Juristen verdeeld over Zwarte Piet-uitspraak

Burgemeester Van der Laan hield onvoldoende rekening met mensen die zich gekwetst voelen door Zwarte Piet. Hoe hij het wel had moeten doen, zeiden de rechters niet.

Het Comité Zwarte Piet Niet protesteerde een dag voor de intocht in 2013 in Amsterdam.

Kan een burgemeester officieel besluiten wanneer Zwarte Piet nog net wel of net niet meer racistisch is? Burgemeester Van der Laan van Amsterdam heeft zes weken de tijd om het antwoord te vinden.

De rechtbank Amsterdam oordeelde gisteren dat Van der Laan vorig jaar „onzorgvuldig” heeft gehandeld bij de verlening van een vergunning voor de intocht van Sinterklaas. Van der Laan heeft onvoldoende afgewogen of de figuur van Zwarte Piet – een ‘racistisch stereotype’ volgens de rechtbank – een zodanige „inbreuk op het privéleven van zwarte mensen” zou zijn, dat hij voorwaarden over deze figuur in de vergunning had moeten stellen. Bijvoorbeeld dat er ook pieten moeten rondlopen met steil haar, of dat ze rijden op een paard.

Van der Laan krijgt zes weken om zijn besluit te herzien of in beroep te gaan. De burgemeester zei gisteren dat hij overweegt om beide te doen.

Juristen zijn verdeeld over het oordeel van de rechtbank. Jon Schilder, hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, vindt het „geen goed doordachte uitspraak”. „In ons staatsbestel mag de burgemeester zich juist nadrukkelijk niet uitlaten over de inhoud van evenementen of demonstraties waarvoor hij een vergunning moet verlenen. Hij dient louter te oordelen of die op gespannen voet staan met de openbare orde.”

De bestuursrechter geeft geen aanwijzingen hoe Van der Laan dan wel had moeten beslissen. Maar het is bij uitstek een taak voor de onafhankelijke rechter, zegt Schilder, om een afweging te maken tussen twee botsende belangen: vrijheid van meningsuiting en dat van het ongestoorde privéleven. De rechtbank dwingt de burgemeester nu in de rol van zedenmeester. „Op basis van welke regels moet Van der Laan nu besluiten welke Piet aanvaardbaar is?”

Volgens advocaat Jan van der Grinten van Kennedy Van der Laan moet de burgemeester zich hiervoor verdiepen in artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Op hetzelfde artikel hebben de anti-Piet-activisten met succes een beroep gedaan. Lid 2 somt op met welke redenen de overheid wel een inbreuk mag maken op het privéleven van de EU-burgers. Veiligheid bijvoorbeeld, volksgezondheid of de goede zeden. Maar de burgemeester kan straks ook de rechten van andere burgers – die Piet liefst Zwart zien – aanvoeren als hij besluit de vergunning voor de intocht ongewijzigd te laten, zegt Van der Grinten. Volgens de advocaat is dit de maatstaf die de burgemeester moet hanteren. Het blijft lastig, zegt Van der Grinten. „Is er een Zwarte Piet mogelijk die iedereen bevalt?”

Van der Laan schreef eerder dat een oordeel over de Sinterklaastraditie „geen bestuurlijke kwestie is of zou moeten zijn”. Vicepremier Lodewijk Asscher zei gisteren: „Het Sinterklaasfeest kan niet van bovenaf worden opgelegd.”

Ja, het is lastig voor de burgemeester, zegt Jan Brouwer, hoogleraar algemene rechtswetenschap in Groningen, maar hij móét die afweging maken. Brouwer – „ik ben een van de weinigen die deze zeer zorgvuldig opgebouwde uitspraak verwelkomen” – zegt: „Dit is de tol die we voor ons koloniale verleden betalen.”

De juristen zijn het over één ding eens: de rechtbank heeft het cultuurrelativisme een ingang in het openbaar bestuur gegeven. De bevindelijke christen kan zijn pijlen nu richten op opzichtige homo’s in de Gay Pride, de orthodoxe moslim kan bezwaar maken tegen een liederlijk festival. En hoe onmogelijk ook, de burgemeester zal op grond van deze uitspraak telkens een fair balance moeten vinden tussen het algemeen belang, de vrijheid van expressie van de beklaagde en de inbreuk die zo’n evenement op het privéleven van de klager maakt.

Van der Laan wees er gisteren op dat hij als „burgervader” besprekingen voert met alle partijen, met het doel van Sinterklaas weer „een feest van alle 820.000 Amsterdammers” te maken. Hij vroeg zich ook af of deze uitspraak hem bij dat proces van mediation zal helpen. Vooral het oordeel van de rechter dat Zwarte Piet in zichzelf racistisch is, kan volgens de burgemeester „de emotie weer terug op tafel” brengen.