De fitnesswereld is een vechtmarkt

Kleine zelfstandige sportscholen verliezen de concurrentiestrijd van grote fitnessketens.

Fitness is de populairste sport van Nederland, beoefend door ruim drie miljoen mensen – van wie tweederde bij een fitnesscentrum. De Rabobank becijferde in een recent brancherapport dat er jaarlijks 1 miljard euro in de sector omgaat.

Klinkt als een lucratieve tak van sport dus. Maar voor veel betrokkenen valt dat tegenwoordig nogal tegen. Vorige week maakte zorgverzekeraar Achmea – tevens een van de grote spelers op de fitnessmarkt – bekend dat het wegens oplopende verliezen al haar 31 fitnesscentra (Achmea Health Centre) van de hand doet.

De jaren van groei in fitnessland zijn voorbij, de markt is verzadigd. In het brancherapport omschrijft de Rabobank het als een „verdringingsmarkt”. Tegelijkertijd gaat het met sommige ketens uitstekend, marktleider Basic-Fit (105 vestigingen) zegt dit jaar nog het 150ste filiaal te openen.

Wat zijn de belangrijkste ontwikkelingen op de fitnessmarkt?

1 De ketens zijn in opmars

Nederland telt zo’n 1.600 fitnesscentra. En steeds meer van die centra zijn onderdeel van een keten. „De kleine zelfstandige keten heeft moeite met overleven. Het is een enorme vechtersmarkt”, zegt Martijn Rol van de Rabobank. Ketens worden doorgaans professioneler gerund. Ook profiteren ze van schaalvoordeel bij inkoop en reclame.

De helft van de zelfstandige fitnesscentra lijdt verlies en er zal nog een groot aantal failliet gaan, meent directeur Philip Pijpers van adviesbureau Kentrium. „Er is een shake-out bezig.” Dat past volgens hem in een bredere trend: „Er zijn ook bijna geen zelfstandige supermarkten meer.”

2 Je móet kiezen: budget of luxe

Een budgetfitnesscentrum zoals Basic-Fit biedt precies dat: de basis (dus cardio en krachtfitness) voor een lage prijs (15,95 euro per maand). Ook zijn er soms (tegen bijbetaling) groepslessen.

Een luxe fitnesscentrum biedt veel meer. Dus ruimere kleedhokjes, begeleiding, spinning, uitgebreide groepslessen en geregeld ook een zwembad, zonnebanken of squashbanen. Een voorbeeld is Sportcity, waar het duurste abonnement 50 euro per maand kost. „Het is een trend dat centra multifunctioneler worden”, zegt Pijpers. Denk ook aan voedingsadvies en fysiotherapie. De meeste fitnesscentra die tussen budget en luxe in zitten, hebben een probleem. „Het middensegment staat echt onder druk”, stelt Rol. Dat benadrukt ook Pijpers. „Je moet je onderscheiden. Als je geen keuze maakt word je ook niet gekozen.”

3 Opkomst van franchises en investeerders

Op het vlak van eigendomsverhoudingen zijn er enkele opvallende ontwikkelingen. Door overnames enkele jaren geleden zijn de bedrijven achter de twee grootste budgetketens Basic-Fit en Fit For Free tevens eigenaar van een luxeketen: respectievelijk Healthcity en Sportcity.

Bovendien hebben investeringsfondsen de Nederlandse markt ontdekt. Eind vorig jaar nam de Britse investeerder 3i (ook eigenaar van budgetwinkel Action) voor 110 miljoen euro een belang van 55 procent in sportschoolketen Basic-Fit. Sindsdien zijn de ambities gegroeid: in minder dan een jaar tijd moet het aantal filialen met 30 procent groeien.

Ook nemen franchises in belang toe. In 2012 had het van oorsprong Amerikaanse Anytime Fitness 6 filialen in Nederland, inmiddels zijn dat er 28. Het is al jaren de snelst groeiende fitnessketen van de wereld, zegt Petro Hameleers, die het recht heeft gekocht om franchises in de Benelux te verkopen. „Het is bijna niet meer mogelijk in deze wereld om het alleen te doen.” Ook ketens als Curves (voor vrouwen), Fit20 en Fit4Lady werken met een franchisemodel.

Het openen van een nieuwe sportschool kost enkele tonnen, zo blijkt uit het prospectus van Anytime. De gemiddelde investeringskosten voor een nieuw filiaal liggen rond de 400.000 euro. Naast de eenmalige afdracht voor de licentie (30.000 euro) zijn vooral de lease van de apparatuur (ongeveer een ton) en de verbouwing (ruim anderhalve ton) duur.

In tegenstelling tot een zelfstandig centrum heeft een franchise als voordeel dat inkoop goedkoper is en dat de ondernemer kan meeliften op de publiciteit, professionaliteit en backoffice van de grotere organisatie.

4 Lidmaatschappen met een twist

Het eerder genoemde Anytime Fitness is wat de naam al suggereert: een fitnesscentrum dat altijd open is. Leden krijgen een eigen sleutel waarmee ze bij alle 2.500 clubs wereldwijd naar binnen kunnen. Zo zijn er meer nieuwe concepten. Bij keten Trainmore geldt: hoe vaker je traint, hoe goedkoper je lidmaatschap. Wie één keer per week gaat sporten betaalt 9,95 per week, wie twee keer per week gaat sporten betaalt 4,95 per week.

Ook in opkomst zijn de ‘modulaire’ abonnementen die kunnen worden uitgebreid met bijvoorbeeld groepslessen of zwemmen. En er zijn sportscholen die in plaats van een maandlidmaatschap pakketten zoals ‘Afvallen en Afblijven’ verkopen. Ten slotte bieden ook steeds meer fitnesscentra apps aan om trainingsschema’s bij te houden.

5 Een telefoontje als je niet komt

Van fitnesscentra wordt vaak gezegd dat ze rijk worden van slapende leden, maar dat geldt volgens Rol hooguit nog aan de onderkant van de markt. Bij luxeketens is namelijk sprake van een nieuwe ontwikkeling.

„Met het oog op klantbehoud bellen ze hun leden als ze een tijdje niet geweest zijn.” Pijpers adviseert fitnesscentra daar zelfs over. Hij zegt dat het bellen meestal na 18 tot 25 dagen gebeurt, afhankelijk van de club. „Ze kijken nu ook naar de frequentie van het bezoek. Als dat achteruitloopt is het ook een teken dat mensen misschien gaan opzeggen.” Want dat blijkt een van de grootste problemen van de fitnesssector: het jaarlijkse ledenverloop ligt rond de 30 à 40 procent.