... en Nederland versnippert

Bij een opkomst van 37,3 procent voor de Europese verkiezingen in Nederland moet de conclusie vooral zijn dat er niet zoveel te concluderen valt. Ook al gingen iets meer kiezers naar de stembus dan vijf jaar geleden, nu zo’n grote meerderheid van de bevolking die moeite opnieuw niet heeft genomen, moet worden vastgesteld dat Nederlanders vooral níet hebben gekozen.

Dat kan een uiting van anti-Europese gevoelens zijn, zoals PVV-leider Wilders heeft gesuggereerd, maar waarschijnlijker is dat onverschilligheid over het Europees Parlement het motief van de niet-stemmer is. In elk geval is de PVV er, anders dan geestverwante partijen elders in Europa, niet in geslaagd om de anti-Europeanen in voldoende mate naar het stembureau te bewegen. De PVV verloor een zetel, de extra zetel die Nederland aan het Verdrag van Lissabon had te danken. In dat opzicht heeft Wilders gefaald; hier wreekt zich wellicht de autocratische manier waarop hij zijn partij leidt, die al tot menig conflict en tot verbrokkeling heeft geleid.

Opvallend aan de uitslag is dat het CDA niet de meeste stemmen heeft verworven, maar wel de grootste Nederlandse partij in het Europees Parlement wordt. Anders dan D66 ging het CDA een lijstverbinding aan, met ChristenUnie/SGP, en dat levert de christen-democraten een restzetel op. Het CDA zette zo zijn al eerder ingezette herstel voort. D66, dat nu de meeste kiezers vertegenwoordigt, weigerde een lijstverbinding met de VVD vanuit de redenering dat de partij daarop niet te veel wilde lijken. Een merkwaardig standpunt omdat beide partijen gezamenlijk deel uitmaken van de liberale fractie in het Europees Parlement. D66 is wel vaker beter in stemmentrekken dan in het omzetten van electoraal succes in macht. Op links deed zich iets soortgelijks voor. De PvdA ging een lijstverbinding aan met GroenLinks en haalde zo één zetel meer dan de SP, hoewel die laatste partij meer kiezers achter zich kreeg.

De ongeveer 4,7 miljoen Nederlanders die donderdag hun stem hebben uitgebracht, bevestigen een beeld dat verkiezingen de laatste jaren vaker lieten zien: dat van een versnipperd politiek landschap. Met slechts 5 van de 26 zetels is het CDA de grootste, terwijl het aantal Nederlandse partijen in het Europees Parlement van acht naar negen gaat. 50Plus kwam maar net tekort om de tiende partij te worden. Daarmee was zij een van de vier partijen waarvoor de uitslag anders bleek te zijn dan volgens de exitpoll van Ipsos; opnieuw een bewijs hoe relatief de waarde is van dergelijke peilingen. Betrekkelijkheid geldt ook voor de uitslag zelf: die is geen aanleiding om er voor de nationale politiek en de positie van het kabinet ook maar één conclusie aan te verbinden.