Geheimfavorit

Ziekenhuisbal, buffelstoot, catenaccio, angstgegner. Voetbal heeft zijn eigen taaltje. Waar komen al die begrippen vandaan? Elke dag schrijven we over een mooi voetbalwoord. Vandaag: het Duitse Geheimfavorit.

Er zijn momenten dat je jaloers bent op de Duitse taal. Niet vanwege al die hoofdletters bij zelfstandige naamwoorden, maar wel om de vele mooie, eigen woorden die ze (ook) op voetbalgebied tot hun beschikking hebben. Viceweltmeister, Traditionsverein, Glanzparade, Gastgeber, Fliegenfänger, Fahrstuhlmannschaft. Toen de Hamburgse cultclub FC St. Pauli in 2002 van wereldbekerwinnaar Bayern München won, werd onder supporters het t-shirt met de trotse term Weltpokalsiegerbesieger (letterlijk wereldbekerwinnaaroverwinnaar) populair. Werkelijk schitterend.

Het gaat zelfs zo ver dat wij voetbalwoorden van de Duitsers overnemen omdat we er zelf überhaupt geen goed eigen woord voor hebben. Zoals Ausputzer, de laatste verdediger wiens taak het is de bal als laatste redmiddel ver weg te trappen. Of Angstgegner, een ploeg die voor een specifieke andere ploeg altijd lastig te bespelen is. En Schwalbe - nog steeds veel gangbaarder onder Nederlanders dan ons eigen fopduik om te beschrijven dat een speler een strafschop of vrije trap wil versieren door gemakkelijk te vallen.

Een van de allermooiste Duitse voetbalgerelateerde woorden is Geheimfavorit. Ook al zo’n woord waar het Nederlands geen goede vertaling voor heeft, al vallen we in dit geval zelden terug op het Duitse alternatief. In de afgelopen twintig jaar deden de Nederlandse kranten het welgeteld twee keer. “Gisteren lieten ze zien dat ze niet voor niets door sommigen als Geheimfavorit worden gezien”, schreef Het Parool tijdens het WK ‘98 over Joegoslavië, dat toen Duitsland in de poulefase op 2-2 hield (maar daarna werd uitgeschakeld door Oranje). En aan de vooravond van het WK 2006 in Duitsland schreef De Telegraaf dat Nederland “een ‘Geheimfavorit’ genoemd” werd.

Nee, wij lenen bij gebrek aan een eigen woord liever van de Engelsen. We hebben het over de outsider (alleen in NRC dit jaar al meer dan 20 keer) of de dark horse.

“We zijn outsider. Geen favoriet, maar ook niet kansloos”, zei Van Gaal in maart over onze kansen op dit WK. En de NOS noemde Bauke Mollema vorig jaar binnen 3,5 minuut zowel “een gevaarlijke outsider” als “onze dark horse” bij Luik-Bastenaken-Luik.

Mooi Engels is niet lelijk, maar het idee dat een team of sporter ‘in het geheim’ zomaar zou kunnen winnen, is nog iets fraaier.

De animatie boven dit stukje is voor nrc.nl gemaakt door Funk-e - Explanimation.