Echt Amsterdam

Zijn boek beleefde onlangs zijn zoveelste herdruk en vandaag opent in het Stadsarchief een foto-expositie met zijn werk. Ed van der Elsken, algemeen beschouwd als dé fotograaf van Amsterdam. Het echte Amsterdam.

Nieuwmarkt, 1958.
Nieuwmarkt, 1958.

In Zuid fotografeerde hij niet; „Goudkust”, noemde hij die buurt. Liever liep straatfotograaf Ed van der Elsken rond in de ruigere delen van de stad: Zeedijk, Nieuwmarkt, Kinkerbuurt, noem maar op. Buurten met „gabbertjes” die ‘ha ome Sjaak’ of ‘dag moppie’ zeiden, zoals hij in de inleiding van zijn fotoboek Amsterdam! schreef. Dat boek, uit 1979, met foto’s uit de twee decennia daarvoor en vormgegeven door Anthon Beeke, is onlangs opnieuw uitgegeven door platenlabel Top Notch. In deze herdruk zijn originele negatieven digitaal geretoucheerd. In het Stadsarchief opent vandaag de expositie met alle 450 foto’s uit het boek.

Het zijn portretten en straattaferelen van naoorlogs Amsterdam. Arm (oma’s die in prullenbakken graaien), grauw, maar ook zich herstellend. En de tijd daarna, de jaren zestig: broeierig met de opkomende jongerencultuur (twisten in het Krasnapolsky!), een vrijere seksualiteit, politieke protesten en het ter discussie stellen van het gezag. Alle foto’s zijn in zwart-wit. Kleur hebben ze niet nodig. Het leven spat ervan af.

Het knappe aan zijn werk is dat het Van der Elsken lukte om de tijdsgeest te herkennen en vast te leggen. Taferelen of mensen waarvan op dat moment werd gezegd: „Wat is daar nou zo bijzonder aan?”, maar die later een iconische status kregen. Neem de beroemde foto van het ‘suikerspinmeisje’ op de kermis. Jaren-vijftig-bril, getoupeerd haar, ze kijkt het beeld uit. „De hele stad liep ermee [dat haar], die meiden toentertijd. Hij fotografeerde dat, hij pikte er een uit”, zegt een kennis van de fotograaf in de audiotour.

Voor Van der Elsken was werken vooral op straat lopen, met zijn Leica- camera. Rondlopen tot hij iets interessants zag en dan precies op het juiste moment schieten. „Hij was aanwezig op straat, maakte opmerkingen, grapjes en knipogen, was voor niemand bang en legde makkelijk contact”, schrijft het Stadsarchief over zijn werkwijze. Hierdoor lukte het hem makkelijk om ‘nozems’ en andere outsiders van de straat voor zijn camera te laten poseren. Zij vertellen nu, met krakerige stemmen, over deze momenten in de audiotour. In de beelden van deze outsiders is de invloed van zijn Parijse jaren te zien, waar hij na de oorlog vijf jaar woonde en bohemiens fotografeerde.

De expositie in het Stadsarchief oogt als een documentaire van de stad in stilstaande beelden. Elke foto (100 originele drukken hangen in het midden van de ruimte) beeldt een Amsterdams tafereel uit. Tezamen vertellen de beelden een groter verhaal, dat van de opkomende jongerencultuur, politieke protesten en de tristesse van de vervallen Jodenbuurt, als een litteken in de stad.

De timing van de expositie en de herdruk van het boek passen goed in de nostalgietrend van de laatste jaren in de stad. Facebookpagina ‘Oud Amsterdam’ (met archiefbeelden) heeft 52.000 likes; het is gewoonte geworden om de stad met een retro In- stagram-filter te fotograferen. Ook is straatfotografie en het verhaal van de ‘gewone mens’ weer populair dankzij blogs als Humans of Amsterdam.

Het paradoxale is dan weer dat de foto’s van Van der Elsken enerzijds een oud, authentiek Amsterdam tonen, maar dat zijn foto’s ook laten zien hoe razendsnel een stad verandert. Na afloop, op straat, is alleen van het decor nog wat over. De spelers zijn nieuw, de verhalen zijn anders. En de kwaliteit van de foto’s van Ed van der Elsken? Die verandert niet.