Het gaat weer lekker met GroenLinks

Met Bram van Ojik aan het roer is GroenLinks weer helemaal terug. Geen ophitserig gedoe meer, of lekken naar de media.

Een man heeft net de energie bij elkaar gefietst die nodig is om een kop koffie te zetten bij GroenLinks in Zwolle. Tijdens de campagne voor de Europese verkiezingen was milieu een belangrijk thema. Foto Herman Engbers

Voor de verandering zei een PvdA’er het eens hardop, in plaats van iemand uit GroenLinks. Marjolein Moorman, PvdA-fractievoorzitter in Amsterdam, vond een fusie tussen de twee partijen een „interessante gedachte”, zei ze afgelopen weekend in Het Parool.

Een week daarvoor zei scheidend GroenLinks-wethouder Andrée van Es ook al zoiets. Haar vrienden van de PvdA en haar eigen GroenLinks zouden elkaar moeten vinden in „een partijpolitieke toekomst, waarbij de gedegen sociale basis en de opgewekte groene ambities zullen leiden tot een nieuwe groepering”. Het wekt de suggestie dat GroenLinks, het kleintje van de twee partijen, niet meer of minder is dan de groene tak binnen het sociaal-democratische gedachtengoed.

GroenLinks-leider Bram van Ojik reageert mild en relativerend op dat soort opmerkingen – zoals eigenlijk op bijna alles. Het klopt wel, zegt hij, dat het DNA van GroenLinksers en PvdA’ers sterk overeenkomt. „Voor beide partijen geldt dat de achterban áltijd kritisch is.” Met jaloezie kijkt hij soms naar bijvoorbeeld de SP, waar nooit ‘gedoe’ is. Binnen GroenLinks weet je één ding zeker: iedereen vindt altijd overal wat van. Al is dat precies waarom Van Ojik bij GroenLinks zit, zegt hij: „Geen kadaverdiscipline, maar een partij met intern debat.”

Het parlementaire jaar dat deze week afloopt, was Van Ojiks eerste volledige jaar als partijleider van GroenLinks. Met als voorzichtige conclusie dat de partij het grote verlies van de Tweede Kamerverkiezingen – GroenLinks verloor zes van de tien zetels – van september 2012 aardig te boven is. Van Ojik kreeg na het vertrek van Jolande Sap drie verkiezingen de tijd om het tij te keren. Daarvan zijn er nu twee voorbij: de gemeenteraadsverkiezingen en de Europese verkiezingen. GroenLinks verloor, maar de mate waarin viel de partijtop mee.

Voor de laatste verkiezingen, die van de Provinciale Staten in maart volgend jaar, hopen de GroenLinksers ten minste op hetzelfde niveau te blijven als in 2011: toen kregen ze 6,3 procent van de stemmen. De afgelopen Europese verkiezingen lag het percentage al hoger dan dat.

Positieve sfeer

De sfeer in de fractie is weer goed, al een tijdje, zeggen GroenLinksers. Ook het contact met de Eerste Kamerfractie verloopt prettig. Onderling bestaat er vertrouwen. Geen ophitserig gedoe meer, geen vervelend lekken naar de media meer over interne discussies – het relletje vorige week over Tweede Kamerlid Linda Voortman die met anderen over de Nationale Ombudsman gesproken had daargelaten.

De orde handhaven is ook een stuk eenvoudiger met maar vier Kamerleden in plaats van tien. Toch zeggen partijgenoten dat die positieve sfeer wel degelijk Van Ojiks verdienste is. Hij weet bijvoorbeeld precies hoe hij met de ambitieuze Jesse Klaver moet omgaan. Hij geeft Klaver zoveel mogelijk ruimte. Die mocht alle onderhandelingen over het studieleenstelsel doen, waar het kabinet dankzij steun van GroenLinks een meerderheid in de senaat voor kreeg.

Bang dat de steun aan het leenstelsel een nieuw Kunduz-trauma oplevert zijn GroenLinksers niet. ‘Kunduz’ staat voor alle ellende waarin de partij terechtkwam vanwege steun aan de missie naar Afghanistan, in 2010. Dat zal nu niet gebeuren, terwijl er intern wel degelijk kritiek op het leenstelsel was. De jongerenorganisatie Dwars was tegen, net als de speciale onderwijsgroep van de partij. En de fractievoorzitters van de grote studentensteden hadden een brief aan de fractie gestuurd met negatief advies. Toch bleef een echte opstand uit: op een speciaal ingerichte discussieavond van Dwars kwamen „vijftien GroenLinksers en twee internationale socialisten” opdagen, vertelt Van Ojik.

Leenstelsel

Het leenstelsel is het enige grote voorstel waarmee GroenLinks afgelopen jaar het kabinet-Rutte steunde. Plus de alweer bijna vergeten 100 miljoen euro inkomenscompensatie voor gezinnen met kinderopvang die Van Ojik in oktober vorig jaar regelde met PvdA-leider Samsom. Zo had GroenLinks afgelopen jaar wel een comfortabele tussenpositie; geen die hard-oppositie, zoals de SP of het CDA. Maar de partij hoort ook niet bij de „partijen die meeregeren zonder ministers”, zoals Van Ojik de constructieve oppositiepartijen D66, ChristenUnie en de SGP noemt. GroenLinks hoeft geen grote bezuinigingen voor zijn rekening te nemen, maar is steeds wel bereid om mee te praten.

Twee weken geleden liep de deal met de coalitie plus D66 stuk over een nieuwe bestuurlijke indeling van Nederland. Dat was zonde voor GroenLinks. Steun aan een fusie van Noord-Holland, Utrecht en Flevoland in ruil voor miljoenen voor natuur en milieu was voor de partij perfect geweest. Het had steun betekend aan een plan waar GroenLinks niet zó principieel in zit en tegelijk waren bezuinigingen teruggedraaid die menig GroenLinkser buikpijn opleveren. De coalitie wilde alleen de vaste constructievelingen niet beledigen – de ChristenUnie wilde niet dat er met GroenLinks financiële afspraken zouden komen. Dus ging een akkoord dit keer over.

Probleem is komend jaar dat GroenLinks zijn zichtbaarheid moet behouden en vergroten. De grote hervormingen van het kabinet behoeven geen steun meer en dus valt er minder te onderhandelen. Van Ojik vindt dat „het kabinet met antwoorden moet komen op de grote maatschappelijke uitdagingen van deze tijd”. Hij bedoelt de stijgende inkomensongelijkheid, hoge werkloosheid en de energieafhankelijkheid.

Op duurzaamheidsgebied is voor de vierkoppige GroenLinks-fractie anders ook nog genoeg te doen. Zo is niemand van hen in de duurzaamheids-top-100 van dagblad Trouw te vinden. Onhaalbaar is zo’n notering niet: Europarlementariër Bas Eickhout staat op nummer vijf, partijvoorzitter Rik Grashoff op 46. De volgende editie verschijnt in oktober. De criteria zouden de parlementariërs toch moeten aanspreken: daadkracht, kennis, innovatiekracht, brede visie, contacten en charisma.