Overlevende mijnramp Turkije: ik ga nooit meer een mijn in

Demonstranten houden kolen in hun hand tijdens een demonstratie voor de slachtoffers van het mijnongeluk.
Demonstranten houden kolen in hun hand tijdens een demonstratie voor de slachtoffers van het mijnongeluk. AFP / Ozan Kose

Een nieuwe brand in de Turkse mijn in de stad Soma maakt de zoektocht naar de laatste vermisten momenteel onmogelijk. Het totale dodental staat inmiddels op 299. Een overlevende vertelt aan persbureau AP zijn verhaal. Hij weet wel wie schuldig is aan de ramp: zijn werkgever.

Over de oorzaak van de ramp is de 24-jarige Erdbal Bicak helder. Nalatigheid van het mijnbedrijf. Hij overleefde als een van de weinigen de ramp in een Turkse kolenmijn deze week. Een explosie vond plaats, waarschijnlijk door kortsluiting. Daarna brak brand uit. Nog altijd zijn vele mijnwerkers vermist. Vermoedelijk zijn ze dood, want de kans dat er nog voldoende zuurstof in de mijn aanwezig is, is nihil.

Bicak is niet de enige die spreekt van nalatigheid, een aantal politici is het met hem eens. De regering heeft gevraagd om een parlementair onderzoek. In Sana gingen gisteren duizenden boze mensen de straat op om het aftreden van de regering van Erdogan te eisen. Ze gooiden stenen; de politie reageerde met traangas en waterkanonnen. In Istanbul werd een menigte uit elkaar gedreven die kaarsen aanstak voor de slachtoffers. Zowel de regering als het kolenbedrijf ontkent overigens nalatig te zijn geweest.

Mensen helpen een man die gewond is geraakt door een rubberkogel, afgevuurd door de oproerpolitie tijdens een demonstratie over de mijnramp in Soma. AFP / Bulent Kilic

Zo overleefde Bicak de ramp - als een van de weinigen

Bicak was net klaar met zijn shift. Hij zat ongeveer een kilometer onder de grond en was op weg naar boven, toen hij een explosie hoorde. Zijn leidinggevenden zeiden tegen hem dat hij beneden moest blijven en gaven iedereen een oud gasmasker, dat volgens Bicak in gaan jaren meer was gecontroleerd. Er zou “een probleem” zijn. Volgens Bicak hadden ze apparaten in hun hand die het gasniveau meten.

“Het gasniveau was veel te hoog geworden. Maar dat vertelden ze ons niet op tijd. Het is de schuld van het bedrijf.”

Bicak en een vriend probeerde de uitgang te vinden, maar er hing dikke rook. Het pad was smal en steil, de rots hing laag. Ze moesten bukken om niet met hun hoofd tegen de rotsen te botsen. Ze gaven elkaar klappen zodat ze zij bewustzijn bleven.

“Ik zei tegen mijn vriend: ‘Ik kan niet doorgaan. Laat me maar achter. Ik ga dood.’ Maar mijn vriend zei: ‘We gaan hieruit komen.’”

Het lukte, uiteindelijk, al verloren ze zo af en toe het bewustzijn. Ze hadden veel geluk: van de 150 mijnwerkers met wie ze werkten, wisten er slechts vijftien levend uit de mijn te komen. Door de dikke rook kwamen veel mijnwerkers om. Volgens het mijnbedrijf droegen zij geen gasmasker.

Mensen komen samen in Istanbul om slachtoffers van het ongeluk in Soma te herdenken. AP

‘Inspecteurs checken alleen eerst honderd meter onder de grond’

Volgens Bicak zijn er nog nooit veiligheidsinspecteurs in het lagergelegen deel van de mijn geweest en hebben zij geen idee hoe slecht de omstandigheden zijn als werkers dieper onder de grond gaan. De laatste inspectie was bovendien zes maanden geleden. Leidinggevenden weten volgens hem dat inspecteurs alleen de eerste honderd meter van de mijn bezoeken, dus ruimen ze alleen dat gedeelte op, en zien ze nooit de smalle, steile gedeelten beneden. Soms zouden inspecteurs worden omgekocht.

Zijn carrière is in elk geval voorbij.

“Ik ben geen mijnwerker meer. God gaf me een kans en nu ben ik er klaar mee.”

Inwoners van Soma wijdden hun vrijdaggebed aan slachtoffers en nabestaanden. AP / Lefteris Pitarakis

    • Mirjam Remie