Hoe oud moet je zijn voor een e-bike?

En woesj, daar is er weer een. Zilvergrijze haren, zilvergrijze e-bike. Onhoorbaar in mijn wiel gekropen terwijl ik de brug op ploeter, tegen de wind, de zwaartekracht en de wereld in het algemeen in. Met speels gemak peddelt ze voorbij en toont me de achterkant van haar terlenka-jas.

Dat gaat zomaar niet. Er zit maar één ding op: aanpoten, aanklampen en uiteindelijk, amechtig afhaken. Met mijn boodschappenkrat en kinderzitje ben ik kansloos.

De e-bike mag dan een suf imago hebben – iets tussen de Segway en de scootmobiel in – er zijn weinig uitvindingen die het straatbeeld zo ingrijpend veranderen. En zo doeltreffend een ego om zeep helpen: ingehaald worden door een vrouw op leeftijd, dat is pas disruptive innovation.

Er rijden in Nederland ruim een miljoen tweewielers met hulpmotor rond en elk jaar komen er bijna 200.000 bij. Volgens GfK is één op de vijf verkochte fietsen een e-bike. Rijwielhandelaren juichen, want ze verkopen extra dure fietsen (gemiddelde prijs 2.000 euro) die meer onderhoud vergen. Het is een bijzondere wereld met middenmotors, afneembare accu’s en trapkrachtsensoren. Hightech op het fietspad, dat er niet veiliger op wordt.

Afgelopen zondag – het was zomers warm – bleek opnieuw dat heel, héél veel mensen gelukkig worden van een e-bike. Bij het fietsknooppunt scholen ze in groepjes samen om de wereld eens even te laten zien hoe je sportief fietst.

Rijden met stille hulpmotor leidt vaak tot zelfoverschatting. Met een rijwiel van 25 kilo is het lastig manoeuvreren, zeker als je op leeftijd bent. Iedereen die een e-bike koopt zou een cursus elektrisch fietsen moeten volgen. Onder meer de Fietsersbond en VVN organiseren zulke trainingen: slalommen, leren anticiperen en oefenen op de noodstop.

Meteen verplicht stellen, zo’n elektrisch verkeersdiploma. Zeker als je bedenkt hoe makkelijk het is om een e-bike op te voeren. Met wat knutselen aan de sensoren haalt ie 40 fluisterstille kilometers per uur. Dat gaat ten koste van de actieradius maar ach, je leeft maar één keer.

Er zijn ook elektrische fietsen die standaard al sneller gaan dan 25 of 30 kilometer per uur. Als het rijwiel vooruitkomt zonder te trappen, dan is het volgens de Wegenverkeerswet al een snorfiets, alleen te berijden met blauw kentekenplaatje en een brommerrijbewijs.

Dat kan beter. De eRockit (te koop voor 13.000 euro) is een elektrische fiets die 90 kilometer per uur rijdt. Ideaal voor haastige forensen, type clip aan de broekspijp. Motorrijbewijs en helm zijn verplicht maar de eRockit heeft wel een bel, een fietszadel en trappers. Dan ben je een human hybrid, een van de ‘groene helden van de weg’. Dat klinkt toch anders dan een babyboomer met pap in z’n benen.

Hulp bij het trappen is niet langer senioren-only. Neem het Nederlandse merk VanMoof, bekend van de strak gestylede stadsfietsen zonder toeters en bellen. Deze zomer komt hun e-bike op de markt: de VanMoof Electrified. Het is geen fiets, maar een intelligent urban commuting bike à 2.248 euro. Motor en batterij zijn volledig in het frame verwerkt, Philips leverde de led-verlichting en met de ingebouwde gps-tracker kun je je fiets op je smartphone volgen terwijl de dief richting grens verdwijnt. Want e-bikes worden razendsnel gejat – het beste bewijs dat het oubollige imago achterhaald is.

Er valt dus weer iets te kiezen als je deze maand gebruik maakt van het fietsplan van de werkgever. Jammer genoeg geeft de Belastingdienst alleen een voordeeltje weg tot 749 euro – ongeveer eenderde e-bike. Je moet er wat voor over hebben om al die bionische oma’s en opa’s bij te kunnen houden.