Tiki-taka

Ziekenhuisbal, buffelstoot, catenaccio, angstgegner. Voetbal heeft zijn eigen taaltje. Waar komen al die begrippen vandaan? Elke dag schrijven we over een mooi voetbalwoord. Vandaag: het Spaanse tiki-taka.

Het was een Spaanse televisiecommentator die de term tijdens het WK 2006 voor een groot publiek introduceerde. Tiki-taka. De speelsheid die erin doorklinkt kan je niet ontgaan, zelfs al weet je niet wat het betekent. Bij tiki-taka speel je geen verdedigend, saai anti-voetbal, dat hóór je.

Het is een onomatopee: een woord dat ontstaat door het nabootsen van een geluid. Hier gebruikt voor het snelle samenspel van het nationale elftal, waar men elkaar vond met kleine, snelle passjes. Tik, tik, tik. Met tiki-taka (in het Spaans tiqui-taca) is er minder aandacht voor een opstelling waarin elke speler een vaste positie heeft; het hele team moet swingend het veld over gaan en elkaar blindelings vinden op weg naar het vijandelijke doel.

Een training van het Spaanse elftal voor het WK 2014:

Meer nog dan het Spaanse elftal werd Barcelona daarna (vooral onder trainer Pep Guardiola, 2008-2012) wereldberoemd met het spelen van dat systeem, al zijn er kenners die beweren dat de club onder Johan Cruijff (1988-1996) al de weg insloeg naar veel kort combinatievoetbal met behendige, snelle spelers. Men had er alleen dat woord nog niet voor.

In 2010 schreven Nederlandse kranten pas het eerst over de term, in berichtgeving voor en na El Clásico, zoals een ontmoeting tussen aartsrivalen Barcelona en Real Madrid genoemd wordt. De Catalanen vernederden Real toen (5-0) met “weergaloos combinatievoetbal”, schreef het Brabants Dagblad. Het AD definieerde tiki-taka als “een oneindige combinatie”.

De 2-0 van die avond, na 21 balcontacten binnen een minuut:

Het is geen toeval dat er slechts twee teams zijn die het tiki-taka goed kunnen spelen. Het Spaanse elftal leunt al jaren op een kern van Barcelona-spelers: Piqué, Busquets, Xavi, Iniesta. Technische begaafde voetballers die het niet van fysieke kracht moeten hebben. Wie niet sterk is, moet slim zijn. Bovendien kennen die jongens elkaar van jongs af aan en weten ze daarom zo goed waar de ander loopt en wat die verwacht.

Je speelt het niet zomaar, dat tiki-taka. Daar gaan jaren overheen.

De animatie boven dit stukje is voor nrc.nl gemaakt door Funk-e - Explanimation.