Dode mus

Over de – gelukkig - hoog opgelopen kwestie van de salarisverhoging bij ABN Amro heb ik nog één vraag: welke rol heeft de minister van Financiën gespeeld? Tegenover RTL Nieuws verklaarde Jeroen Dijsselbloem dat hij baalde van het bericht dat zijn nieuwe wet over het beperken van de bonussen bij banken zo slinks wordt ondergraven door staatsbankier Gerrit Zalm, die het salaris van een groot aantal managers maar vast met twintig procent verhoogde. Dijsselbloem kon er niets aan doen, zei hij, vanwege „bestaande arbeidscontracten”. Er werd niet doorgevraagd.

Ik zit er een beetje mee. Stond Dijsselbloem daar nou toneel te spelen? De staat is eigenaar van ABN Amro en zo’n loonsverhoging passeert niet zonder overleg met zijn ministerie. Als Dijsselbloem er een stokje voor had willen steken, was het niet gebeurd. Daarbij heeft DNB aanwijzingsbevoegdheid.

Bovendien had de minister van de geschiedenis kunnen leren. Recente geschiedenis: na de overname van ABN Amro door de staat in 2009 verlaagde de toenmalige minister van Financiën Wouter Bos het bonusplafond tot 100 procent. Tot dan toe kenden die bonussen geen limiet, dus Bos was er best trots op. Alleen liet hij het gebeuren dat de directie zichzelf ook toen compenseerde met uitzinnige loonsverhogingen, soms van honderd procent of meer, zodat men er eerder op vooruit dan achteruit ging. De bank werd kleiner, maar de nieuwe Raad van Bestuur koesterde oude dromen van grandeur.

Tot op heden is niet duidelijk of Bos toen heeft zitten slapen of een oogje heeft toegeknepen. Tegen de Commissie-De Wit zei oud-hoofd personeel van ABN Amro, Pauline van der Meer Mohr destijds, met gevoel voor understatement: „De minister heeft zich geen scherp onderhandelaar getoond.’’

De geschiedenis heeft zich dus gewoon herhaald. Ik had overigens verwacht dat Wouter Bos afgelopen week wel over deze actuele kwestie in zijn Volkskrant-column zou schrijven. Maar die ging over voetbal.

Dijsselbloem was van dit alles op de hoogte – hij heeft er persoonlijk mee ingestemd. Vandaar dat zijn partij, de PvdA, wel hoog van de toren blies over de manoeuvre van Zalm, maar toch afzag van een debat over de kwestie.

Het legt opnieuw de diepe crisis in de PvdA bloot. Steeds wordt daar een moreel verheven taal gesproken, over normbesef, mensenrechten en verantwoordelijkheid voor elkaar – en dan schikt men zich moeiteloos. De verdorde moestuin van Jetta Klijnsma, die deze week tot doelwit van hoon werd, is het ideale symbool voor die huidige dubbele tong van de sociaal-democratie. Een moestuin roept een beeld op van kleinschaligheid en gemeenschapszin, maar wat Klijnsma ermee uitdrukte, is dat de burger het zelf maar moet uitzoeken.

Coalitiepartij VVD vindt dat ook. De partij van Zalm heeft dan ook geen enkele moeite met de loonsverhoging bij ABN Amro. De mens is de mens, de wereld is wat ze is – er zijn winnaars en verliezers. Als je voor een dubbeltje geboren bent, kun je best een kwartje worden (Gerrit Zalm is daar zelf een voorbeeld van), maar je zult wel gek wezen als je je dat kwartje weer uit handen laat nemen. De gevraagde cultuuromslag is in zulke ogen naïef - en komt voort uit louter jaloezie en wrok.

Je kunt net zo goed om een natuuromslag vragen.

Maar de bonus-wet van Dijsselbloem is ingegeven door een besef over wat een samenleving zou moeten zijn – een leefbare verhouding tussen eigenbelang en algemeen belang. Terwijl hij zijn ministerschap opsiert met die ethische component, staat Dijsselbloem toe dat gevestigde machten ieder reëel effect van zijn maatregel ongedaan maken. Laat die wet dan maar. Het is goede sier maken voor de bühne. Een dode mus.

De ophef over de salarisverhoging bij ABN Amro is, anders dan hier en daar gedacht wordt, geen populistische oprisping tussen twee voetbalwedstrijden door, aangejaagd door mensen die niet kunnen verkroppen dat sommige mensen meer geld hebben dan andere. Doordat de bank met belastinggeld overeind gehouden wordt, zal de bank moeten wennen aan het idee dat ze iets aan de samenleving verschuldigd is. Dat lukt maar niet. En sociaal-democraat Dijsselbloem kan niet met de ene mond ethisch besef bepleiten en met de andere toegeven aan de hardnekkige drogredenen van de financiële sector. Daarom moet die salarisverhoging ongedaan gemaakt worden.