Voor film over Turner leerde karakteracteur schilderen

Timothy Spall vertelt over zijn rol als Mr. Turner in een film over deze Britse schilder. De film gooit hoge ogen op het filmfestival in Cannes.

De Britse acteur Timothy Spall is de meest besproken man op het filmfestival van Cannes. De acteur maakt diepe indruk als de fameuze romantische landschapsschilder William Turner in de nieuwe film van regisseur Mike Leigh.

Spall en Leigh werkten al zeven keer eerder samen, onder meer in de film Secrets and Lies, die bijna twintig jaar geleden de Gouden Palm won. Volgens sommige bezoekers kan de prijs voor beste acteur Spall dit jaar niet meer ontgaan, al is het festival nog maar net begonnen. Imitaties van Spalls karakteristieke grommen en snuiven als de introverte schilder in Mr. Turner zijn onder festivalgangers een geliefd tijdverdrijf.

Voor Spall is de warme ontvangst een opluchting. „Ik ben jaren met de film bezig geweest. Ik kan nu echt niet meer beoordelen of hij goed is of niet, laat staan dat ik kan zien of ik zelf goed ben in de film. Dat kan ik misschien pas zien over een jaar of tien, dan is het bijna alsof ik naar iemand anders kijk. Daarom ben ik oprecht blij als mensen de film mooi vinden.”

Spall nam twee jaar schilderles om de rol te kunnen spelen en heeft inmiddels een door hem zelf nageschilderde Turner boven de haard hangen. „Niet om op te scheppen, maar dat is geen slechte kopie geworden.”

Hij speelt de grote Britse landschapsschilder (1775-1851) als een norse, in zichzelf gekeerde man, die zich in het dagelijks leven nauwelijks kan uiten. Alleen in zijn schilderijen geeft hij blijk van een diep innerlijk leven. Spall: „Turner was duidelijk iemand die in het tijdperk leefde vóór Freud. Mensen spraken in zijn tijd helemaal niet over hun gevoelens. Alle grote kunst uit de negentiende eeuw komt misschien juist wel voort uit die enorme repressie van emoties in het dagelijks leven. Alles ging in het werk zitten. Turner voerde dat principe ver door: hij weigerde bijvoorbeeld toe te geven dat hij buitenechtelijke kinderen had verwekt en dat hij zijn moeder, die aan wanen leed, in een gesticht liet opnemen.”

Turner onderhield verschillende liefdesrelaties met vrouwen, die hij strikt van elkaar gescheiden hield. Zijn warmste relatie is misschien die met zijn vader: een kapper, die later voor zijn zoon werkte als assistent. Turners loopbaan was een ongekend succesverhaal: afkomstig uit een arm milieu klom hij op tot lievelingskunstenaar van adellijke kringen, al moest het koningshuis niet veel hebben van zijn vernieuwende, expressieve stijl. Spall: „Turner is zijn hele leven lang blijven spreken met een vet Cockney-accent. Net zoals ik zelf trouwens, al is het bij mij wel wat minder geworden omdat ik op de Royal Academy of Dramatic Art heb gezeten. Maar mijn accent is nog steeds niet helemaal weg.”

Dankzij Mr. Turner was er zelfs even wat Nederlands te horen in een film in Cannes. De film begint namelijk in Nederland, waar Turner op bezoek is om Rembrandt en het licht en het landschap te bestuderen. (Turner maakte hier schetsen. Die reisschetsen in zijn Hollandse schetsboeken, in bezit van de Tate Gallery in Londen, worden volgend jaar in Enschede in Rijksmuseum Twenthe getoond).

In de scène in Nederland komen twee Nederlandse boerinnen langs terwijl Turner naar de zonsopgang kijkt in een weiland. De boerinnen kletsen met elkaar. Geen dialoog om over naar huis te schrijven: „Jij bent zeker de leukste thuis. Ja, op de deurknop na.” Hij is dan ook wijselijk niet ondertiteld.

Spall gaat ervan uit dat Turner diepe kwetsuren met zich meedroeg. „Ik kan dat niet bewijzen, maar persoonlijk denk ik dat hij in zijn jeugd een trauma heeft opgedaan toen zijn zusje is overleden. Volgens mij moet zijn moeder hem toen het gevoel hebben gegeven dat eigenlijk het verkeerde kind is overleden, dat hij degene was die had moeten overlijden. Die ervaring heeft zijn hele leven lang op hem gedrukt, maar hij heeft dat weten om te zetten in een enorme werkdrift. Turner was altijd aan het tekenen en schilderen – tot op zijn sterfbed aan toe.”