Brazilië sluit SBM uit wegens omkoopaffaire

SBM Offshore dreigt een van zijn grootste klanten kwijt te raken nu Petrobas in Brazilië geen zaken meer wil doen.

Volgens maritiem dienstverlener SBM Offshore is er „geen overtuigend bewijs” voor omkoping in Brazilië. Desondanks mag het Nederlandse bedrijf in dat land voorlopig niet meer meedingen naar grote opdrachten. Na aanhoudende beschuldigingen dat SBM Offshore het Braziliaanse staatsoliebedrijf Petrobras zou hebben omgekocht, besloot de Braziliaanse regering het bedrijf uit te sluiten.

Dat bevestigde bestuursvoorzitter van Petrobras, Maria das Graças Foster, deze week tijdens een hoorzitting in de Braziliaanse hoofdstad Brasilia. Graças Foster werd gehoord omdat de oliegigant wordt beschuldigd van corruptie. SBM Offshore, dat onder meer drijvende olieplatforms bouwt, mag nu niet proberen opdrachten binnen te halen in het olieveld Tartaruga Verde voor de kust van Rio de Janeiro en in het olieveld Libra.

Hoeveel geld SBM Offshore misloopt wanneer het niet kan meedingen naar de grote aanbestedingen in Brazilië, is onduidelijk. Voor SBM Offshore kwam de beslissing naar eigen zeggen als een verrassing en van die aankondiging, eerder deze week, schrokken beleggers: op de beurs daalde het aandeel met 9 procent. Inmiddels is de koers weer licht hersteld.

Dat Petrobras dit besluit nu neemt, komt volgens de financiële krant Valor Econômico omdat de Braziliaanse belastingdienst onderzoek doet naar alle inkomsten van SBM Offshore in Brazilië. SBM Offshore verhuurt olieplatforms aan Petrobras, met behulp waarvan 750.000 vaten olie per dag geproduceerd worden.

SBM Offshore is sinds begin dit jaar verwikkeld in een hardnekkig smeergeldschandaal. Begin april gaf het bedrijf toe zich schuldig te hebben gemaakt aan omkoping in Angola en Equitoriaal Guinea. Ook de Braziliaanse betalingen werden onderzocht, maar daar werd „geen overtuigend bewijs” gevonden.

Wel ging een aantal „rode vlaggen” omhoog: tussen 2007 en 2011 betaalde SBM Offshore 139 miljoen dollar (102 miljoen euro) aan Braziliaanse tussenpersonen, waarvan 123,7 miljoen dollar (91 miljoen euro) aan één tussenpersoon: Julio Faerman, de belangrijkste vertegenwoordiger van SBM Offshore in Brazilië. Deze bedragen zouden zo hoog zijn geweest omdat SBM Offshore in die periode vijf drijvende platforms aan Petrobras verkocht. Naar Faerman loopt momenteel een onderzoek.

SBM Offshore heeft „de aandacht” van het Openbaar Ministerie en ook van de Amerikaanse justitie. SBM Offshore verwacht een boete te moeten betalen, zei het tijdens de aandeelhoudersvergadering vorige maand, vanwege de reeds vastgestelde omkoping in Afrika. Ook is het mogelijk dat justitie wel bewijs vindt voor omkoping in Brazilië. Dat SBM Offshore dat zelf niet heeft gevonden, betekent namelijk niet automatisch dat het niet gebeurd is.