...bedacht door De Grote Meester

Het meesterschap van Louis van Gaal is al lang bewezen en beschreven en toch is het hem gelukt om, ten overstaan van een miljoenenpubliek van talloze (nieuwe) bewonderaars, zijn tactische lenigheid een nieuwe dimensie te geven. Het onweerstaanbare management van de Nederlandse bondscoach wordt inmiddels wereldwijd bezongen door commentators in de meest lyrische bewoordingen. Superieur inzicht, durf, de ‘Midas touch’ en we hadden al de ‘gouden pik’ die Arjen Robben vermoedde bij zijn trainer.

Of is het gewoon een nuchtere kijk op specifieke kwaliteiten van spelers en navenant handelen? Dat gebeurt niet altijd, zeker niet bij keepers, want die laat een coach meestal staan. Een oude boerenwijsheid leert dat je tijdens het oversteken van de rivier niet wisselt van paard, maar als het ene paard beter is in het stoppen van strafschoppen, „een langere reach” heeft zoals Van Gaal zei en „een beter verleden in het stoppen van strafschoppen” – ja, waarom niet? Zo werkt de meritocratie van Van Gaal.

Terwijl de klok richting de 120 minuten kroop in de Arena Fonte Nova droeg keeperstrainer Frans Hoek het rode briefje met een laatste wisselverzoek over aan de vierde official. Het was maar een klein briefje, met de boodschap: Jasper Cillessen, rugnummer 1, eruit en Tim Krul, rugnummer 23 erin. Revolutionaire zet. Achteraf zo logisch als wat.

Er was zaterdagavond weinig van borstklopperij te bespeuren bij de bondscoach, al bekende hij „een beetje trots” te zijn dat het goed uitpakte in Salvador, in de kwartfinale tegen Costa Rica. Of het bereiken van de halve finale als een persoonlijke triomf over zijn critici voelde, vroeg een Belgische journalist. „Dat heb ik toch niet nodig”, zei de bondscoach, die ver weg bleef van een overwinningsspeech. Er is nog veel meer te winnen. Woensdag wacht Argentinië.

Laatste vier, doelstelling gehaald

Van Gaal heeft de door hemzelf als onrealistisch bestempelde doelstelling van de KNVB, de laatste vier bereiken op het WK, gehaald. En dat in een wedstrijd waarin aan de subdoelstelling – ‘attractief en dominant voetbal’ – aardig voldaan werd. Costa Rica, onmachtig, ijverig en soms vervelend, capituleerde pas voor de intimiderende Tim Krul, de ‘salvador’ van Salvador.

Frans Hoek zei dat het „in het teambelang geen moeilijke beslissing was geweest” om te morrelen aan de onaantastbaarheid van Cillessen. Teambelang! Ook de eerste keeper is daaraan ondergeschikt. Het is bij Van Gaal allemaal van een concrete eenvoud, al ging er dit keer een geheimpje aan vooraf. Cillessen wist van niets.

Wat eerst onnavolgbaar is, gebeurt vervolgens voor je neus en dan is het ineens logisch, zeker met zijn uitleg achteraf erbij als de regisseur die op een dvd commentaar geeft bij zijn eigen film. Na de wedstrijd tegen Mexico kreeg hij de vraag waarin ‘plan B’, de opportunistische variant waarin met Klaas-Jan Huntelaar in de spits de gelijkmaker werd gezocht, afweek van de andere spelsystemen in die achtste finale. „Heb je dat in het veld niet gezien dan?”, spotte Van Gaal.

Maar vervolgens trok hij wel, voor een zaal met tegen de honderd journalisten, ongeveer vijf minuten uit om uit te leggen wat hij in de drinkpauze allemaal had opgedragen aan de groep. Zo verloopt veel volgens plan bij de bondscoach.

Na de zege op Spanje was dat ook wat spelers zo bijzonder vonden tijdens hun eerste WK-wedstrijd met Van Gaal. Het kwam allemaal uit zoals hij had voorspeld en het werd 5-1. Toen Van Gaal, in Nederland nog, een verslaggever eens bij wijze van dolletje bij de keel greep wilde hij al duidelijk maken hoe Spanje bestreden ging worden. Zo dus. En zo geschiedde.

Van Gaals beslissingen vanaf zijn rentree als bondscoach blijken met terugwerkende kracht van een een vooruitziende blik te getuigen, tot aan het prikkelen van de worstelende Wesley Sneijder aan toe. Op het WK in Brazilië valt zijn beleid in elkaar als een legpuzzel, met alle stukjes die samen volgens hem „de beste groep waar ik ooit mee heb gewerkt” vormen.

Het begon in augustus 2012 met een kringgesprek over het mislukte EK waarbij spelers feitelijk, zittend in een halve cirkel rond een bureau met daarachter Van Gaal, meer rapporteerden aan de nieuwe leider dan dat ze elkaar de maat namen. De bondscoach zaaide verwarring door eerst Huntelaar aan te wijzen als zijn eerste spits, maar op dat besluit kwam hij snel terug. „Waar staat geschreven dat ik consequent moet zijn?”, zei hij eens.

Een boeiend zijpad in zijn route naar de ideale samenstelling van zijn selectie is de zoektocht naar de eerste keeper, waarbij WK-finalist in 2010 Maarten Stekelenburg gaandeweg afviel. Per tegenstander koos hij het volgens hem geschikte type doelman uit: Kenneth Vermeer, Michel Vorm, Jeroen Zoet, Krul, Cillessen. Verwachtte hij veel voorzetten? Dan de één. Veel schoten uit de tweede lijn? Dan de ander. Meer meevoetballend vermogen gevraagd? Weer een ander.

Voetbalwereld in Van Gaals greep

Van Gaals profielschetsen voor elke positie zijn de gulden leidraad, niet de credits die een speler opbouwt. Voldoet de ene niet (rechtsback Daryl Janmaat nu, kennelijk) dan komt er een ander in beeld (Paul Verhaegh, Dirk Kuijt zelfs). En als Krul beter penalty’s kan stoppen, dan moet die dus ingebracht worden, als de situatie daar om vraagt.

Nu heeft Van Gaal de voetbalwereld in zijn greep. En Manchester, waar hij volgend seizoen United coacht, kijkt verlekkerd mee. Van Gaal temperde zelf alvast de te voorziene hype rond zijn zogenoemde genialiteit. „Gelukkig pakt het goed uit, want zo niet dan had ik de verkeerde beslissing genomen”, zei hij na de gewonnen strafschoppenserie tegen het bescheiden Costa Rica. „Dat is ook het voetballeven van een coach.”