Kan ik mijn kennis en ervaring in Spanje inzetten?

„Ik denk aan wat ik bij mijn studies uit het boeddhisme heb geleerd: leven is ook loslaten.” Dit gesprek is gevoerd en de foto’s zijn gemaakt via Skype.

Levensbeschouwing, geestelijke verzorging, filosofie, godsdienst - in wezen raakt het aan dezelfde kern, aan het vertellen van en luisteren naar levensverhalen. Onder Nederlandse ouderen in Spanje bestaat daaraan een grote behoefte.

„Het lijkt zo mooi: je ‘oude dag’ doorbrengen onder de Spaanse zon. Dat is het ook. Pas nu ik in Spanje woon, realiseer ik me hoe grijs het meestal is in Nederland. De temperatuur, de kleuren, het licht, de cultuur van uitgebreid lunchen en ’s avonds lang aan tafel – het leven in Spanje heeft zoveel aantrekkelijke kanten.

„Maar als je echt oud bent, niet meer zo mobiel en hulpbehoevend, dan kan het hier een moeilijk bestaan zijn. De verzekering tegen ziektekosten in Nederland dekt zoveel meer dan die in Spanje. En dan het isolement waarin ouderen kunnen terechtkomen. Die keerzijde is er ook, onmiskenbaar.

„Toen mijn eigen pensioen in zicht kwam, een jaar of vijf geleden, dacht ik: zal ik de sprong wagen, zal ik in Spanje gaan wonen? Ik heb Spaans gestudeerd, ik spreek de taal. Maar ik kan niet stil zitten en ik hou niet van tennis en zo. Ik heb altijd gewerkt, eb altijd gestudeerd. Ik vroeg me af: zou ik mijn kennis en werkervaring ook in Spanje kunnen inzetten?

„In 2001 ben ik in Nijmegen afgestudeerd in religiestudies. In 2010 heb ik contact opgenomen met professor Hans Schilderman, hoogleraar Zorg en Religie, waaruit een plan is voortgekomen om een aanvullend masteronderzoek aan de Costa Blanca te doen naar de behoefte aan geestelijke verzorging bij Nederlandse ouderen. In de kuststreek tussen Benidorm en Alicante wonen naar schatting zo’n honderdduizend Nederlanders.

„Na de voorbereiding van mijn onderzoek zou ik eerst acht maanden op proef naar Spanje gaan. Ik had een plan gemaakt om er tientallen mensen te interviewen: ouderen, huisartsen, verpleegkundigen, pastoors en dominees en enkele doelgroepen. Na twee maanden wist ik ’t zeker: hier wil ik echt gaan wonen.

„Mijn onderzoek is nog niet klaar. Er is een nare ervaring tussendoor gekomen. Ik had in oktober 2011 mijn huis voor een jaar verhuurd. Aan criminelen, zo bleek later. Ze hebben het huis vol gezet met wietplanten, met van die lampen erboven. „Emotioneel en financieel heeft me dit een enorme knauw gegeven. Het heeft tienduizenden euro’s gekost om de aangerichte schade te herstellen; de juridische procedure om dit geld terug te krijgen loopt nog.

„Door mijn onderzoek kreeg ik contacten in een grote zorginstelling in Benidorm. Daar werk ik nu twee dagen per week als geestelijk verzorger. Eerst als vrijwilliger, nu krijg ik een kleine vergoeding zodat ik de huur van mijn huisje kan betalen. Voor de rest werk ik gratis; ik doe dit werk niet om eraan te verdienen.

„Vrijwel dagelijks ben ik wel met mensen en voor mensen bezig. Ik luister naar hun verhalen. Ik vertel verhalen die aansluiten bij hun levensvragen, bij de herinneringen en situaties waarmee zij worstelen. Dat kunnen bijbelverhalen zijn, maar even zo goed verhalen uit het boeddhisme of andere spirituele stromingen; ik werk niet echt als een dominee of pastoor.

„Nederlandse zorginstellingen zijn wettelijk verplicht geestelijke verzorgers in dienst te hebben. In Spanje kennen ze alleen psychologen om mentale hulp te verlenen. En voor de rest hebben ze de katholieke kerk. Als je ziek bent, komt meneer pastoor op bezoek. Maar dan moet je wel lid zijn van z’n parochie. En je moet Spaans spreken. Dat sluit niet aan bij de behoefte van de oudere expats aan de Spaanse kust.

„Mensen hebben vaak zo veel te vertellen, ook omdat ze, bijvoorbeeld na het verlies van een partner, vrijwel niemand meer hebben aan wie ze in het Nederlands hun verhaal kwijt kunnen. Eenzaamheid is sowieso een probleem onder hoogbejaarden. In Spanje kun je dat nog veel sterker ervaren, als je familie ver weg in Nederland zit, als je geen Spaans spreekt - dan kan het gevoel ontstaan dat je in Spanje opgesloten zit.

„In de verpleegkliniek waar ik nu werk, voer ik ook gesprekken met Spaanse, Engelse, Duitse ouderen. Alleen Spaans spreek ik wat minder dan ik vooraf gehoopt had. Dat is wel een beetje jammer, want juist ook uit liefde voor de Spaanse taal ben ik hier naartoe gekomen.

„Ik woon in een huisje in een dorp buiten Alicante, te midden van overwegend Scandinaviërs. Ik woon alleen, ik ben een halve kluizenaar, en daar voel ik me goed bij. In dit werk is het altijd de kunst een balans te vinden tussen nabijheid en afstand. Je kunt mensen alleen tot steun zijn als je niet volledig meegaat in hun problemen, zorgen en verdriet.

„De ervaringen van de mensen geven natuurlijk ook vorm aan mijn eigen perspectief op de toekomst. Dan denk ik vooral aan wat ik tijdens mijn studies uit het boeddhisme heb geleerd: leven is ook loslaten.

„Regelmatig spreek ik mensen die echt hoogbejaard is, vaak al boven de negentig, en nog steeds strijden om te leven en vooral ook worstelen met gebeurtenissen uit het verleden. Vaak is er onverwerkte rouw, om echtgenoten die al vele jaren eerder zijn overleden. Of boosheid, om verlies van gezondheid, teleurstelling over dingen die ooit wel of niet zijn gebeurd.

„Ik probeer het leven als een cyclus te zien. Alles waaraan je in een leven lang gehecht raakt, wie en wat je om je heen verzamelt aan mensen, spullen en kennis, moet je op een dag ook weer kunnen loslaten. Ik hoop dat te kunnen, als het eenmaal zo ver is. Ik weet ook dat ik dit wel kan zeggen, maar dat ik nu onmogelijk kan inschatten hoe ik zal reageren als die tijd voor mij is aangebroken. Wie leeft, blijft wonderen en raadsels tegenkomen.”