Nederlanders spelen in marge

Hoe krachtig wordt de Nederlandse stem in het Europees Parlement de komende jaren? De versplintering in het Europees Parlement met 751 zetels is toegenomen. Dat is een gelukje bij een ongelukje: want het kan in het voordeel zijn van de maar liefst negen Nederlandse delegaties die de 26 Nederlandse zetels verdelen. Ze zijn bijna per definitie maar kleine brokjes in Europese fracties, maar alle beetjes helpen om een rol van betekenis te spelen. Zo zit het CDA met vijf leden in de grootste Europese fractie, de Europese Volkspartij. Maar die slinkt als geheel van 274 naar 211.

De liberale zeven van VVD en D66 (samen plus 1) worden zwaarder in de Europees-liberale Alde-fractie, als die inderdaad negen zetels kleiner wordt (van 83 naar 74). Al kunnen fracties nog groeien met partijen die erbij komen. Maar het is optisch bedrog te spreken van een Nederlands aandeel in de liberale Alde-fractie: de parlementariërs van VVD en D66 concurreren met elkaar om functies in de fractie en het Europees Parlement. Van innigheid is geen sprake. D66 en VVD hadden niet eens een lijstverbinding in de verkiezingen. Anders waren er acht liberalen gekozen geweest. Nu gingen de restzetels naar CDA en PvdA die wel lijstverbindingen hadden met andere partijen (ChristenUnie en GroenLinks).

Voor de Nederlandse delegaties is het in Brussel schipperen met ideeën en woekeren met mensen. Als het om de inhoud en politieke oriëntatie ging, zou niemand raar opkijken als de VVD zich aansloot bij de Europese Conservatieven en Hervormers van David Cameron, de echte geestverwant van Mark Rutte. Maar er zijn voor zover bekend geen VVD’ers die daar werk van willen maken. En niet alleen omdat ‘liberaal’ nu eenmaal nog altijd deel uitmaakt van de branding van de VVD. De Alde is ook gewoon groter en Cameron heeft verloren. Voor de VVD zit geen winst in een oversteek.

Omgekeerd kunnen politici van piepkleine delegaties succes behalen door hun persoonlijke rol. GroenLinks verliest een zetel, maar de Europese Groenen zijn allang blij dat lijsttrekker Bas Eickhout is herkozen: ze zien voor hem een belangrijke rol in het tijdperk dat aanbreekt nu Daniël Cohn-Bendit is vertrokken.

Geert Wilders blijkt meer verloren te hebben dan één zetel in het Europees parlement en wat vermogen om de binnenlandse politieke agenda te bepalen. Nigel Farage en Marine Le Pen zijn na hun zeges in het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk de sterren van de anti-Europese beweging. Een paar maanden geleden beeldde The Economist Wilders nog met dit tweetal nog op de cover af in een schip: zij zouden een Europese Tea Party-achtige beweging aanvoeren. Wilders is nu van het bootje gevallen. Ook de Vijfsterrenbeweging van Beppo Grillo in Italië deed het een stuk beter dan Wilders’ PVV.

Zoals Wilders voorspelde, zullen de zeges van de anti-Europeanen invloed hebben op de regeringsleiders in de hoofdsteden. Maar hijzelf zal daarin niet de internationale rol spelen die hem de afgelopen maanden regelmatig werd toegedicht.

Wilders is met zijn PVV tot nu toe de enige van anti-Europese bewegingen die aansluiting zoekt bij extreem-rechtse partijen met een antisemitische traditie als het Front National en de Oostenrijke FPÖ. Nu zit hij daarin gevangen. Net zo min als Rutte naar de Britten gaat, kan Wilders oversteken naar Nigel Farage, die niets moet hebben van het Front National en ook niet van de frontale anti-islamkoers van Wilders. Of het Wilders lukt met zijn vrienden een groep in het Europees parlement te vormen is twijfelachtig. Geen van die partijen, PVV incluis, is goed in het sluiten van verbonden. Dat komt niet alleen door grote ego’s, maar ook door ingebakken weerzin tegen pluriformiteit in eigen gelederen. En Wilders zal in dat gezelschap geen harmonie brengen.