Hinderen van andere spelers is toegestaan

De hipste games speel je niet alleen online tegen elkaar // Je probeert elkaar in het echt te verslaan // Je staat weer samen voor de tv, of zelfs zonder tv in de kroeg

‘Joust! Joust! Joust!’ klinkt er in het Berlijnse gamecafé Meltdown. Tussen de vaste stamgasten bevindt zich een groep gamemakers die hier maandelijks samenkomt om bier te drinken, bij te praten over werk en hobby, en nieuwe spellen te spelen.

Deze keer is dat Sportsfriends, een pakket van vier moderne sportgames, dat eind 2012 via crowdfundingplatform Kickstarter 110.000 euro ophaalde bij fans.

Nu is het eindelijk af, reden om de lancering op gepaste wijze te vieren. Naast Berlijn zijn er feestjes in Londen, en verschillende plaatsen in de Verenigde Staten.

Drie van de games in het pakket zijn al getest, en allemaal vallen ze in de smaak: polsstokspringen in Super Pole Riders is hilarisch, verder dan Hokra kun je een balsport niet abstraheren, en vechtgame BariBariBall heeft verrassend veel tactische diepgang.

Nu is Johann Sebastian Joust aan de beurt. De vloer in het café wordt vrijgemaakt. De zeven spelers synchroniseren hun bewegingsgevoelige Move-controllers – een soort handvatten met lichtgevende tennisbal bovenop – met de Sony PlayStation. De zes mannen en één vrouw gaan in een kring staan; in de ene hand hebben zij hun Move, de andere hand houden ze uitdagend omhoog.

Een computerstem kondigt het begin van het spel aan. Langzame klassieke muziek begint te spelen. Het doel van het spel: beweeg op de muziek maar zorg dat je controller niet te veel schokken krijgt. Hinderen van andere spelers is toegestaan. De deelnemers bewegen zich traag door de ruimte. Een jongen in een lichtblauw shirt kijkt niet uit en krijgt een tik op zijn Move. Hij is af. Dan versnelt de muziek en kunnen de spelers zich tijdelijk heftiger bewegingen veroorloven. Chaos breekt uit. In no time is er één winnaar over. Nog een potje!

Tikkertje met oosters tintje

Videogames zijn een jong medium, maar tegelijk borduren ze voort op een oude traditie van sport en spel. Dat geldt ook voor Joust. Het is een avantgarde game én een variant op tikkertje. Met een vleugje oosterse vechtsport, aldus de maker. Dat is niet toevallig: de Amerikaanse maker Douglas Wilson deed aan het Center For Computer Games Research in Kopenhagen onderzoek naar ‘volksspellen’, onder meer bouwend op het werk van de Duitse socioloog Henning Eichberg.

Wilson bedacht allerlei maffe games voor zijn onderzoek. Zoals Dog the Wag, geïnspireerd op spijkerpoepen. Je speelt het door een Move-controller aan je broek te hangen, op handen en knieën te gaan zitten en ritmisch met je achterste te wiebelen. Dat is niet alleen leuk omdat je je lijf op onverwachte wijze moet gebruiken, maar ook omdat je in wezen een show opvoert voor de andere aanwezigen.

Ook Joust is zowel een pakkende fysieke bezigheid als een schouwspel. Wilson ontwikkelde het begin 2011 door de PlayStation Move via een omweg aan een pc-laptop te koppelen. Zo werd zijn spel een populair tijdverdrijf op gameconferenties. Nu pas is het op een PlayStation 3 of 4 te spelen.

Of Joust bij het algemeen publiek net zo’n succes wordt als bij de gamemakers in het Berlijnse café valt nog te bezien. Feit is wel dat de Sportsfriends-spellen helemaal passen in de trend van local multiplayer games: de hipste spellen speel je niet meer online tegen elkaar, maar in het echt. Dus samen voor de tv, of in het geval van Joust zónder tv. Net als vroeger.