Is het zó’n dag? Ja, het is zó’n dag!

e 5-1 overwinning van Nederland op Spanje lijkt een uitdrukking aan het Nederlands te hebben toegevoegd, met als bron Jack van Gelders radioverslag van die wedstrijd. Voor wie het heeft gemist, Van Gelder versloeg het vijfde doelpunt als volgt: „Wordt het 5-1? Wordt het 5-1? Is het zó’n dag? Ja, ha, ha, ha! Het is zó’n dag! Het is zó’n dag! Het is zó’n dag!”

Als je dit leest lijkt het saai, vooral door de herhalingen, maar Van Gelder schreeuwde het uit. Per herhaling klonk er meer emotie door in zijn stem, wat dit tot een klassiek radiofragment maakt.

Dit geluidsfragment kan u overigens bijna niet zijn ontgaan, want het is sindsdien vele malen herhaald. Op YouTube is Van Gelders commentaar zelfs een hit.

Wat de kans natuurlijk groter maakt dat de drietrapsraket „Is het zó’n dag? Is het zó’n dag? Ja, het is zó’n dag!” inderdaad gevleugeld gaat worden.

De betekenis was hier: dit is een dag waarop echt álles meezit. Maar het fraaie is dat je met deze uitdrukking ook het tegenovergestelde kan zeggen, namelijk: een dag waarop echt álles tegenzit.

Anders dan bij elk voordeel heb ze nadeel / elk nadeel heb ze voordeel hoef je niet met woorden te gaan schuiven om de betekenis te veranderen. Bij „Is het zó’n dag?” maakt de toon – jubelend of somber – duidelijk wat de betekenis is.

We hadden al „Dit is een dag die je alleen in films ziet”, maar Van Gelders variant kan breder worden toegepast. Een dag die je alleen in films ziet is te mooi om waar te zijn en daardoor zeldzaam, terwijl we allemaal weleens een dag hebben waarop alles mee- of juist tegenzit.

Vroeger hoorde je nog weleens „Deze dag loopt op rolletjes”, maar dat heb ik al in geen jaren meer gehoord.

Of Van Gelder zich heeft laten inspireren door het lied ‘Vandaag is het zo’n dag’ van Samson & Gert („Vandaag is het zo’n dag / dat je heel hard zingen mag”), is mij niet bekend – ik kreeg de indruk dat hij het ter plekke verzon. Hoe dan ook zie je „Is het zó’n dag? Ja, het is zó’n dag!” (met de herhalingen) nu overal opduiken, in allerlei situaties. Ik voorspel dat we het nog een tijd zullen horen, zeker als Nederland goed blijft presteren in het Wereldkampioenschap.

De tweede wedstrijd, tegen Australië, verliep duidelijk minder soepel, daar is iedereen het wel over eens. Bij het televisieprogramma RTL Boulevard zei ex-topvoetballer Ronald de Boer het zo: „Het ging niet allemaal van een leiden dakje.”

Ik ken lieden die zeggen: „Ik heb in Leien gestudeerd.” Sommige mensen zeggen „Je er met een Jantje van Leiden van afmaken”, anderen hebben het over een „Jantje van Leien”. Ik hoor vrijwel nooit: „Het kan lijden”, wel geregeld „Het kan lijen.”

Het „Leiden dakje” was nieuw voor mij, maar natuurlijk tref je deze zogenoemde hypercorrectie vaker aan.

Op Google zijn honderden voorbeelden te vinden. Ze komen relatief vaak uit sportverslagen, onder meer op Belgische websites. Hier de wonderlijkste vondst: „De vorm van deze anale buttplug is zo ontwikkeld dat het inbrengen bovendien van een leiden dakje loopt.”

Brrr.