Vier vragen over...

Het mysterie van het inflatiemandje

LEIDSCHENDAM - Een mandje vol boodschappen in een Jumbo in Leidschendam. Supermarktketen Jumbo neemt branchegenoot C1000 over van investeringsmaatschappij CVC Capital Partners. ANP PHIL NIJHUIS
LEIDSCHENDAM - Een mandje vol boodschappen in een Jumbo in Leidschendam. Supermarktketen Jumbo neemt branchegenoot C1000 over van investeringsmaatschappij CVC Capital Partners. ANP PHIL NIJHUIS Foto ANP

Hoe een van de belangrijkste economische cijfers tot stand komt is een raadsel. Vandaag maakte het Centraal Bureau voor de Statistiek weer de maandelijkse inflatie bekend. Voor iedereen belangrijk, want loon, huur en vrijwel alle prijzen worden aan de inflatie aangepast.

Maar hoe wordt dat inflatiecijfer (0,8 procent in mei) eigenlijk berekend? “Op basis van prijswijzigingen in een mandje goederen en diensten”, zegt het CBS.

Wat zit er dan in dat mandje?

Dat blijft vaag. Volgens het CBS zo’n 1.400 goederen en diensten. Maar het statistiekbureau zegt niet precies welke en houdt het doorgaans op categorieën als vlees, fruit en autobrandstoffen.

De database van het CBS is wat uitgebreider. Daar wordt vlees nog wel toegespitst in rundvlees, varkensvlees en pluimvee. In totaal komt men dat tot zo’n 250 productgroepen: nog steeds flink minder dan 1.400.

Is het in het buitenland anders?

Jazeker. De Amerikanen zijn beduidend opener en noemen de producten (zonder merknaam) op basis waarvan ze de inflatie berekenen expliciet: van Valencia sinaasappels tot Frankfurters. Ook het Britse bureau voor de statistiek treedt in detail en splitst een categorie als fruit op in twintig verschillende producten als kiwi, peer en bosbessen.

De Britten maken ook jaarlijks duidelijk welke producten worden vervangen en waarom. Zo werd vorig jaar de meting van de verkoop van bubbels in de pub ingeruild voor witte rum omdat er steeds meer cocktails worden gedronken. En dit jaar voegden ze video-on-demand-diensten zoals Netflix toe.

Meten we in Nederland niet zo uitgebreid?

Dat is niet te controleren. Het CBS zegt van wel. “Als wij het idee hebben dat er voldoende geld aan wordt uitgegeven dan nemen we het op”, zegt CBS-hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen. Bij supermarktartikelen gebeurt dat automatisch omdat het CBS per product alle verkoopdata doorkrijgt. “Als Spelt-brood genoeg verkoopt, tellen we het mee.”

Dit jaar verwijderde het CBS schoenmakers uit de lijst omdat Nederlanders daar geen geld meer aan uit zouden geven. Ook textiel om thuis kleding mee te maken werd verwijderd.

“We hebben experts op verschillende gebieden, bijvoorbeeld elektronica. Als er een nieuwe telefoon uitkomt dan wordt dat meegenomen”, zegt Van Mulligen. Maar of de iPhone 5 of bosbessen meetellen, wil het CBS niet zeggen.

Waarom doet het CBS zo mysterieus?

Ook dat blijft onduidelijk. Het eerste antwoord van het CBS is dat met meer openheid mensen de inflatie kunnen beïnvloeden. “Dan kun je als winkelier de prijs verlagen en er goedkoop uitkomen.”

Een wat onwaarschijnlijke verklaring. Het gewicht van de verschillende categorieën is zo klein dat alleen een groot complot voor inflatiebeïnvloeding zou kunnen zorgen. En wat heeft een winkelier/handelaar er überhaupt aan om de prijs van een blik tonijn te verhogen of verlagen met als doel de inflatie te sturen?

In een later antwoord stelt het CBS dat men dan gedetailleerde informatie over de steekproef moet prijsgeven. ”Dat druist in tegen ons beleid van geheimhouding.  Bij veel artikelen is bijvoorbeeld de merknaam opgenomen of is af te leiden bij welke berichtgever dat artikel wordt waargenomen.”

Ook op dat antwoord valt het nodige aan merken. De Britse en Amerikaanse collega’s zijn immers ook discreet maar een stuk duidelijker.

Voor wie het CBS niet op de blauwe ogen wil geloven, biedt het bureau een uitstekend alternatief: een online rekentool waarmee mensen hun eigen inflatie kunnen berekenen.

Het CBS doet open

UPDATE: Op 10 juli presenteerde het CBS voor het eerst een veel uitgebreidere lijst met de ingrediënten van het inflatiemandje.