Tel Aviv slaapt nooit, nóóit!

, schrijven Duitse media. nrc.next verkent steden die het nieuwe Berlijn kunnen zijn.Deze week: Tel Aviv

Een feestje aan de Rothschildboulevardfoto hollandse hoogte

Pork Chop, Bacon, Manchego met als voorgerecht shrimp tempura. Veel mensen hier in het heilige land zouden een rolberoerte krijgen van zo’n menukaart. Garnalen, varkensvlees, varkensvlees met kaas (dubbel fout: vlees en melkproducten mogen niet gecombineerd worden): het luxe Boutique Hotel Montefiore in hartje Tel Aviv heeft een héél erg niet-koosjere keuken. Dit is een plek vol goj, ongelovigen zondaars, maar waar je ’s weekends wél ruim op tijd moet reserveren. Aan een felbegeerd tafeltje buiten zetelen alleen de knapste bezoekers. Arme Moses Montefiore, naamdrager van dit restaurant: de bekende zionist reisde zelf altijd met een joodse slager zodat hij zeker was van een koosjere maaltijd.

Enfin, hier in het Israëlische Sin City kan en mag alles. Het nachtleven in Tel Aviv is wild, de feesten zijn moraalvrij en de stad is overgoten met drugs.

Altijd wakker

Dat de stad nooit slaapt, zoals op de cover van uitgaanstijdschrift Time Out pronkt, is echt waar. Veel (goede) restaurants zijn vierentwintig uur per dag open. Zo ook The Streets Café, altijd druk, met in het weekend zelfs een wachtlijst voor het terras. Het eten is vanzelfsprekend ultra-biologisch, ze schenken er goddelijke koffie en ook om vier uur ’s nachts mag je rustig een ontbijtje bestellen.

Een andere koosnaam van de stad is ‘de bubbel’: Tel Aviv voelt aan als een rimpelloos perfecte wereld. Politiek? Bestaat hier niet. Heel af en toe vliegt er een Apachehelikopter met woestijncamouflagekleuren laag boven de kustlijn. Gevolg is dat de theatraal door een megafoon brullende strandwachtmacho’s (‘Oppassen!’, ‘Dat water uit!’, ‘Horen jullie mij niet?!’) even overstemd worden. Tel Aviv betekent letterlijk ‘lenteheuvel’ en heeft veel weg van Rio de Janeiro: eenzelfde levensenergie, stadsstranden en beide steden hebben gratis buiten-fitness-aan-zee. Alleen in Tel Aviv zie je nog weleens een orthodoxe jood aan de rekstokken hangen en zijn de stranden niet naar wijken vernoemd (Ipanema, Botafogo, Copacabana), maar naar het type bezoeker: homostrand, orthodoxenstrand, naaktstrand. Die van de homo’s en die van de orthodoxe joden liggen trouwens pal naast elkaar, kan allemaal.

De jonge Telavivim, de locals, zien er over het algemeen extreem goed uit. Iets dat misschien wel een logisch gevolg is van wonen in een strandstad met een immer warm klimaat. Scoor een plekje op een van de bankjes op de historische Rothschildboulevard, beschut onder grote groene bomen met aan weerszijden witte gebouwen van Bauhaus-architectuur in perfecte staat. Wacht tot de zon onder is en men langs paradeert. Of je gaat al mensen kijkend dineren op diezelfde boulevard in de ultrahippe cocktailbar Social Club, waar de barmannen fotomodellen lijken en hoogstwaarschijnlijk ook zijn.

Tijdelijke tenten

Vrij ergerlijk in het nachtleven is de onvermijdelijke ‘Ben je Joods?’-vraag. Voor een gratis dinertje of een pikant nachtje kan je het best ‘ja’ antwoorden, maar ook met een ‘nee’ lukt het. Gelukkig is de enige, écht belangrijke vraag in deze stad: welke bars zijn gesloten en welke is er nieuw?

Hippe tenten openen als pop-ups: het gonst, iedereen heeft het erover en opeens boem!, een nieuwe tent die je-van-het is. Erheen, gezien worden en even later boem!, deuren dicht. Weg stamkroeg. Goed opletten dus, voor je het weet pop-uppen dezelfde eigenaren op een andere locatie, onder een andere opvallende naam (‘Elf Olifanten’, ‘Geheime Tuin’, ‘Honden & Katten’ , ‘Betty Ford’) weer iets geheel nieuws en moet je daar weer heen. Opvallend is dat bar Sex Boutique nog altijd open is: beneden een seksshop, boven een bar. Waarschuwing voor ons toeristen: tussen de strakke, zelfverzekerde meisjes in mini-jurkjes, gespierde jongens — zonder shirt, maar veelal met hond — en bloedmooie, jonge ouders met kinderwagens en ijsjes in de hand, wil je niet in je reiskloffie en met wintervetrand rondbanjeren. Tot slot nog een Israëlisch gezegde: Jeruzalem is om te bidden, Haifa om te werken en Tel Aviv om te feesten.