De vaste boekenprijs krijgt nog één kans

Foto ANP

Geef de vaste boekenprijs een laatste kans om zich te bewijzen. Dat adviseert de Raad voor Cultuur vandaag aan minister Bussemaker (PvdA, Cultuur). De raad stelt een aantal voorwaarden voor. Als daar over vier jaar niet aan is voldaan volgt de afschaffing van de vaste prijs.

1. Waarom komt minister Bussemaker nu met dit besluit?

De minister, die moet besluiten of de Wet op de vaste boekenprijs gehandhaafd blijft, had de raad om advies gevraagd. In de wet staat dat die periodiek geëvalueerd moet worden, en nu is weer zo’n moment.

2. Hoe werkt de vaste boekenprijs eigenlijk?

De Wet op de vaste boekenprijs bestaat sinds 2005 en bepaalt dat boekverkopers elkaar niet op prijs mogen beconcurreren. De uitgever of importeur van een boek stelt de prijs vast en alle verkopers moeten zich daar aan houden.

3. Waarom? We leven toch in een vrije markt?

De redenering erachter is dat een vaste prijs voor bestsellers de uitgave van minder goed lopende, maar cultureel belangrijke titels mogelijk maakt. En dat boekhandels met een specifiek assortiment het niet afleggen tegen Bruna, AKO, Bol.com en de supermarkt. Zo blijven minder goed lopende titels toch breed beschikbaar. Pluriformiteit en beschikbaarheid worden op deze wijze gegarandeerd.

Vóór de invoering van de wet hanteerde de sector dezelfde regels. Die waren opgenomen in het Reglement Handelsverkeer.

4. Wat is het argument om de vaste prijs af te schaffen?

De wet heeft altijd felle voor- en tegenstanders gekend. Grofweg: cultuurminnaars versus vrijemarktgelovigen. Vorige maand pleitte de Autoriteit Consument en Markt in deze krant voor afschaffing. „De vaste boekenprijs biedt misschien meer mogelijkheden om incourante titels te voeren, maar geeft geen prikkel om dat ook te doen”, was een van de argumenten van de toezichthouder. De consument is de dupe omdat die een hogere prijs betaalt en minder boeken koopt.

5. Dus er wordt juist minder gelezen door de vaste boekenprijs?

Het grote probleem met de wet is dat er niet is vastgesteld dat zij werkt. „Daarom is het onduidelijk welke conclusies je moet trekken”, licht algemeen secretaris van de raad Jeroen Bartelse toe. „Als je geen duidelijkheid hebt over het effect en er zowel argumenten voor als tegen zijn, moet je de wet nu nog intact laten en in economisch zware tijden niet afbreken.”

De Raad voor Cultuur begint zijn advies met de opmerking dat „elk concluderend standpunt over de Wet op de vaste boekenprijs een normatief karakter heeft”. Boeken zijn „zowel economisch verhandelbare goederen als cultuurdragers”.

De raad waarschuwt herhaaldelijk voor de gevolgen van de ontlezing. Die kan, in elk geval op termijn, gevolgen hebben voor de competenties van docenten, in een samenleving waarin opleidingssucces en de opbrengsten van de kenniseconomie mede afhankelijk zijn van leesvaardigheid.

6. Hoe staat het met de boekverkopen?

Naar verwachting is eind dit jaar de omzet in het boekenvak met 25 procent gedaald ten opzichte van vijf jaar geleden. Verkopen uit e-books compenseren de teruggang van papieren boeken bij lange na niet.

7. Wat gaat er de komende vier jaar gebeuren?

De raad adviseert de wet de komende vier jaar te handhaven, maar onder voorwaarden. Als die niet gerealiseerd worden, „ligt liquidatie van de wet over vier jaar in de rede”.

Als eerste voorwaarde stelt de raad dat de boekensector aan de overheid inzichtelijk moet maken welk deel van de inkomsten wordt gebruikt om de pluriformiteit en beschikbaarheid van boeken te bevorderen. Door de wet bestaat er tussen de overheid en de sector „een reciproque verbintenis, die vergelijkbaar is met de relatie die ontstaat bij het aanvaarden van een overheidssubsidie.” Bedoeld wordt dat de overheid eisen mag stellen.

Ten tweede moet de overheid laten onderzoeken of er alsnog een goede evaluatiemethode kan komen. Dat is tot nu toe niet gelukt en lijkt ook heel moeilijk, omdat er in Nederland geen praktijksituatie is zonder vaste boekenprijs, waardoor cijfermatige vergelijking onmogelijk is. Ten slotte moet de overheid onderzoeken of er aanvullende steun voor het boekenvak nodig is, ook met oog op het belang van boeken voor het onderwijs.

De raad adviseert de branche om meer samen te werken op het vlak van innovatie.

8. Wat is de waarschijnlijke uitkomst: afschaffen of niet?

Hans Bousie, die als onafhankelijk adviseur heeft meegewerkt aan het advies, zegt dat het tot nu toe niet gelukt is de de effectiviteit van de vaste prijs aan te tonen. „Als dat had gekund, was het al wel gebeurd”, zegt hij. „Ik verwacht daarom dat het heel moeilijk zal worden. Op termijn zou er dus best een afschaffing kunnen komen.”

Bartelse vindt die lezing te negatief. „Tot nu toe is er geen deugdelijk onderzoek gedaan naar de effecten. Er moet eerst serieus gezocht worden naar betere alternatieven.”