Duitsland houdt van zijn gehate buurman

Voetbaloorlog

Maandag is het veertig jaar geleden dat Oranje in München de WK-finale van West-Duitsland verloor. De animositeit is nog niet verdwenen. Een Duitse blik op de ‘voetbaloorlog’.

Bernd Hölzenbein gaat neer in de WK-finale van 1974, al dan niet geraakt door Wim Jansen (liggend). Links Ruud Krol (12) met Gerd Müller, rechts Wim Rijsbergen. De penalty werd benut door Paul Breitner. Foto AP

Waarom hebben Nederlanders lange oren? Omdat hun vaders hen aan de oren omhoog hebben getild zodat ze over de grens konden kijken: „Kijk, daar woont de wereldkampioen.”

Het klopt, deze Duitse mop is een beetje verouderd. Het is echt lang geleden dat Duitsland voor de laatste keer wereldkampioen werd. Maakt niet uit. Wat voetbal betreft zijn de gevoelens belangrijker dan de feiten. Voetbal is sowieso „oorlog” (Rinus Michels), en de voetbaloorlog tussen Nederland en Duitsland duurt nu al veertig jaar. Het begon op 7 juli 1974, toen het beste elftal – Nederland – in de WK-finale de thuisploeg, West-Duitsland, trof. Nederland scoorde. Vervolgens werd de Duitser Bernd Hölzenbein door Wim Jansen ten val gebracht, waarop de scheidsrechter een penalty gaf die tot de gelijkmaker leidde. Nederland verloor uiteindelijk met 2-1, West-Duitsland werd in eigen land wereldkampioen.

Sindsdien kent elke Nederlander het woord schwalbe, want de penalty was – volgens hen – onrechtvaardig. Volgens Hölzenbein niet. „Elke reporter zou heden ten dage zeggen dat de strafschop terecht werd gegeven”, zegt hij desgevraagd. „Bovendien heeft Nederland niet vanwege de penalty verloren. Het elftal pakte het op een veel te arrogante manier aan.”

Arrogant of niet: dit – de penalty, de Nederlandse nederlaag – was het begin van de belangrijkste voetbalrivaliteit van Europa. Maandag is het veertig jaar geleden, die finale van 1974. De achtste finale van het WK 1990 – waarin Rudi Völler door Frank Rijkaard werd bespuwd – is 24 jaar geleden. Toch leeft de vijandschap, aan beide kanten. Op een of andere manier is het begrijpelijk dat Nederland een hekel aan Die Mannschaft heeft. Tenslotte won West-Duitsland destijds. Maar hoe komt het dat wij een hekel hebben aan het Nederlands elftal, terwijl we eigenlijk van Nederland houden – en, sorry – meestal winnen? Drie Duitse stellingen.

1 Teleurgestelde liefde. Want jullie zijn begonnen.

Natuurlijk hadden veel Nederlanders in 1974 een hekel aan Duitsland. Dat is begrijpelijk omdat de meerderheid de Tweede Wereldoorlog nog had meegemaakt. Veel Duitsers koesterden toen wel bewondering voor Oranje en waren onder de indruk van zijn totaalvoetbal. Die Mannschaft had zelfs een gelijkaardig concept. Sowieso houden de meeste Duitsers stiekem van Nederland, zoals ze van alle kleine liberale landen houden. Toen West-Duitsland onverwacht wereldkampioen werd, waren de Duitsers dolgelukkig. „De finale van 1974 was de leukste wedstrijd van mijn leven”, zegt Hölzenbein nu.

Jullie hielden niet van ons. Onmiddellijk na de wedstrijd feliciteerden de Nederlanders de Duitsers wel nog met de titel. De teleurstelling en de oude haat ontwikkelden zich echter snel tot een nieuw soort haat. De meeste Duitsers begrepen pas later dat er een nieuwe rivaliteit was ontstaan. „Het is voor hen veel belangrijker dan voor ons”, constateerde aanvaller Karl-Heinz Rummenigge nog voor het EK van 1980. Pas na 1988, toen Nederland van Duitsland won op het EK en in Duitsland uiteindelijk Europees kampioen werd, deden de Duitsers echt mee aan de strijd. Deze keer feliciteerden de spelers hun tegenstanders niet. Allen bondscoach Franz Beckenbauer deed dat. De voetbaloorlog die lang had gesmeuld was uitgebroken.

2 We zijn té gelijkaardig.

Michael Gabriel weet alles van gelukkige en teleurgestelde fans, als leider van de Koordinationsstelle Fanprojekte, een centraal punt voor Duitse supporters. Hij denkt dat er – naast de Tweede Wereldoorlog – een andere belangrijke reden bestaat voor de rivaliteit. Nederland, ook al is het land klein, is een grote voetbalnatie, zegt hij. „Er bestaat – net als in een relatie tussen een grote en een kleine broer – een verlangen om zich van elkaar te distantiëren, omdat beide landen cultureel tamelijk gelijkaardig zijn. En voetbal beklemtoont het verschil.”

3 Het is gewoon grappig.

In de 21ste eeuw waren er gelukkig geen grote uitbraken van geweld tussen Duitse en Nederlandse aanhangers. De voetbaloorlog is duidelijk afgezwakt. „Tegenwoordig gedraagt iedereen zich meestal vreedzaam”, zegt Gabriel. Tijdens het EK van 2004 wandelden de fans van beide landen zelfs samen naar het stadion in Porto omdat de tram niet reed – zonder dat er ruzie uitbrak.

Toch keert het nog steeds voor elk voetbalduel terug in Duitsland: een vurige animositeit jegens Nederland. De kroegen zijn voller dan anders, in de kranten staan dagenlang verhalen over eerdere wedstrijden. En het belangrijkste: alleen voor jullie, onze lievelingsvijand, hebben wij eigen liedjes, zoals Ohne Holland fahr’n wir zur WM.

Waarom zetten wij de voetbaloorlog nog altijd voort? Deze keer ligt het antwoord voor de hand: omdat het plezierig is. Want natuurlijk weten wij dat voetbal het enige gebied is waarop Nederlanders en Duitsers nog steeds vijanden zijn. De Duitsers hebben trouwens nog steeds een heleboel moppen over Oranje. Ken je deze? Wat betekent Elfmeter in het Nederlands? Voorbij!