Nederland geregeerd door het zompmodel

Tijdens zijn verhoor door de Enquêtecommissie Woningcorporaties typeerde econoom Arnout Boot de corporatiesector als een ‘zompige wereld’. ‘Gaat de Commissie Van Vliet Haags licht werpen op de corporatiezomp?’ vroeg de Volkskrant zich af.

‘Zomp.’ Je hoort het smakken en soppen, je voelt het zuigen van de blubber aan je voetzolen. De bodem deint, één onverhoedse beweging en je zakt weg.

Zomp.

Het is een modern idée reçue dat als een overheid te veel reguleert, de samenleving zompig wordt. In de jaren vijftig zestig en zeventig waren Westerse economieën verzompt, beweerden de neoliberalen in de jaren tachtig. Te veel regels, te weinig prikkels, te veel zekerheden, te weinig uitdagingen. Te veel overheid, te weinig markt. Het moest helderder, strakker, scherper, efficiënter. Meer overlaten aan de markt, want in tegenstelling tot de overheid bevat de markt een natuurlijke afweer tegen ondoelmatigheid en verspilling. Tegen, ja, zeg maar zomp.

Nederland is nu zo’n jaar of dertig bezig met het vermarkten van overheidstaken, en als het iets heeft opgeleverd, dan is het méér zomp. Al die schandalen en debacles van de laatste jaren in al die gedereguleerde sectoren, het heeft allemaal één en dezelfde oorzaak: gebrek aan structuur, gebrek aan duidelijkheid, gebrek aan controle, gebrek aan tucht. Wij hebben van Nederland een bewolkte bananenrepubliek gemaakt. De overheid is niet vervangen door een efficiënt, zelfsturend marktmechanisme, nee, de overheid bleef gewoon bestaan en droeg haar taken, plus bijbehorende budgetten, over aan een nieuw gecreëerde sector, gerund door een anonieme bestuurskaste die het in de top van het bedrijfsleven of de politiek geen dag zou uithouden, maar in de onverlichte plooi daartussen floreerde als champignons in een grot. InHolland, Amarantis, Woonzorg, Philadelphia, Meavita, Vestia, Rochdale, St Antonius, NZa, een oneindige stoet van bebrilde vijftigers trekt aan ons voorbij, van geen van allen hebben we ooit gehoord, maar zij zijn het. De zomp.

De zorg wordt geprivatiseerd en het toezicht over die biljoenenmarkt wordt overgedragen aan een ‘autoriteit’ zonder taakomschrijving! En zonder gedragscode. Maar dit schertsorgaan heeft dan weer wél de macht om een ziekenhuisdirectie die er vrolijk op los fraudeert te vrijwaren voor vervolging. Waarom eigenlijk, vraag je je af, maar je hoort het soppen al rond je schoenen: het is de zomp.

De reactie van de verantwoordelijke minister was ook mooi: er moet ‘een duidelijk en actueel protocol met recente werkafspraken’ komen. Het galmende ‘muhahaha’ dat daarop volgde werd niet genotuleerd. ‘Een duidelijk en actueel protocol met recente werkafspraken.’ Vertaling: meer zomp.

De Raad van Toezicht, ook zo’n fijne zomp-innovatie. Honderden zijn er inmiddels, duizenden, het land is ermee overdékt. Ze functioneren niet, schrijft Rienk Goodijk in Falend toezicht in semipublieke organisaties. Redenen: vage taakopvatting, gebrekkige informatie, onvoldoende optreden, mistige verantwoordelijkheden. Samengevat: de zomp.

Zou er in plaats van al die achtereenvolgende enquêtes naar deelaspecten van deze ramp niet beter één permanente commissie kunnen worden geïnstalleerd, die de komende twintig jaar non-stop onderzoek doet naar dit fnuikende verschijnsel als geheel? Ik stel voor dit de Commissie Zomp te noemen. Wij moeten het onder ogen zien: staatkundig en bestuurlijk gezien is Nederland gewoon een knoeiboel geworden. Je leest weleens in de krant over dat soort landen, ver weg meestal, waar allerlei zaken die wij vanzelfsprekend vinden niet geregeld zijn. Wakker worden allemaal: veel van dat soort zaken zijn in ons eigen land óók niet meer geregeld. Want opgeslokt door de zomp.

Bij het woord ‘polder’ denken wij aan Leeghwater en Lely en zwelt onze borst, maar ‘polder’ is vaak een ander woord voor ‘zomp’. Nederland wordt geregeerd volgens het zompmodel.