Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Politie, recht en criminaliteit

Dát Gwenette dood moest, was zeker

Afgelopen donderdag werd drugshandelaar Gwenette M. geliquideerd. Het was te verwachten.

Het is oktober 2012 als Gwenette M. wordt benaderd door de Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE) van de politie. De veroordeelde drugshandelaar krijgt te horen dat hij in gevaar verkeert. Hij staat, zo vertellen de agenten, op ‘een dodenlijst.’ „Je bent mogelijk ook aan de beurt”, krijgt M. volgens zijn advocaat Nico Meijering te horen. De CIE legt een verband met een moord die een week eerder werd gepleegd in Antwerpen. Daar werd, voor een hotel, Najeb B. (34) doodgeschoten. Het is een vriend van Gwenette. De moord op Najeb is het begin van een liquidatiegolf in de Amsterdamse onderwereld. Vermoedelijke reden: een verdwenen partij cocaïne.

Afgelopen week kreeg de CIE gelijk. In Amstelveen werd Gwenette M. (40) donderdag rond tien uur ’s avonds doodgeschoten. Hij droeg, tegen zijn gewoonte in, geen kogelwerend vest. Verscheidene betrokkenen vluchten volgens de politie in een donkere BMW. Een dag later vinden buurtbewoners en journalisten nog kogelhulzen op straat.

Tussen de moorden op Najeb B. in 2012 en die op Gwenette werden nog eens vijf mensen geliquideerd die zich in dezelfde kringen begaven. Justitie, zo is tijdens rechtszittingen gebleken, ziet twee ‘kampen’: het kamp-Gwenette en het kamp-Benaouf A. De laatste is een crimineel uit Eindhoven, die steeds meer bekendheid geniet in de Amsterdamse onderwereld. Hij zit in voorarrest op verdenking van betrokkenheid bij de moord op Najeb in Antwerpen.

De ruzie tussen de twee vermeende groeperingen zou zijn ontstaan vanwege de verdwijning van 200 kilo cocaïne. Waar de coke gebleven is, is een raadsel. Het zou kunnen gaan om een ‘ripdeal’, waarbij de ene groep de drugs van de andere steelt. Het is Benaouf A. die spreekt van een ‘conflict’ tussen de twee groepen. Weekblad Nieuwe Revu citeerde eerder een afgetapt telefoongesprek van Benaouf. Die zegt daarin dat Gwenette hem wil vermoorden. En: „Iedereen in dit conflict gaat stuk voor stuk worden geliquideerd.”

Benaouf A. is al een keer ontsnapt aan een moordpoging, bij de geruchtmakende liquidaties in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt. Daar vliegen, eind 2012, kogels in het rond. Twee Marokkaans-Nederlandse mannen worden dodelijk getroffen. Benaouf springt in het water en ontkomt. Justitie gaat ervan uit dat de kogels voor hem waren bedoeld, wegens zijn veronderstelde rol bij de moord op Najeb. Er gaan geruchten dat Gwenette M. de moord op zijn vriend zou willen wreken.

Het is overigens onmogelijk dat Gwenette zelf in de Staatsliedenbuurt heeft geschoten; hij zat toen vast. Opdracht voor deze moordpartij kan hij ook lastig hebben gegeven, zegt M.’s advocaat Nico Meijering, die vrijdag een persconferentie belegde. „Mijn cliënt zat tijdens de moord in alle beperkingen. Dat betekent dat hij geen enkel contact kon hebben met de buitenwereld.”

Hoe groot de criminele status van Gwenette M. is, is onderwerp van speculatie. De feiten: hij werd tweemaal veroordeeld. Eerst tot achttien maanden cel, en in 2008 tot een gevangenisstraf van zeven jaar. Rechters veroordeelden hem voor witwassen, drugshandel, vuurwapenbezit en mishandeling.

In oktober 2012 werd Gwenette opgepakt en vastgezet, omdat de politie hem ervan verdacht een liquidatie voor te bereiden. M. liep met enkele vrienden gewapend over de Dam in Amsterdam, met kogelwerend vest en spullen die als vermomming gebruikt zouden kunnen worden. Gwenette kon het verklaren: hij was juist zelf bang om geliquideerd te worden. Dáárom had hij een kogelwerend vest aan, dáárom had hij een briefje bij zich met het kenteken van de auto van Benaouf A. erop. Meijering: „Gwenette en zijn familie zijn al tijden doodsbang dat hij wordt geliquideerd.”

Eind vorig jaar gebeurde dat al bijna. Een man sprong uit een portiek en zette een vuurwapen op het hoofd van Gwenette. Het wapen blokkeerde.

Meijering is kwaad dat zijn cliënt niet werd beveiligd. M. was voorwaardelijk vrij, in afwachting van het hoger beroep in een strafzaak over onder meer drugshandel. Na de liquidatiepoging vorig jaar bood justitie hem persoonsbeveiliging aan, maar alleen in ruil voor inlichtingen. Die wilde of kon M. niet geven. In plaats daarvan moest hij op een vast adres verblijven, en zich elke week op hetzelfde politiebureau melden. Zijn adres was algemeen bekend; het kwam bijvoorbeeld aan de orde in besprekingen met Amsterdamse stadswachten, zegt Meijering. „Mijn cliënt was een schietschijf. Het was niet de vraag of, maar wanneer hij vermoord zou worden. Het systeem in Nederland deugt niet. De CIE moet niet eerst mensen vertellen dat ze op een dodenlijst staan, en ze vervolgens niet beveiligen. Dat levert onrust op.”