Mode

Waarom zijn er zo weinig zwarte modellen in de Nederlandse modewereld?

Imaan Hammam
Imaan Hammam Foto HH

Loop door een drukke straat in een gemiddelde stad en je ziet dat Nederland allang niet meer wit is. Eenvijfde van de Nederlanders geldt volgens CBS-definities als allochtoon. Ga vervolgens een kiosk binnen en bekijk de afdeling Nederlandse modebladen. Een muur van witte, meest blonde modellen en sterren kijkt je aan.

Mode is een industrie die iedereen bedient. Maar het gezicht van de mode is bijna altijd wit. Ook in de bladen: van de modellen die te zien zijn in de modereportages in de nieuwste Vogue Nederland is er één niet blank: een van de twee mannelijke bodybuilders die figureren in een fotoserie met sportieve mode. In het juninummer van Elle staat alleen op een archieffoto uit 2012 een donker model.

De voorkeur voor blanke modellen is geen Nederlands fenomeen. De Amerikaanse lifestylesite Jezebel houdt nauwkeurig de statistieken bij van de New Yorkse modeweek. Al jaren is tachtig procent van de modellen op de catwalks blank, terwijl minder dan tweederde van de bevolking dat is, en Amerikaanse ontwerpers aan de hele wereld verkopen.

In Parijs en Milaan is de situatie niet anders. Donkere modellen hebben het moeilijk. Zeker sinds Prada, een van die modehuizen die trends zet voor andere merken, er aan het begin van het millennium voor koos uitsluitend blanke, vooral blonde modellen te boeken. Als reden gaf Prada aan dat als modellen op elkaar lijken, de aandacht naar de kleding gaat. De laatste paar jaar lopen bij Prada weer Aziatische en donkere modellen mee, maar het huis valt nog steeds niet op door diversiteit.

Exotische mode

Het Afro-Amerikaanse topmodel Chanel Iman vertelde in de Britse krant The Times dat ze vaak is afgewezen  voor modeshows omdat ‘we al een zwart meisje hebben’. Ovo Drenth, een Nederlands model van Nigeriaanse afkomst dat in Nederland, Engeland en Duitsland werkt, is bij modeshows ook meestal het enige donkere model. “Ik denk dat ze zo willen laten zien dat ze niemand buitensluiten.” Als ze gevraagd wordt voor een modereportage in een tijdschrift, gaat het meestal om  heel kleurrijke of exotische mode, of iets sportiefs. “Ik zou   ook weleens gewoon een mooie high fashion shoot willen doen”, zegt ze.

Inderdaad, zegt Cécile Narinx, scheidend hoofdredacteur van tijdschrift Elle (dit najaar lanceert ze in Nederland Harper’s Bazaar), het is verleidelijk donkere modellen kleurrijke kleding aan te trekken. “Omdat het mooi staat bij een donkere huid. Of om modellen veel te laten lachen, vanwege de mooie witte tanden. Het is zo’n cliché, maar  we hebben het zelf ook gedaan.”

Volgens Narinx is het laatste nummer witter dan gebruikelijk bij Elle. “Ik heb er altijd op gelet. Het is niet meer van deze tijd om alleen blanke gezichten in een blad te hebben.” Maar, zegt ze, “een zwart model op de cover verkoopt niet. Ik heb het in 2005 gedaan, het was een van de minder verkochte nummers. Hoewel dat ook aan de boerenbonte jurk kan hebben gelegen.”

In 2012 had ze een nummer met drie verschillende covers, op elke cover een ander model: donker, Aziatisch en blond. “Dat was het slechtst verkochte ooit.” Verder heeft Elle geen donkere covermodellen gehad tijdens Narinx’ bewind. “Het was ook niet gemakkelijk ze te vinden. We hebben bijna altijd een Nederlands topmodel op de cover gehad, en er waren niet zoveel donkere.”

Nog steeds is het aanbod van niet-blanke gezichten beperkt. Op de site van Paparazzi, het Amsterdamse agentschap van topmodellen als Doutzen Kroes en Saskia de Brauw, staat er zelfs niet één. Bij het bureau van Tony Jones, een Afro-Amerikaan die al jaren in Nederland woont en vooral gespecialiseerd is in mannelijke modellen, is meer keuze – acht donkere jongens, drie donkere meisjes, een latino en een jongen van Noord-Afrikaanse afkomst. Maar op een totaal van 161 blijft het weinig.

Het probleem is dat modellen in de eerste plaats modellenproporties moeten hebben, zegt Jones. Noord-Afrikanen en Aziaten zijn vaak klein, voor donkere  modellen is het belangrijk dat ze een “fijne” neus hebben. “Een brede neus is  minder fotogeniek, waardoor lichtere donkere modellen vaak meer werk hebben dan heel donkere.”

Surinaams

Marga Weimans, een Nederlandse  modeontwerper met Surinaamse wortels, denkt dat blanke hoofdredacteuren en ontwerpers kiezen voor wit “omdat ze dat nou eenmaal goed kennen. Ik ben zwart, ik heb vriendinnen met allerlei etnische achtergronden,  dus ik kies modellen van alle continenten.”

Het is niet zo dat er geen donkere mensen in de mode werken, zegt Weimans. ”Maar die zijn vaak visagist of stylist, en dat zijn meestal minder machtige posities. Ik merkte toen ik op de academie in Antwerpen zat, dat ze mij ook het liefst richting styling zagen gaan, terwijl dat niet mijn ambitie was. Ik kreeg zelfs de stylingprijs van i-D magazine. Maar ik ben ontwerper, geen stylist.”

Dat de Nederlandse modebladen zo wit zijn, vindt Weimans “lachwekkend”. Boos werd ze toen Vogue Nederland vorig jaar  een blank model zwart schminkte en  een kroespruik opzette, en toen Grazia het afrokapsel van model Noami Campbell onlangs vergeleek met een vogelnestje (“Naomi, je haar piept“). Weimans: “Zo ongevoelig. Alsof ik een klap in mijn  gezicht kreeg. Maar de storm reacties op blogs en Twitter loog er niet om.”

De modewereld is niet immuun voor het verwijt dat ze te weinig diversiteit laat zien. De Afro-Amerikaanse Bethann Hardison, een voormalig model en modellenagent die Amerikaanse en Europese topontwerpers aanspreekt op hun modellenkeuze, werd hiervoor onlangs beloond met een belangrijke prijs van de overkoepelende organisatie van Amerikaanse modeontwerpers. En er zijn bladen die het wel  goed doen, zoals de Amerikaanse Vogue. Dat laat een diverser beeld zien, ook op de cover.

Vogue Italia had in 2008 als protest tegen het gebrek aan kleur in de mode een nummer met uitsluitend zwarte modellen. Het was de best verkochte editie ooit. Maar het blad is zijn voortrekkersrol alweer kwijt. Niet alleen duurde het vier  jaar voor het weer een donker covermodel had, het kwam laatst in opspraak vanwege een reportage waarin een wit model bruin was gemaakt. En het kreeg kritiek vanwege de Black-sectie op de site, waar vooral foto’s staan van zwarte sterren en zwarte bezoekers van gala’s en shows. Zoals de Afro-Amerikaanse journalist Jason Campbell schreef: “Alsof er een aparte lens nodig is om ons stijlgevoel te waarderen.”