Overvalt de Tour je een beetje? Hier een gids om toch voorbereid te zijn

Dé twee mannen van deze Tour? Chris Froome (links) en Alberto Contador (rechts) samen tijdens de presentatie van de Tour de France in Parijs. Foto EPA/ Yoan Valat.

Even omschakelen. Van catenaccio naar chasse patate, van ziekenhuisballen naar linkeballen. Van de Braziliaanse zon naar de grijze lucht van Engeland, Arjen Robben naar Bauke Mollema. De Tour de France overvalt ons misschien een beetje. Daarom hier een gids om snel voorbereid te zijn.

Op de dag dat Nederland 90 minuten dagdroomt over een halve finale tegen de Belgen en andersom, stappen 198 wielrenners op een fiets in Leeds. Drie weken lang wordt er gereden, tot en met zondag 27 juli. 21 etappes. 3.644 kilometer. Daarna klinkt er in Parijs het volkslied voor een man in een gele trui. Maar welk volkslied? En hoe ziet de route er tot dat moment uit? Hoe zal het dit jaar gaan met Bau en Lau?

Dit was vorig jaar het eindklassement:

  1. Chris Froome (Sky, Groot-Britannië
  2. Nairo Quintana (Movistar, Colombia)
  3. Joaquim Rodriguez (Katoesja, Spanje)
  4. Alberto Contador (Team Saxo-Tinkoff, Spanje)
  5. Roman Kreuziger (Team Saxo-Tinkoff, Tsjechië)
  6. Bauke Mollema (Belkin, Nederland)

Hoogtepunten uit de Tour van vorig jaar:

De route

De renners beginnen dit jaar in Engeland. Voor de vierde keer in de geschiedenis van de Tour, die wordt verreden sinds 1903, zijn er etappes in dat land. Dat was eerder het geval in 1974 (Plymouth), 1994 (Dover en Portsmouth) en 2007 (Londen en Canterbury). De Tour startte er maar één keer eerder, en dat was in 2007.

Week 1: De Tour start, net als vorig jaar, niét met een proloog. Zo’n proloog, een korte tijdrit die vaak niet veel langer is dan tien kilometer, is in de grote wielerrondes het traditionele begin. Fabian Cancellara, de Zwitserse expert op de korte tijdrit, zal ook dit jaar ergens anders zijn eer moeten behalen.

De eerste etappe is een vlakke, van Leeds naar Harrogate, 190 kilometer. Deze rit heeft de Britse sprinter Mark Cavendish ongetwijfeld al met een zwarte stift driedubbel omcirkeld op de poster van het etappeschema boven zijn bed en er wat smileys bij gekrabbeld. Want wat is er mooier dan op eigen bodem de eerste gele trui pakken?

De volgende opvallende rit is de tweede etappe, omdat die nog weleens voor spektakel kan zorgen. Negen heuvels gaan de renners over tussen York en Sheffield, waarvan er één van de tweede categorie is (de op twee na zwaarste). De etappe wordt al de Britse versie van de voorjaarsklassieker Luik-Bastenaken-Luik genoemd.

De Tour heeft dit jaar, precies honderd jaar na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, genoeg historisch besef. In de eerste week trekt de karavaan over het slagveld in het noorden en oosten van Frankrijk. Zo begint er onder andere een rit in Ieper (etappe 5), waar er vier slagen waren. In de rit van Arras naar Reims (etappe 6) voert onder andere over de Chemin des Dames, al eeuwen een slagveld. De Galliërs bevochten Caesar, Napoleon de Pruisen en in de Eerste Wereldoorlog onder andere bekend van het Nivelle-offensief. Aan Franse en Duitse kant samen vielen zo’n 350.000 slachtoffers.

De interessantste rit in de eerste week is de kasseienrit (etappe 5). Voor ons als kijkers dan vooral, de klassementsfavorieten vegen toch de druppels angstzweet van hun voorhoofd. Kasseien, ronde zwerfstenen, zijn eigenlijk niet gemaakt om lekker op te fietsen. Dat is een beetje als inlineskaten op gras, maar dan met meer pijn in de kruisregio. Negen stroken moeten de renners over. De etappe lijkt op de klassieker Parijs-Roubaix. Goed nieuws voor de Nederlanders: die koers werd dit jaar gewonnen door Niki Terpstra.

Onze sportredacteur Derk Walters over het interessante begin van deze Tour:

“Normaal weten klassementsrenners precies wanneer ze een gooi kunnen doen naar het geel. Je begint met een proloog, waar je als tijdritspecialist alvast wat concurrenten achter je kunt laten. In de eerste sprintetappes hou je de schade beperkt, waarna je in de bergen kunt toeslaan.

Dit jaar is het anders. De eerste etappe is geen proloog maar een rit in lijn. Waar die etappe nog een prooi voor sprinters kan worden, moeten de renners een dag later meteen vol aan de bak. Negen heuvels moeten ze bedwingen tussen York en Sheffield, een rit die door sommigen al wordt getypeerd als ‘Luik-Bastenaken-Luik in Engeland’. Maar de grootste vrees zullen de diverse klassementsrenners hebben voor de nu al roemruchte ‘kasseienetappe’ naar Arenberg Porte du Hainaut. Lichtgewichten als Chris Froome en Alberto Contador zullen alles op alles moeten zetten om deze vijfde rit zonder tijdverlies door te komen.”

De route in beeld:

Week 2:

De bergen lonken in de tweede week. Eerst de Vogezen, dan de Alpen. Vooral interessant: de etappe van Gérardmer naar Mulhouse (etappe 9), met daarin zes cols, waarvan één van de eerste categorie en twee van de tweede, en de etappe van Mulhouse naar La Planche des Belles Filles (etappe 10): zeven beklimmingen, waarvan vier van de eerste categorie én een aankomst bergop.

Dan komen de Alpen, waar de klassementsrenners elkaar vooral in twee ritten proberen op achterstand te zetten. Zo begint de etappe van Saint-Étienne naar Chamrousse (etappe 13) op zich rustig, maar moet er naar de finish de eerste beklimming van de buitencategorie (HC, hors categorie) deze Tour wordt overwonnen: 18,2 kilometer omhoog met een gemiddeld stijgingspercentage van 7,3 procent.

En dan is er de etappe van Grenoble naar Risoul (etappe 14): drie beklimmingen, waarvan twee van de eerste categorie en een van de buitencategorie en weer een aankomst bergop. Dit worden twee zware dagen voor de favorieten.

Week 3:

Bij het analyseren van de Tour-route wordt altijd besproken waar het zwaartepunt ligt. Meestal ligt dat óf in de Alpen, óf in de Pyreneeën. Dit jaar ligt het in de Pyreneeën. Drie bergetappes zijn er, deze laatste week. Na een rustdag op maandag 21 juli mag het peloton drie dagen vol aan de bak.

De rit van Carcassonne naar Bagnères de Luchon (etappe 16) gaat over bekende Tour-beklimmingen als de Portet-d’Aspet en de Port de Balès om met een afdaling te eindigen. Daarna volgt wat we even bombarderen tot de Koninginnerit. De etappe van Saint-Gaudens naar Saint-Lary - Pla d’Adet is heel kort (124,5 kilometer), maar heel venijnig. Vier beklimmingen van de eerste categorie en een aankomst bergop. Het is klimmen, dalen, klimmen, dalen.

De dag erna wachten nog Tour-reus Col du Tourmalet (2.115 meter) en wordt er geklommen naar Hautacam. De laatste dag voor de klassementsrenners om nog écht een gat te slaan of om een eventuele voorsprong, met het oog op de enige tijdrit van deze ronde (etappe 20), uit te breiden.

De tijdritspecialisten komen bar weinig aan hun trekken deze ronde, zegt onze sportredacteur Derk Walters:

“Het wordt de tijdritspecialisten sowieso niet makkelijk gemaakt: er is geen proloog, geen ploegentijdrit, geen klimtijdrit. Pas op de voorlaatste dag mogen de tijdrijders hun kunsten vertonen, tussen Bergerac en Périgueux. Dan hebben ze er al drie serieuze gebergten - Vogezen, Alpen en Pyreneeën - op zitten. Als het het doel van de organisatie was om een voorspelbaar koersverloop te verhinderen, dan lijkt dat op voorhand uitstekend gelukt.”

De Tour van vorig jaar in foto’s:

De favorieten

Maar op wie moeten we dan gaan letten die drie weken? Sprinters natuurlijk, Marcel Kittel, Mark Cavendish, André Greipel, Alexander Kristoff, John Degenkolb, Peter Sagan. Misschien, heel misschien wel, onze Danny van Poppel, die vorig jaar in de allereerste etappe al eens derde werd. Deze groep zal gewoonlijk de meeste etappes gaan verdelen als het aankomt op een sprint. En in veel vlakke etappes, en die vormen traditioneel de meerderheid van een grote ronde, is dat het geval. Zij zullen ook ongetwijfeld, mits ze de ronde uitrijden, de kanshebbers zijn voor de groene trui, die wordt overhandigd aan de beste sprinter.

De startlijst:

Twitter avatar letour Le Tour de France LISTE OFFICIELLE DES PARTANTS DU #TDF / OFFICIAL START LIST #TDF ! 44 french riders vs 10 German riders. #FRAGER http://t.co/YFgtWR5qLg

Maar dan het klassement. Vorig jaar won de Brit Chris Froome, voor de Colombiaan Nairo Quintana en de Spanjaard Joaquim Rodriguez. Quintana, de beste klimmer die er momenteel rondrijdt, is er niet bij. Hij geniet nog wat na van zijn winst in de Giro d’Italia, een van die andere twee grote rondes. Rodriguez wel, maar dat was lang niet zeker. Hij brak een vinger en drie ribben in de Giro, maar start toch. Met hem moet je altijd rekening houden in de bergen, maar of hij het Froome dit jaar moeilijk kan maken?

Onze sportredacteur Derk Walters vindt Froome dit jaar niet zo sterk overkomen als vorig jaar:

“Natuurlijk is titelverdediger Froome de grote favoriet. Maar zijn tot op heden ongeschonden staat van dienst begint barstjes te vertonen. Zo werd hij in de door Talansky gewonnen Dauphiné slechts twaalfde. Ook oogt zijn Sky-ploeg niet meer zo sterk als in voorgaande jaren.

De grootste uitdager is Contador. In voorgaande jaren kwam hij zowel bergop als in tijdritten tekort tegen Froome, maar het gat tussen de twee favorieten lijkt te zijn gekrompen. Andere kanshebbers zijn de Italiaan Vicenzo Nibali (Astana) en de Spanjaard Alejandro Valverde (Movistar). Nibali won al eens de rondes van Italië en Spanje, maar kwam in Frankrijk nog niet verder dan de derde plaats. Alleskunner Valverde heeft de zesde plaats als hoogste klassering tot nu toe, maar wil er op zijn 34ste nog een keer vol voor gaan.”

Chris Froome (links) en Alberto Contrador (rechts). Wint een van de twee?

Chris Froome (links) en Alberto Contrador (rechts). Wint een van de twee? Foto EPA/ Jose Manuel Vidal

De sensatie van deze Tour zou weleens de Amerikaan Andrew Talansky kunnen worden, volgens Walters. De 25-jarige renner van de Garmin-ploeg eindigde vorig jaar als tiende en wist vorige maand heel verrassend Froome en Contador voor te blijven in het Critérium du Dauphiné, een van de belangrijkste voorbereidingskoersen op de Tour. Talansky werd ook al eens zevende in de Vuelta, de laatste van de drie grote rondes.

De Nederlanders

En dan de Nederlanders. Vorig jaar was het de Tour van ‘Bau en Lau’. Nederland was even wielergek toen Bauke Mollema en Laurens ten Dam van de Belkin-ploeg lang samen in de top tien van het klassement reden. Mollema werd uiteindelijk zesde, Ten Dam dertiende. De twee zijn er dit jaar weer bij, superbergknecht - want dat was hij vorig jaar even - Robert Gesink niet. Gesink liet zich behandelen aan hartritmestoornissen en voor hem komt de Tour te vroeg. De nieuwe Gesink is nu Steven Kruiswijk, die al eens achtste werd in de Giro d’Italia (2011).

Mollema is sterk, de vorm van Ten Dam is een beetje moeilijk te bepalen. Ze reden beiden de Ronde van Zwitserland, een andere belangrijke voorbereidingskoers. Mollema reed naar een prima derde plaats in het eindklassement, achter de Portugese winnaar Rui Costa en en Zwitser Mathias Frank. Ten Dam werd dertiende.

De gele trui lijkt misschien een paar stappen te ver, maar dit jaar zijn er goede kansen voor in ieder geval een ritzege, zegt Walters:

“Dit jaar zijn er wel enkele kandidaten aan te wijzen voor een ritzege. Zo wordt er van Niki Terpstra (Omega Pharma-Quickstep), dit jaar winnaar van Parijs-Roubaix, veel verwacht in de kasseienetappe. Tom-Jelte Slagter (Garmin) bewees dit voorjaar zijn talent voor het winnen van sprintjes heuvelop. En Tom Dumoulin (Giant) geldt als een goede tijdrijder, al zal hij nog niet opgewassen zijn tegen ‘Der Panzerwagen‘ Tony Martin (Omega Pharma-Quickstep). In de Ronde van Zwitserland verbaasde Dumoulin vorige maand echter door prima mee te kunnen in het hooggebergte. Hij maakt de meeste kans op een ritzege als hij een keer meezit in een goede ontsnapping.”

Nederlandse wielerfans in bocht 7, de plek waar ze zich traditioneel verzamelen wanneer de etappe over de Alpe d’Huez leidt. Foto ANP / Koen van Weel

De Twitter-accounts die je moet volgen:

Het WK mag dan in de eerste week nog wel dubbelen met de Tour, een Touretappe is afgelopen voordat het voetbal losbarst, dus via de NOS is genoeg wielerspektakel te volgen dit jaar. Ook zal Mart Smeets gewoon met zijn wijntje op prachtige Franse pleinen nababbelen met de kenners en liefhebbers. Er wordt alleen soms wat geschoven in uitzendtijden.

Maar Twitter leent zich ook uitstekend voor het volgen van de Tour, als je Mart Smeets, Maarten Ducrot en Herbert Dijkstra niet genoeg vindt. Hier een paar accounts die het volgen waard zijn:

The Inner Ring

Tour de José / Tour de José Live

Mikkel Condé

Het is koers!

Natuurlijk kun je ook individuele renners volgen, een ruime meerderheid zit op Twitter. Volg ook het officiële account van de Tour de France en onze Tour-man Derk Walters.

En volg nrc.nl natuurlijk de komende drie weken, want ook wij zullen uitgebreid verslag doen.