‘Stilstaan is voor mij de doodsteek’

Tineke Postma

(35) is jazzsaxofonist en componist. Komend weekend speelt ze op het North Sea Jazz Festival.

Foto Maurice Boyer

Synthese

„De afgelopen drie jaar heb ik in New York intensief met Amerikanen gespeeld en veel bijgeleerd. Daar kwam ik Greg Osby tegen, een van mijn grote voorbeelden. Hij werd een mentor, een vriend en we besloten samen een cd te maken. Het was een heel spannend proces. We spelen allebei altsaxofoon, allebei sopraan. Maar zijn spel is abstracter en technischer; ik speel melodieuzer, intuïtiever misschien. We hebben apart van elkaar nummers gecomponeerd en zijn toen de studio ingedoken. De uitdaging was om dicht bij mezelf te blijven en Greg niet te gaan nadoen.”

Vernieuwen

„Hoe wil ik klinken? Daar ben ik heel bewust mee bezig. Als ik soleer probeer ik niet alleen met de noten bezig te zijn, maar me een scène voor te stellen. Dan voelt het publiek die emotie, volgens mij. Op Sonic Halo vertellen de nummers een verhaal, meer dan op voorgaande cd’s. Nine Times a Night gaat over onrustige nachten met een baby, zo klinkt het ook, hectisch. Om nieuwe klanken te vinden leg ik mezelf beperkingen op: alleen die toonladders of dat ritme gebruiken. Ik wil niet op de automatische piloot te spelen, dan raak ik ongeïnspireerd. Dat is ook geen improviseren maar het produceren van wat je altijd doet.”

Autonomie

„Ik gedij bij concurrentie, trek me graag op aan mensen die beter zijn, dat was al zo op het conservatorium. Ik moest voelen dat anderen ook verrekte goed waren, anders ging ik achteroverleunen. Wat ik moeilijk vond op het conservatorium was de veelheid aan informatie van al die docenten. Het maakte me onrustig, ik wist niet waar ik moest beginnen. Mijn afstuderen was daarom een bevrijding: nu ga ik doen wat ík wil, in mijn tempo. Ik ging naar New York, nam lessen, speelde jamsessies in clubs als Blue Note. Voordat ik het wist stond ik in Carnegie Hall.”

Climax

„Op 30 april 2012 mocht ik met Wayne Shorter spelen tijdens de International Jazz Day georganiseerd door UNESCO. Dat was in de beroemde Assembly Hall van de Verenigde Naties in New York, we werden aangekondigd door Herbie Hancock. Het was een droom. Wayne Shorter is mijn held, totaal onbereikbaar, dacht ik. Het voelde alsof ik met Chopin op het podium stond, zo onwerkelijk. Tijdens de repetities fluisterde hij in mijn oor: ‘Let’s start composing now.’ Toen dacht ik: ja, dat is het. Iedere solo is een klein kunstwerk.”

Ergernis

„Ik vind het beledigend als mensen vragen of ik van mijn muziek kan leven. Kom op zeg, dit is een serieus beroep. Als ik destijds had gedacht: daar is geen droog brood in te verdienen, had ik nu niet wereldwijd op geweldige podia gestaan. Als je talent hebt, moet je daarin geloven en knokken. Op de UNESCO-dag sprak ook Ban Ki-moon. Hij schetste hoe jazzmusici samenspelen door te luisteren, een dialoog aan te gaan, hun ego opzij te zetten of van rol te wisselen. Een voorbeeld voor wereldleiders, zei hij. Zo voel ik dat ook. Musici zijn kritische geesten die diepe waarden vertegenwoordigen.”

Lering

„Ik neem bijna elk concert op en luister het terug, megakritisch op mijn eigen spel. Ik probeer te leren meer compassie met mezelf te hebben, erop te vertrouwen dat als het goed voelde tijdens het concert, het ook goed was. Het gaat er om mensen te raken, het hoeft niet perfect te zijn. Toch is perfectionisme ook belangrijk. Zonder dat sta je stil. Ik vind het enorm bevredigend om bij te leren, te voelen dat ik groei. Dat is voor mij de zin van het leven. Stilstaan is de doodsteek.”

Perspectief

„Ik wilde al langer graag een kind, maar ik dacht dat mijn carrière dan voorbij zou zijn. Onzin. Oscar is nu vijf maanden en ik ben alweer op toer geweest. Mijn moeder is meegegaan en dat ging prima. Ik heb nieuwe plannen. Misschien iets met zang, met Esperanza Spalding, een vriendin van me. Nadat ik de Edison won voor The Dawn of Light heb ik met mijn kwartet en het Metropole Orkest gespeeld. Zoiets zou ik willen opnemen. Met mijn vriend vorm ik een duo, daar willen we ook meer mee doen. Ik hou van veel stijlen, sta open voor van alles. Zolang het geen herhaling is van wat ik al heb gedaan.”