Kan nog net: kreeft van eigen zeebodem

De vaderlandsliefde die opbloeit door de prestaties van het Nederland elftal op het WK voetbal treedt buiten de lijnen van het voetbalveld. Niet alleen de oranje etenswaar ligt opgetast in de schappen van de supermarkt, maar ook de als nationaal voedsel beschouwde blokjes kaas, bitterballen en bier van eigen brouwers. Mooi, die waardering voor producten van eigen bodem, maar de eigen zeebodem heeft ook wat te bieden.

Denk aan Oosterscheldekreeft, mosselen, zeekraal, kokkels, garnalen, schar en al de andere zilte genoegens die de Noordzee ons schenkt. Het seizoen voor Oosterscheldekreeft loopt half juli al weer ten einde, dus snelheid is geboden. Als begeleiding is een schuimige kerriesabayon een elegant alternatief voor mayonaise.

Zet de kreeft 1 à 2 uur in het vriesvak. Laat ondertussen in een fikse pan zachtjes kokend water de in stukken gesneden ui, wortel en bleekselderij een half uur trekken met 1 dl witte wijn, de tijm, de peperkorrels, het laurierblad en flink wat zout. Laat het water borrelen en kook de kreeft gaar. Dat vergt zes à zeven minuten voor twee kleine kreeften en elf à twaalf minuten voor een grote.

Gebruik een pan met een dikke bodem. Meng de kerriepoeder door 1 dl witte wijn. Doe de eidooiers erbij en zout en peper naar smaak. Klop op een zeer laag vuur het mengsel met een garde of een handmixer tot een schuimige, gebonden saus. Serveer de warme saus onmiddellijk na de bereiding. Prefereert u een koude saus, zet de pan in ijswater en blijf kloppen tot de sabayon is afgekoeld. Bewaar de saus tot gebruik afgedekt in de koelkast. U kunt hem zeker een dag bewaren. Roer er voor een mildere, maar ook rijkere saus vlak voor het serveren van de koude sabayon voorzichtig twee eetlepels lobbig geklopte, ongezoete slagroom door.