Wetenschap

Zorg dat je man bent en twee andere tips voor academisch succes

Foto HH

Het gevecht om een vaste aanstelling in de wetenschappelijke wereld is heviger geworden. Op Nederlandse universiteiten steeg het aantal fte’s voor promovendi sinds 2006 met 26 procent. Maar het aantal beschikbare banen in de academische wereld nam de laatste jaren niet toe of daalde zelfs. Bovendien krijgen academici steeds vaker tijdelijke contracten aangeboden.

Meer promovendi, minder banen…

… en meer tijdelijke contracten

Des te belangrijker om te weten aan welke voorwaarden je moet voldoen om succes te hebben in de universitaire wereld: publiceer in toptijdschriften, studeer aan een universiteit met een hoge ranking, en zorg dat je man bent. Dan schop je het hoogstwaarschijnlijk tot leider van een onderzoeksgroep. Dat rolt uit een analyse onder ruim 25.000 biomedische onderzoekers, die gisteren is gepubliceerd in het tijdschrift Current Biology.

Ranglijsten zijn zaligmakend

Met hun onderzoek laten de drie auteurs zien hoe zaligmakend ranglijsten zijn geworden bij het toekennen van promoties en subsidies. Terwijl het Centrum voor Wetenschaps- en Technologiestudies in Leiden onlangs nog in een advies aan de regering schreef dat met dit soort ‘bibliometrische parameters’ toponderzoek slechts beperkt is te identificeren.

Uit de analyse in Current Biology blijkt nu dat het aantal publicaties in toptijdschriften de belangrijkste voorspellende factor is voor een wetenschappelijke carrière. En dat lijkt misschien logisch, maar die ranglijsten zijn vaak samengesteld op basis van een beperkt aantal criteria. Of zelfs op dubieuze criteria.

Voor tijdschriften is er bijvoorbeeld de impact factor, een cijfer dat het aanzien weergeeft. Maar de factor zegt niks over impact en kwaliteit van een individueel artikel. Een onderzoek kan in een toptijdschrift verschijnen, en vervolgens heel weinig worden aangehaald door vakgenoten. Wat is dan de waarde? Bovendien kunnen tijdschriften hun impact factor manipuleren, bijvoorbeeld door auteurs te vragen om veel te refereren aan eerdere publicaties in het eigen tijdschrift.

Dit zijn de meest invloedrijke wetenschappers aller tijden, volgens de gezaghebbende Hirsch-index.

Toch zijn er ook nog wetenschappers met weinig publicaties in toptijdschriften die het desondanks tot groepsleider schoppen. Zij kenmerken zich met name door hun lange lijst van publicaties. Ze hebben twee keer zo veel artikelen waarbij ze eerste auteur zijn, vergeleken met onderzoekers die geen groepsleider werden.

Verder lijkt het zaak om bij artikelen niet te vaak in het midden van een auteurslijst te staan. Zeker niet als er veel co-auteurs zijn. Dat lijkt eerder nadelig voor de carrièrekansen.

Topuniversiteit levert ‘beste’ wetenschappers

Verder blijkt het geslacht ook voorspellende waarde te hebben voor de wetenschappelijke carrière. Het is beter om man te zijn, dan vrouw.

Ook de ranking van de universiteit waar je bent afgestudeerd en gepromoveerd speelt een rol. Hoe hoger die ranking, hoe eerder je groepsleider wordt. Voor deze analyse is uitgegaan van de Shanghai Ranking. Op die ranglijst staat Harvard University al tien jaar op de eerste plaats.

Voor Nederland stond de Universiteit Utrecht vorig jaar het hoogst op deze ranglijst, op positie 52, gevolgd door Leiden (74) en Groningen (92). Er zijn meer van dit soort rankings, en universiteiten scoren er erg uiteenlopend op.