Tennissers en neurotisch gedrag: drie keer tikkie doen kan functioneel zijn

Nadal zet zijn drinkflesjes neer voor de wedstrijd begint op Wimbledon. Foto Andrew Yates

Vandaag zijn de kwartfinales van Wimbledon. Hoe verder in het toernooi, hoe hoger de druk en hoe meer toptennissers zullen vasthouden aan hun routinematige set van handelingen, die soms ietwat neurotisch aandoet. Maar het kan hen helpen om concentratie te hervinden. Een paar tennissers met zenuwachtige trekjes op een rij.

Nadal die zijn neus aanraakt, haar achter zijn oren stopt en zijn broekje rechttrekt. Federer die acht rackets, acht flessen water en acht handdoeken meeneemt. Djokovic die eindeloos de bal laat stuiteren voordat hij serveert; veel tennissers lijken aan elkaar te hangen van neurotisch gedrag. Toch kunnen die manisch ogende trekjes wel degelijk functioneel zijn.

Onderzoek heeft uitgewezen dat sporters die een bepaalde routine hanteren beter presteren, zegt sport- en neuropsychoog Patrick van der Molen. Veel topsporters leren daarom tijdens de training een pre- en een post-performance routine; een set van handelingen die hen een bepaalde focus geeft zodat ze zich beter kunnen concentreren.

“Je handelingen zijn vloeiender als die een automatisme worden. Die routine kan dus helpen een bepaalde mentale toestand op te roepen.”

Soms kan een bepaalde routine ook uitgevoerd worden om iets af te sluiten legt hij uit, zoals het slaan van een slechte bal.

“Ons bewustzijn kan maar een ding tegelijk. Als jij dus een bal uit hebt geslagen en je bent daar in je hoofd nog mee bezig dan heb je de kans dat je volgende actie ook weer misgaat. Daarom verrichten veel tennissers voordat ze opnieuw serveren een bepaalde handeling, zoals met hun handdoek hun gezicht afvegen, ook al zweten ze niet. Dat geeft voor hen dan aan: ‘deze bal is verleden tijd’.”

Bij ocd loopt een routine uit de hand

Ook een bepaald bijgeloof of ritueel, zoals Serena Williams die haar sokken niet wast zolang ze wint, kan nuttig zijn. Het wordt pas problematisch als een routine zo dwangmatig wordt dat iemand er zelf last van krijgt en ook bang wordt dat als bepaalde handelingen niet uitgevoerd worden er iets ergs zal gebeuren. Dan wordt het ocd (obsessive compulsive disorder), een dwangneurose om om stress te kunnen kanaliseren vertelt de sportpsycholoog, zoals je dat ziet bij Nadal.

“Als de spanning te hoog wordt, gaan mensen een systeem bedenken om dat te kunnen beheersen zoals drie keer het gas controleren voor je de deur uit gaat. Nadal (net als Sjarapova inmiddels uitgeschakeld op Wimbledon) voert allemaal rituelen uit die niet direct functioneel zijn voor het tennissen; zoals altijd uit twee verschillende flesjes water drinken, zijn handdoek precies opvouwen et ecetera.”

Overigens zijn tennissers niet de enige sporters die last hebben van dwangneurosen. Een voetballer als David Beckham bekende jaren geleden al dat alles om hen heen schoon en netjes moest zijn en recht liggen.

Bij tennis loopt het alleen meer in het oog omdat het zo’n individuele sport is. Bij teamsporten kan je je meer verschuilen achter de groep als er iets niet goed gaat. Bij tennis kan dat niet, als je verliest, heb jij gefaald.”

Tennissers en hun tikken op volgorde van hun ATP/WTA-notering:

Mannen
1. Rafael Nadal (Spanje): raakt tussen de punten door zijn neus aan, stopt zijn niet aanwezige haar links en rechts achter zijn oren, en trekt fanatiek aan zijn broekje. Staat nooit van zijn stoel op voor zijn tegenstander, moet 45 minuten voor de wedstrijd koud douchen, niet op de witte lijnen van de baan lopen en vouwt altijd zijn handdoeken op. En dit is dan nog maar een selectie van al zijn gewoonten.

2. Novak Djokovic (Servië): stuitert soms eindeloos met de bal voor het serveren. Een keer liet hij hem zelfs 38 keer stuiteren.

10. Ernests Gulbis (Letland): vraagt de ballenjongen steevast om drie ballen. Die draait hij vervolgens rond in zijn hand voordat hij er een teruggeeft en de ander in zijn zak stopt.

48. Lleyton Hewitt (Australië): zat vaak aan zijn pet tussen de servicebeurten door en riep na ieder gewonnen punt ‘come on’. Tegenwoordig is hij iets rustiger, ook misschien omdat hij wat minder vaak wint. Veegt wel na elke gespeeld punt met de onderkant van zijn T-shirt over zijn gezicht.

http://youtu.be/7AsGSkmladg

92. Blaz Rola (Slovenië): spuugt vaak even in zijn hand als hij wacht tot zijn tegenstander serveert.
http://youtu.be/y7abFtpgt5A#t=430

Vrouwen
1. Serena Williams (VS): laat de bal vijf keer stuiteren voor haar eerste opslag, twee keer bij de tweede opslag, neemt haar douchesandalen mee naar de baan, knoopt haar veters op een bepaalde manier vast en wast haar sokken dus niet meer tijdens het toernooi zolang ze wedstrijden wint.

http://youtu.be/10OTPTOTf6c

5. Maria Sjarapova (Rusland): kreunt (overigens net als Venus Williams, Francesca Schiavone en Victoria Azarenka) bij iedere bal die ze slaat en stopt ook het haar achter de oren. Ook loopt ze dus even naar de hoek van de baan terwijl ze aan haar racket pulkt.

10. Dominika Cibulkova (Slowakije): spuugt schijnbaar steeds in haar hand voor de opslag.

http://youtu.be/FBPS3S15bhQ#t=806

11. Ana Ivanovic (Servië): maakt met haar vuist een rondje en roept dan constant ‘ajde’, wat zoveel als ‘kom op’ betekent. Ook maakt ze een gek huppeltje op de plek soms voor ze serveert.

27. Svetlana Kuznetsova (Rusland): veegt de witte lijn schoon en tikt dan het gravel van haar schoenen. Als ze achterstaat stopt ze ook niet zichtbaar haar achter de oren, trekt haar shirtje recht bij de schouder, trekt haar rokje omhoog als ze door de knieën buigt.

http://youtu.be/pbLEUkmaVCE#t=150

Tennissers zijn zich er zelf ook bewust van dat hun gedrag soms misschien wat vreemd overkomt. Zo heeft Djokovic er een beetje een sport van gemaakt om andere tennissers te imiteren.