Catenaccio

Ziekenhuisbal, buffelstoot, tiki-taka, Geheimfavorit. Voetbal heeft zijn eigen taaltje. Waar komen al die begrippen vandaan? Elke dag schrijven we over een mooi voetbalwoord. Vandaag: het Italiaanse catenaccio.

Wat catenaccio ongeveer is, weten voetballiefhebbers wel. Een woord met een negatieve blijklank voor ons Nederlanders, omdat wij aanvallend, aantrekkelijk voetbal willen zien.

Italianen niet, zo is de indruk vaak. Die zetten liever elke wedstrijd in op een schamele 1-0 door een spits als Inzaghi, en gaan dan met z’n allen voor het hok hangen om de voorsprong te verdedigen. Wil het publiek dan niet vermaakt worden? Mwah, dat doet ze blijkbaar niets daar. Als ze voetbal vooral mooi wilden vinden, hadden ze niet overal van die sintelbanen om het veld heen.

Catenaccio is “de theorie van het doorlaten van eentje minder”, schreef Jonathan Wilson in het voor de voetbalnerd onmisbare Inverting the Pyramid (2010, naar het Nederlands vertaald als Vier-Vier-Twee). In dat boek is een heel hoofdstuk gewijd aan de tactiek, waarin Wilson schrijft dat de oorsprong niet in Italië ligt, maar in Zwitserland. Bij Karl Rappan, die al vóór de Tweede Wereldoorlog als bondscoach van zijn land een systeem uitprobeerde met vier verdedigers. Tegenstanders speelden met maximaal drie aanvallers, dus hij had altijd één extra slot op de deur. Een Zwitserse journalist noemde het systeem daarom verrou: grendel.

Rappan wilde niet vertrouwen op elf individuen met klasse en talent, maar op een team met een gezamenlijk concept, waarin alle spelers zich wegcijferden voor het gezamenlijke doel. Zo kon hij met een team zonder grote sterren toch wedstrijden winnen.

De Argentijnse trainer Helenio Herrera introduceerde het daarna bij Internazionale - en met enorm succes, zodat catenaccio (‘keten’, ook weer in de betekenis van slot) een typisch Italiaans systeem werd. Italië kwam mede daardoor bekend te staan als het land dat de beste verdedigers voortbracht. Maar of dat nog steeds opgaat, kun je betwijfelen: sinds het EK 2012 kreeg Italië 35 doelpunten tegen in 27 wedstrijden. Catenaccio is verleden tijd, Italië wil ook gewoon aanvallen.

Tegen het verwijt dat het onaantrekkelijk voetbal opleverde heeft Herrera zich overigens altijd verzet: hij vond dat het pas een lelijk systeem werd toen andere teams het overnamen en op de verkeerde manier interpreteerden.

De animatie boven dit stukje is voor nrc.nl gemaakt door Funk-e - Explanimation.