Schrap het vrouwenquotum voor orkanen

Een mild zeebriesje kan met een gerust hart ‘Marietje’ worden gedoopt, maar orkanen van de hoogste categorie verdienen een naam die angst inboezemt, meent Stephan ter Borg.

Orkaan Katrina in 2006 door een satelliet vastgelegd. Reuters / NOAA

Het is misschien wel een van de meest vertelde moppen ter wereld: ‘Wat is de overeenkomst tussen een vrouw en een orkaan? In het begin zijn ze nat en wild, maar als ze vertrekken nemen ze je huis en auto mee.’ Lachen. Maar tot ieders verbazing bleek deze uitgekauwde klassieker plotseling een kern van de waarheid te bevatten. Een groep Amerikaanse wetenschappers publiceerde deze week een artikel waaruit blijkt dat orkanen met een vrouwelijke naam tot wel vijf keer zo veel slachtoffers maken als orkanen met een mannelijke naam.

Die conclusie wekt in eerste instantie bevreemding. Het ligt immers veel meer voor de hand dat de mannelijke orkanen, met hun jongensachtige branie en tomeloze masculiniteit, de meeste slachtoffers maken. Juist die assumptie blijkt het probleem. De onderzoekers concluderen dat mensen het gevaar van een orkaan onderschatten wanneer die een meisjesnaam heeft. Proefpersonen kregen een denkbeeldig scenario voorgelegd waarin ze geconfronteerd werden met orkaan ‘Alexander’ of orkaan ‘Alexandra’. De mannelijke variant noopte tot uitgebreide voorzorgsmaatregelen, de vrouwelijke niet.

De onderzoekers kiezen voor de negatieve interpretatie dat vrouwen kennelijk niet serieus genomen worden. Ofwel: de seksisten hebben het weer gedaan. Met hetzelfde gemak kan echter beweerd worden dat vrouwennamen kennelijk een gevoel van vertrouwen en geborgenheid oproepen dat zelfs standhoudt wanneer de sirenes beginnen te loeien. En is het nou echt zo erg dat mensen vrouwen eerder associëren met cupcakes en bloemetjesgordijnen dan met omgevallen elektriciteitsmasten en rondvliegend puin?

Het is dan ook verleidelijk om dit onderzoek af te doen als het zoveelste redactievriendelijke broddelwerkje van de fopwetenschappelijke vakgroep sociaalpsychologie, in de eerste plaats geschreven voor persbureaus, niet voor peer reviewing. Het zou flauw zijn om de onderzoekers erop te wijzen dat mannen niet massaal met een rode roos tussen hun tanden geklemd naar buiten rennen zodra een superstorm met bevallige meisjesnaam zich aandient. Nee, het onderschatten van orkanen gebeurt vooral onderbewust.

Ik sluit niet uit dat de naamgeving van een orkaan wel degelijk meespeelt bij de manier waarop mensen ze beoordelen. Een orkaan die ‘Djengis’ heet roept allicht sterkere reacties op dan dezelfde orkaan die als ‘Hans’ door het leven gaat. Maar datzelfde geldt voor robuuste vrouwennamen als ‘Bertha’ en ‘Edith’. Op dit moment krijgen orkanen afwisselend een meisjes- of een jongensnaam toebedeeld. Als de uitkomst van dit onderzoek klopt, moet aan dat automatisme onmiddellijk een einde komen. De daartoe bevoegde instanties dienen orkanen een naam te geven die recht doet aan hun verwoestende kracht.

Een mild zeebriesje kan met een gerust hart ‘Marietje’ worden gedoopt, maar orkanen van de hoogste categorie verdienen een naam die angst inboezemt. Belangrijk is dat nieuwerwetse onzinnamen als ‘Jayden’, ‘Jip’ en ‘Waylon’ te allen tijde vermeden worden. In plaats daarvan moet gekozen worden voor de namen van oorlogsmisdadigers, kickboxlegendes en andere boemannen. Klinkende namen die uitnodigen tot een enkele reis richting de schuilkelder. En inderdaad: dat zal vaker een jongens- dan een meisjesnaam zijn. Daarmee komt een einde aan het vrouwenquotum tijdens het stormseizoen.
Emancipatie is een groot goed, maar niet wanneer er levens op het spel staan.

Het is hoog tijd voor een glazen plafond boven de Atlantische oceaan.

Stephan ter Borg (1985) is schrijver van de schelmenroman Orang-oetans drijven niet.