De cavia: de iPhone 5 onder de huisdieren

De kat wordt overschat. Stop met die poezenpromotie, voordat de rest van de huisdieren wordt weggeconcurreerd, betoogt Gemma Venhuizen.

Goed nieuws voor poezenminnaars: alwéér een stukje over katten. En dat terwijl het dit jaar al zo boffen is. De Poezenkrant bestaat veertig jaar, binnenkort opent er een heus kattenknuffelkrioelcafé in Amsterdam. Een paar weken geleden had NRC Weekend een tien pagina’s tellende kattenspecial. En dan zijn er ook nog al die snoezige poezenplaatjes op Facebook. Heerlijk.

Maar, kattenliefhebber, het is tijd voor een waarschuwing. Want katten eisen niet alleen hoofdkussens op, of het beste plekje op de bank. Nee, de kat is in schrikbarend tempo bezig al onze liefde te claimen.

Nog even en de rest van de huisdieren wordt weggeconcurreerd.

Dan heb ik het niet over de hond. Natuurlijk niet. Die kwispelende, kwijlende, goedlikse viervoeter heeft zijn eigen schare trouwe fans. Nee, ik heb het over de paria’s van de huisdierenwereld. De outcasts. De dieren, kortom, die het zonder uitgebreide promotie moeten stellen. Waarom is er geen caviacafé, konijnenkabinet of – de Albert Heijn-folder daargelaten – hamsterkrant?

Met zo veel aandacht voor de kat is er binnenkort geen zichzelf respecterend kind meer dat nog om een goudvis zal vragen. Als we blijven doorgaan met die poezenpromotie, zullen knaagdieren in de vergetelheid raken en hooguit belanden op een Peruaanse barbecue.

De kat wordt overschat. Het is tijd voor de comeback van de cavia.

Een cavia? Zo'n wandelend worstje?

Een kat is te vergelijken met een mobiele telefoon uit 1995: groot, onhandelbaar en vol overbodige uitsteeksels. Een antenne, een staart: wat moet je ermee? Nee, dan de cavia: klein en compact, vrijwel volmaakt ovaal. Simpel design. De iPhone 5 onder de huisdieren.

Je kunt er lacherig over doen, maar de cavia is het enige dier dat dezelfde vorm heeft als zijn eigen uitwerpselen. Dat dwingt toch respect af. (Voor een goede afbeelding van cavia-poep: zie de website flatbonnie.com. Daar kun je voor 6 dollar een pluche caviakeutel met oogjes kopen. )

Het voordeel van een cavia is bovendien dat je zelf kunt kiezen wanneer je hem wilt aaien. In tegenstelling tot de kat, die komt en gaat wanneer het hem uitkomt, is de cavia een betrouwbare schootgenoot. Hij plast af en toe wild, maar caviaplas stinkt lang zo erg niet als een kattenbak.

Ja, maar katten hebben zo’n lekker eigenzinnig karakter.

Eigenzinnig? Stronteigenwijs, zul je bedoelen. Tip: neem liever een wandelende tak. Die doet ook nooit wat je wilt. Als kind had ik eens een terrarium met daarin wat klimopsnoeisel en mijn wandelende tak. Dag in dag uit staarde ik door het glas, in de hoop dat Takkie een kunstje zou doen. Zou bewegen, op zijn minst.

Pas toen we dachten dat de tak dood was, en we de glazen bak leegschudden in de achtertuin, kwam hij tot leven. Takkie schoot weg tussen de hortensia’s en heeft zich nooit meer laten zien. Wel wandelden er weken later tientallen minitakjes door de tuin. Supereigenzinnig.

Een wandelende tak helpt niet tegen muizen.

Gelukkig is er de muizenval. Die bestaat zelfs in een muisvriendelijke variant. Wie echt niet van muizen houdt, kan ervoor kiezen een slang aan te schaffen. Voor pakweg een euro per stuk kun je bij de dierenwinkel lekkere hapjes voor je slang kopen. Ze piepen nog als je ze in een kartonnen doosje meekrijgt. Vervolgens mag je zelf elke ochtend zo’n kraalogig wezentje boven het terrarium houden. Hap, slik, weg: succes verzekerd.

Toegegeven: een slang is niet zo aaibaar. Maar voor een lekker harig vachtje hoef je niet per se een huisdier aan te schaffen. Het ontblote onderbeen van je vriend(in) aait ook heel lekker (vrouwen met een aailustige partner: staakt het scheren!).

Ja, maar er zijn zulke leuke filmpjes van katten.

En foto’s. En strips. Al die leuke dingen zijn mij niet ontgaan, aangezien er vrijwel elke dag een lieve Facebookvriend is die zichzelf ontmaskert als kattenvriend. ‘Oh, moet je dit filmpje zien, echt té schattig!’

Natuurlijk klik ik plichtsgetrouw de Facebook-posts aan, en grofweg blijken de filmpjes in drie categorieën in te delen:

1. Een kat doet iets doms (achter zijn eigen staart aanrennen; vogeltjes op een tv-scherm proberen te vangen; in een bad vallen).

2. Een kat doet iets irritants (klaaglijk miauwen; dingen kapotmaken).

3. Een kat gaat in iets liggen (een doos; een kast; een koffer).

Tuurlijk, ‘dom’ en ‘irritant’ leiden tot topentertainment – denk aan alle reallifesoaps op televisie. Maar wat er zo onweerstaanbaar aan die derde categorie is, dat snap ik niet.

(‘Ach, waren er maar filmpjes van een cavia die in iets gaat liggen, een broodtrommel bijvoorbeeld!’ hoor ik u zeggen. ‘Dan zouden we direct ophouden met dat kattengeneuzel!’ Gelukkig bestaat er een website met de fantastische titel caviapret.nl. Met filmpjes als ‘Kwek de cavia is lekker gras aan het eten’. Echt té schattig.)

Mijn ex-vriend kwam eens thuis met een stripboek getiteld Cat getting out of a bag. De titel dekte de lading: pagina na pagina had de tekenaar afgebeeld hoe een kat in een papieren zak kroop en er vervolgens weer uitkroop. „Kijk dan!” riep hij vertederd. „Dat is toch grappig!”

De relatie sneuvelde. Katten maken meer kapot dan alleen panty’s.