Botresten op DNA onderzoeken is een moeilijke klus. Hoe werkt dat precies?

Aanklager Betzaida Pitti met een deel van de gevonden spullen gisteren bij aankomst op het vliegveld van David, de hoofstad van de Panamese provincie Chiriqui.
Aanklager Betzaida Pitti met een deel van de gevonden spullen gisteren bij aankomst op het vliegveld van David, de hoofstad van de Panamese provincie Chiriqui. Foto EPA / Marcelino Rosario

De botresten die in Panama zijn aangetroffen in de omgeving waar eerder spullen van de vermiste Lisanne Froon en Kris Kremers werden gevonden, worden momenteel onderzocht op DNA. Maar het onderzoeken van botten, is zo makkelijk nog niet. Hoe gaat zo’n onderzoek in zijn werk?

Er zijn verschillende methoden om botresten te onderzoeken op DNA-materiaal, zegt Richard Eikelenboom, forensisch onderzoeker en directeur van Independent Forensic Services Colorado. Bij de ene methode verpulvert een apparaat de botten, bij de andere worden ze in stukjes gezaagd. In beide gevallen wordt het materiaal – nadat het onder extreem schone omstandigheden in stukken is gehakt - opgelost in een buisje met bepaalde chemicaliën. Daarna kan het DNA eruit worden gehaald. Dat duurt enkele weken. Er bestaan snellere methodes, vertelt Eikelenboom.

Normaal gesproken wordt een methode gebruikt waarbij materiaal wordt vermalen om het vervolgens over een filter te gooien. Die filter houdt het DNA vast en laat het vuil ‘door’. Dat is een stuk sneller. Dat kan al wanneer er maar twintig cellen ergens aan kleven. Heb je alleen bot, dan kan dat dus niet. Bot op een filter gooien, heeft geen effect. Ook de eerder beschreven methode kan sneller resultaat bieden door de substantie maar een paar dagen te laten staan. Je kunt echter niet aan de buitenkant van de substantie zien of er al resultaat is. Als je er na een paar dagen al DNA uit wilt halen en het mislukt, is al je materiaal weg. Je kunt zelf bepalen op basis van kennis en ervaring hoe lang je het laat staan. Welke methode het beste werkt, wordt nog onderzocht.

Onderzoek kan enkele dagen tot weken duren

Eerder zei Johanna van der Meij van Independent Forensic Services B.V tegen RTL Nieuws dat de hierboven genoemde oplossing in het buisje enkele dagen moet rusten. Na deze periode wordt het kalk uit het materiaal verwijderd en kan er een DNA-profiel worden opgesteld. Volgens Van der Meij duurt dat proces een paar dagen. Eikelenboom hierover:

“Ik ben het met mijn collega eens dat de test in enkele dagen kan worden uitgevoerd. De vraag is of dan een goed resultaat wordt verkregen. Als het DNA van slechte kwaliteit is, dan is enkele weken realistischer.”

Bij een benefietavond in de sportschool in Amersfoort werden vorige maand kaarsjes voor Lisanne en Kris gebrand.

Bij een benefietavond in de sportschool in Amersfoort werden vorige maand kaarsjes voor Lisanne en Kris gebrand. Foto ANP / Jeroen Jumelet

Ook zou hij er niet vreemd van opkijken als er nog huid en weefsel op de botten aanwezig is. “Dan kunnen de eerste resultaten binnen twee dagen bekend zijn.” Maar, vult hij aan, het feit dat onderzoekers materiaal met hun blote handen hebben aangeraakt, is een probleem:

“Je ziet op de foto’s al dat de onderzoekers niet goed zijn beschermd en het is dus waarschijnlijk dat zij DNA op de stukken (en de botten) hebben achtergelaten. Daarmee hebben ze het proces bemoeilijkt. Stel dat het een misdrijf is, dat mag je nog niet uitsluiten, dan zit er naast het DNA van de dader ook DNA van de onderzoekers op het bot. Als wij het materiaal krijgen, en ik heb alleen de kennis die op de foto’s staat, moeten we daardoor eerst de buitenste laag verwijderen en dat is een extra stap. Zonde.”

‘Hoe dikker de botten, hoe makkelijker om er DNA uit te halen’

Mocht het gevonden materiaal afkomstig zijn van Lisanne en Kris, dan is het nog niet te laat om DNA te vinden. “Na tweeënhalve maand, de periode van vermissing, moet dat nog te doen zijn.” Hoe makkelijk het onderzoek is en hoe de kwaliteit van het DNA is, hangt af van de dikte van de botten, het soort botten en de omstandigheden waaronder ze zijn gevonden. “Hoe dikker de botten, hoe makkelijker het is om er materiaal uit te halen. Denk aan het dijbeen. Vocht en zonlicht breken DNA af en dat bemoeilijkt het onderzoek.” Aangezien het materiaal in de jungle is gevonden, zijn de omstandigheden waarover Eikelenboom vertelt, niet ondenkbaar. “Maar na 9/11 vond men ook botten waar nog DNA uit werd gehaald, terwijl ze zwaar verbrand waren.”

Hoe de kwaliteit van het DNA ook is, het materiaal uit botten halen, is sowieso een moeilijke klus. “In de buitenkant van het bot zit weinig DNA. Dat is dus een slechte bron. Je moet het openmaken. Als er vervolgens water bij komt in de binnenkant, gaat het rotten en heb je niets meer.” Echt goede forensische instituten moeten het onderzoek volgens Eikelenboom doen omdat het zo gecompliceerd is.

Het Nederlands Forensisch Instituut wil geen informatie geven, omdat het instituut mogelijk nog betrokken wordt in het onderzoek.