Corridor of uncertainty

Voetbal heeft zijn eigen taaltje. Waar komen al die begrippen vandaan? Vandaag: de Engelse corridor of uncertainty.

Laat het maar aan de Engelsen over om met voetbaljargon te komen dat zo poëtisch is dat het net zo goed de titel van een gedicht kan zijn. De corridor of uncertainty is het gebied tussen de laatste verdediger en de keeper: als de pass van de aanvallende partij precies in dat twijfelgebied belandt, weten ze allebei niet of ze moeten reageren of het moeten overlaten aan de ander.

De term komt oorspronkelijk uit het cricket, waar de slagman moet beslissen een bal te slaan of te laten gaan. De Britse commentator en ex-cricketer Geoffrey Boycott claimt dat hij er ter plekke mee op de proppen kwam tijdens een wedstrijd van het Engelse team in 1990. Toch was hij niet de eerste, want meerdere mensen in de cricketwereld schreven de term tussen 1986 en 1989 al toe aan Terry Alderman, een Australische cricketer die medespelers zou hebben geadviseerd de bal altijd precies dáár te spelen.

De corridor werd daarna overgenomen in het rugby, om in 1992 als eerst op te duiken in een geschreven voetbalverslag: ‘Wark picked out Leeds’s corridor of uncertainty with a cross that Jason Dozzell dispatched emphatically’, schreef The Independent over de wedstrijd Ipswich Town - Leeds United (4-2). Het sloeg niet echt aan: tot ongeveer 2005 was het gebruik in het voetbal erg spaarzaam. Daarna werd het langzaam steeds normaler.

Is er eigenlijk een goede Nederlandse vertaling? Min of meer. Niemandsland komt het dichtstbij. Niet zo mooi als de term waar de Engelstaligen over beschikken, maar goed.