale politie bekijkt nu samen met het ministerie van Veiligheid en Justitie de mogelijkheden om de besturing van drones op afstand over te kunnen nemen om ze uit de lucht te halen.

De verkoop van drones wordt niet centraal bijgehouden, maar cijfers van de Inspectie Leefomgeving en Transport doen vermoeden dat er steeds vaker mee wordt gevlogen. In 2010 kreeg de inspectie één melding van een drone die door een vliegtuig- of helikopterpiloot was gespot. Vorig jaar gebeurde dat al zeventien keer en dit jaar tot eind mei negenmaal.

Wie bezitten in Nederland drones? En belangrijker: waarom vliegen ze ermee? Wat drijft de dronebestuurder?

Stom, stom, stom

Het apparaat dat in de Groningse tuin belandde, is van Jan Willem Nicolay (56), een hobbyist. Twee maanden had hij op het allernieuwste model gewacht. Dat moest uit China komen en kostte 1.300 euro. Toen zijn bestelling eindelijk was gearriveerd, kon hij niet wachten om de drone te laten vliegen: „Ik was als een kind zo opgewonden.” De gps-instellingen had hij – stom stom, stom – niet goed ingesteld. Met als gevolg dat de ‘terugkeerknop’ het niet deed en het apparaat na twintig minuten zelf een landingsplek zocht. De batterij was leeg.

Toys for boys, zo verklaart Nicolay zijn hobby en zijn ogen twinkelen: „Ik heb veel modelvliegtuigjes gehad, maar geen één vliegt er zo mooi als deze.” De drone reageert onmiddellijk, zonder vertraging. En als je de joystick loslaat, blijft-ie doodstil in de lucht hangen, ook al waait het stevig. En dan heeft Nicolay het nog niet over de „sensationele beelden” die je ermee kunt maken. Een Amerikaan hing met zijn drone boven een arrestatie van een snelheidsduivel en plaatste de beelden op internet. Een Groninger vloog er ’s avonds mee over de kermis op de Grote Markt. „Vanuit dat perspectief heb je Groningen nog nooit gezien.”

Toys for boys

De buren van een andere dronebezitter, Benno Roozen (54) uit Breda, kregen onlangs luchtfoto’s van hun huizen over de mail toegestuurd. Roozen schreef erbij dat hij met zijn nieuwe ‘quadcopter-drone’ boven hun woningen had gevlogen en prachtige beelden en video’s had geschoten.

„Iedereen reageerde positief”, zegt Roozen, terwijl hij op een veldje aan de rand van Breda de propellers op zijn Phantom draait. „De buren vinden het juist leuk. Dat zal Benno wel weer zijn met zijn speeltje, zeggen ze dan. Ze waren blij met de foto’s.” Hij houdt rekening met hun privacy, zegt hij. Boven mensen vliegen doet hij niet. „Ik wil voorkomen dat ze zich ongemakkelijk gaan voelen omdat ze gefilmd worden.”

Roozen is bedrijfsjournalist voor de provincie Noord-Brabant. Hij schafte zijn drone in de eerste plaats aan om er bijzondere beelden mee te maken. Tijdens zijn werk maakt hij regelmatig video’s en ook in zijn vrije tijd filmt en fotografeert hij graag. „Een drone biedt fantastische mogelijkheden om vanuit nieuwe perspectieven te filmen en fotograferen. Jezelf vastleggen van bovenaf bijvoorbeeld, of je eigen woonomgeving vanuit de lucht. Voordat ik mijn eerste kocht, heb ik me op YouTube vaak verlekkerd aan filmpjes van dronebezitters.”

Het vliegen zelf is ook leuk, vindt Roozen. Hij laat de verslaggever zijn kleinere exemplaar uitproberen. Deze drone zonder camera is al voor 60 euro te koop. Hij is minder stabiel dan grotere en duurdere drones en stort sneller neer. Roozen kocht hem om te oefenen.

Opstijgen gaat prima, maar als het apparaat in de richting van bomen vliegt, is hij door de zon onzichtbaar en verdwijnt hij uit zicht. Ingrijpen is noodzakelijk, maar hoe doe je dat bij een apparaat dat je niet ziet? Na iets te fanatiek bijsturen op het draagbare controlepaneel komt de drone gekanteld voorbij zeilen. Even verderop stort-ie neer in het vers gemaaide gras. Geen schade gelukkig.

Minister

Roozen en Nicolay kochten hun drone allebei bij Toemen Modelsport in Den Bosch. Op de vraag hoeveel drones hij per maand verkoopt, reageert eigenaar Peter Toemen geprikkeld. „Daar zeg ik niets over.” Ondertussen is het in zijn winkel een drukte van belang. Medewerkers lopen af en aan met onderdelen van drones. Waarom wil Toemen niets over de verkoop zeggen? „Uit concurrentieoverwegingen”, zegt hij weer kortaf. Zit Toemen hier misschien op een goudmijntje? Hij wil er niets over kwijt.

Wel vertelt de eigenaar over het publiek dat de drones bij hem koopt. Het zijn vaak mannen. „Een minister bijvoorbeeld, voor privégebruik.” Van de duurdere drones, die van duizenden euro’s, worden acht van de tien volgens Toemen gekocht voor zakelijk gebruik. „Makelaars die er woningen mee filmen, fotografen natuurlijk, maar ook sporters die zichzelf van bovenaf in beeld brengen.” Ook zijn er vogelwerkgroepen die de apparaten gebruiken om er nesten mee te tellen.

Particulieren gaan vaak voor de wat goedkopere modellen. „Als cadeau voor vaderdag bijvoorbeeld. Vaak kopen ze eerst een kleintje en komen ze later terug voor een grotere, meer stabiele drone”, aldus Toemen.

Bij Jan Willem Nicolay in Groningen zijn alle gps-instellingen intussen goed ingesteld, zodat zijn Phantom nooit meer zomaar in een tuin van de buren belandt. Maar de sportevenementen die hij ook wilde filmen laten nog even op zich wachten. „Ik moet eerst meer ervaring opdoen.”

Voorlopig staat Nicolay in de weilanden ten noorden van Winsum. Daar heeft hij binnenkort ook afgesproken met andere dronebezitters, om „samen te spelen”. Samen spelen? „Er staan hier in het grasland prachtige middeleeuwse kerkjes. Daar is het machtig omheen vliegen.”