Column

Wees bi, verward of dwalend

In de Thalys naar Parijs vertelde Sebastiaan dat hij had overwogen om als hetero naar Parijs te komen. We zouden twee weken lang met nieuwe mensen resideren: een prima moment om een nieuwe identiteit te proberen. Tot hij mij tegenkwam. Ik kende hem immers al langer en wist dat hij ‘normaal gesproken’ met jongens ging. Uiteraard benadrukte ik dat zijn dateverleden geen wet voor het heden hoefde te zijn, maar de begrenzing zat vooral in zijn eigen identiteitsbeleving. Op Tinder had hij wel geprobeerd om meisjes aan te spreken –„omdat homo zijn ook een beklemmend hokje wordt”– maar wanneer het chatten tot afspreken neigde, voelde hij zich toch teveel een bedrieger. Niet zozeer omdat hij zichzelf zou verloochenen, maar omdat hij geen ervaring had: hoe moest dat, met een meisje? En als ze dan over exen kwamen te spreken, zou ze dan vreemd opkijken dat hij alleen vriendjes had gehad? Waar de biseksuele vrouw met een kinky imago kampt, wordt de biseksuele man aan beide kanten toch vaak als ‘net-niet’ bestempeld.

Even later sprak ik Heleen, een Vlaamse radiojournaliste. In Parijs zou ze haar ex (een man, voor de hokjesduidelijkheid) weerzien. Op een ochtend stond hij onaangekondigd voor haar deur, in het gezelschap van een zwerver. Hij droeg een bontjas met tijgerprint en een hoed van stro, waande zich Keizer en wilde gedrieën een Romeins Rijk stichten. Heleen moest absoluut meedoen, omdat ze zo’n geprononceerd profiel heeft, perfect voor op een munt.

Ze was benieuwd hoe het hem nu verging en hoopte dat hij niet was teruggezakt in het sluimermidden van anti-depressiva. „Hij wilde graag in zijn psychose blijven. In die parallelle werkelijkheid leek alles zin te hebben. Geen detail was misplaatst, alles klopte.”

Daarna sprak ik Marieke (ter kennismaking deden we een soort stoelendans in de trein).

Tot voor kort woonde ze bij haar ouders op de boerderij in Friesland. Haar moeder vond het eng dat ze naar Parijs ging. Zelf vindt ze het ook spannend. Ze wil de wereld zien, daar kijkt ze documentaires voor – over de Golden Gate Bridge, over genetisch onderzoek op wormen – maar in het echt is de wereld groot en chaotisch. De overgang van het platteland naar de stad is niet gemakkelijk: „Ik ben de brug nog niet helemaal over.”

Ik kan me voorstellen dat ze nog even wilde blijven dralen – elke voltooide overtocht suggereert een verwijdering.

Oversteken kan bevrijdend zijn, maar de tegenstellingen blijven bestaan. Bruggen brengen ons niet voor niets veilig van wal naar wal. Toch is het midden misschien wel de spannendste plek om te verblijven.

Wees bi, verward of dwalend.