Wanvoetbal

Ik haat Zwitserland. Voor alle duidelijkheid, ik haat het land Zwitserland. Er waren momenten in mijn leven dat ik er doorheen moest rijden en altijd weer dacht ik al na tien kilometer: mag het hier No Mans’ Land heten? Zwitserland is een stuk grond dat je gebruikt om zo snel mogelijk in Italië te komen.

Geslachtsloos, aangeharkt, tuttig.

Maar gisteren heb ik om Zwitserland geroepen. Het team moest mijn geliefde Argentinië de doodsteek geven. Als in een crime passionel. Ik ben al decennia idolaat van het blauwwit-gestreepte shirt, op de ploerten in de verdediging en de kwaliteiten van de aanvallers.

Ik wenste Argentinië altijd in de finale. Behalve op dit WK.

Het team speelt voetbal van twee decennia terug en heeft zich volstrekt afhankelijk gemaakt van Lionel Messi. Als slaven leveren de spelers de bal in bij hun halfgod.

Akkoord, Messi is doorgaans een van de beste voetballers ter wereld, zijn techniek oogt perfect en zijn timing buitenaards. En toch? Gisterenavond zag ik de kleine ster vaak stilstaan, met de handen in de zij. Sloom. Messi staat nooit in brand. Dat saaie gezicht – ik weet het; het gaat niet om uiterlijk, maar toch – zijn blik brengt mij niet in vervoering.

Wat er ook gebeurt, Maradona blijft voor mij onlosmakelijk verbonden met Argentinië op WK’s. Daar droop het leven vanaf.

Waar Maradona snoof, neemt Messi een hostie.

Zwitserland en Argentinië speelden beroerd. Dit was de slechtste wedstrijd van het toernooi. Kan de FIFA niet besluiten beide landen te elimineren?

Uitgesloten wegens wanvoetbal.

In de verlenging liet Messi even zijn kwaliteit zien. Dat deed hij goed. En toch bleef ik voor Zwitserland, in de laatste minuut nog bijna reuzendoder.

Deze wedstrijd maakte iets dierlijks in mij los. Dom supportersgeschreeuw waar ik me voor schaam. Vergeef het me. Morgen ben ik weer zo normaal mogelijk.

Ik haat Argentinië.

Ik boek een korte vakantie naar Zwitserland.