Wil de echte wereldster nu opstaan

Het WK groeit naar een climax. De echte vedettes moeten laten zien wat ze waard zijn voor hun land nu het er echt om gaat.

Groepsfase? Zinderend. Tweede ronde? Nog zinderender, want slechts één van de acht achtste finales werd voor de tachtigste minuut beslist. Hoe moet dit spektakel op het WK in Brazilië nog overtroffen worden? Met de kwartfinales dus, waar doorgaans WK-geschiedenis geschreven wordt en echte vedetten opstaan in, vaak, de eerste confrontatie tussen de echte toplanden. Nederland-Brazilië, 2010 (Sneijder), Nederland-Argentinië, 1998 (Bergkamp), Argentinië-Engeland 1986 (Maradona). Enzovoorts. Vandaag staan Frankrijk en Duitsland tegenover elkaar in Maracanã, gevolgd door Brazilië - Colombia in Fortaleza.

De confrontatie tussen James Rodríguez van Colombia en de Braziliaan Neymar Jr. werd in een essay in The Guardian aangeduid als „de eerste clash tussen de glamourboys op nummer tien”. De hysterie rond de twee posterboys was volgens de auteur het bewijs dat dit het WK van het individu is, van de verheerlijking van de vedette. Fans van landen die niet of niet meer op het WK zijn identificeren zich uiteindelijk meer met sterren dan met ploegen. Inmiddels kijken 201 landen die bij de FIFA aangesloten zijn toe. Hopend op een superster. Uit welk land maakt niet uit. Zo worden ze ook vermarkt – J-Rod (Rodríguez), Leo (Messi) en, ook hij is er al niet meer bij, CR7 (Ronaldo).

De afgelopen twee edities van het WK voetbal gingen voorbij zonder de verrijzenis van een megaster. Dat de Italiaanse verdediger Fabio Cannavaro speler van het jaar werd in 2006 zei veel over het WK in Duitsland, waarvan weinig vreugdevolle momenten in het collectieve geheugen zijn blijven hangen. Wel de kopstoot van Zinedine Zidane in de finale tegen Italië en de vechtwedstrijd van Oranje in Nürnberg tegen Portugal. Het WK 2010 werd het toernooi van het collectief en Spanje was daarin net iets verder dan Nederland. Maar de Gouden Bal ging naar Lionel Messi, vanwege zijn clubprestaties dus.

Het WK 2014 is voorzichtig toe aan het groeien naar de fase waar de echte vedettes moeten laten zien wat ze kunnen voor hun land als het er echt om gaat. Ze zijn er natuurlijk al, Arjen Robben voorop naast de reeds genoemde grootheden, maar ze moeten er dan wel in blijven. Rodríguez scoorde nu al net zoveel als de gedeelde topscorers op het vorige WK, maar dat zal snel vergeten zijn als het vanavond stopt voor Colombia.

Colombia moet het dus doen zonder superspits Radamel Falcao, en kijk eens aan: de meest overtuigende ploeg van de eerste twee weken is zijn land, gevolgd door Frankrijk en Nederland. Frankrijk verloor Franck Ribéry, de wonderspeler van Bayern München, die dit jaar naast de Gouden Bal greep en daar serieus ontstemd over was. Oranje gooide het systeem om toen Kevin Strootman uitviel

Prikkelende gedachten: wat had Brazilië zonder Neymar gemoeten? Wie weet had het ook ergens wel bevrijdend gewerkt. Afwezigheid van de dragende kracht dwingt tot creativiteit, tot oplossingen waar ook de tegenstander niet aan gedacht heeft, tot het treden buiten gebaande paden. Maar deze hypothese is niet te verifiëren. Neymar raakte geblesseerd in de wedstrijd tegen Chili, en even was er de vrees dat coach Felipe Scolari diep in zijn tactische reserves moest tasten. Hoeft dus niet: Neymar is fit, en speelt met de hunkering van een natie op zijn schouders.

Hoe het gegaan zou zijn zonder Neymar zullen we nooit weten, en dat is gezien het enorme vertouwen dat Brazilië in zijn favoriete speler heeft gesteld, misschien maar beter ook. Dit moet het toernooi van Neymar worden, en zo niet, dan van Rodríguez. De wereld is toe aan een WK-ster.