Column

Mug

Er moest een moment komen dat de voetbalwereld in Brazilië verslagen werd door ‘iets’ van buitenaf. Duitsland is als eerste de klos. Bondscoach Joachim Löw heeft zeven spelers met een griepaanval. Dat is bijna één derde van zijn selectie.

Ziek zijn in Brazilië, dat gun je niemand.

Om de Duitsers een handje te helpen, bezoek ik de site van het Nederlands consulaat in Brazilië.

Ai. Slecht nieuws.

In de dichtbevolkte stadsdelen sterft het van Hepatitis A en B, meningitis, cholera, leptospirose. Je hebt je doodsoorzaak in dat land gewoon voor het uitkiezen.

Löw denkt dat het door de airconditioning komt. Ik help het hem hopen. Ik ken het programma op de vrije dagen van de Duitse ploeg niet, maar het zou me niet verbazen als een sociaal betrokken verdediger een rondje door een favela heeft gemaakt, net als Ron Vlaar deze week deed.

Eigenlijk ben je pas in het echte Brazilië geweest als je drie keer hebt moeten bukken voor de rondvliegende kogels van drugsmaffia. ‘Deze armoe moet je in je leven ook gezien hebben’ is het veelgehoorde cliché.

Allemaal heel verantwoord.

En toch, je staat in zo’n wijk drie minuten naast een oude autoband vol stilstaand water en de Aedes Aegypti – ook wel de ‘dengue’ genaamd – prikt je lek. In ruil voor een druppeltje bloed geeft zo’n mug je de gele koorts cadeau.

Duitsland oogde fysiek zo sterk in het begin van het toernooi. Nu was het hoesten en zweten in het spelershotel. Löw zag er met zijn artistieke voorkomen uit als een leider van een dansgezelschap van ballerina’s met gebroken enkels.

Een clash van culturen en werelddelen, dat is óók het WK. Het is Europa versus Zuid-Amerika. Messi tegen De Bruyne. Ruiz tegen De Vrij.

De Zuid-Amerikanen kijken bij het spelen van het volkslied omhoog en slaan kruisjes, de Europeanen smeren hun huid in om de zon en de muggen van zich af te houden.

Ik wacht rustig af welk gedrag het meeste effect heeft.